donderdag 24 januari 2013

Donderdagbeleving; IIX Franse manieren

Morgen de grote boodschappen, vandaag dus alleen een forelletje halen voor vanavond, een citroentje erbij en door naar het doktershuis voor wat eten. Ik rijd vanuit een nat bos naar een wit landschap waar de wegen extra zwart zien door het strooien en de maar matige vorst. Ik parkeer de auto achter een busje haaks op de neuzen van de auto's die op het parkeerterrein in vakken staan. Op donderdagen is er markt en hier staan altijd een rijtje auto's. Ik klap wel de spiegel terug voor de vrachtwagens die moeten passeren. Het is al iets meer markt te bespeuren, gelukkig staat de forellenman er wel en koop ik gelijk zes eieren van het korte koppie dat ons de kippen en de -inmiddels- gekaapte haan. Ik vraag om twee kleine gevlekte visjes en voor 4 euro 40 ben ik klaar, erg kleine visjes dus. Ach goshie, zou zijn vijver bijna leeggevist zijn? Bij de groenteman staat een lange rij, maar voor die 40 centen die een citroen nu kost hoef ik niet in de rij. Een handgroet daar en een knikje hier brengt me snel in het warme huis van Nadine waar de poets altijd nog druk in de weer is. Nadine zit te werken in haar atelier aan een rugzak voor iemand, ik pak de krant en neem plaats aan de 3 meter 80 lange eettafel met 14 stoelen en lees iets over een Francaise die als jonge meid 7 jaar geleden in Mexico als medeplichtige werd opgepakt en vandaag na tig rechtzaken eindelijk vrijgelaten is. Maar het gaat over die vrijlating alleen en niet waaraan ze ooit als medeplichte berecht is. Navraag dus en JP en Nadine leggen me uit dat ze destijds een Mexicaans vriendje had die mensen kidnapte voor het losgeld. Corruptie van politieambtenaren hebben haar 7 jaar vastgezet en door een nieuwe president van de rechtbank is ze nu eindelijk weer op vrije voeten. Verder pik ik wat nieuws mee van de nieuwszender, ergens interessant voor mijn taalbeheersing, maar aan de andere kant besef ik me ook dat het meeste nieuws me niet echt raakt, het niets verandert aan ons leven. Ik maak de forellen schoon in hun keuken. Zo vers dat ze door het opensnijden nog een naschokje geven, ik word er even eng van, maar eten is eten en deze vissen zijn eerlijk gekweekt.
Uiteraard word ik weer flink belaagd met typische Franse grapjes, toch blijk ik weer een makkelijk slachtoffer. Maar goed dat me elke donderdag wel een scherp tegenwoord te binnen schiet waar net zo om gelachen wordt als dat men om mijn reacties op plagerijen lacht.
Na de koffie en le Courrier International ga ik even foto's maken van die enorme es die gesnoeid mag worden. Oops, dat wordt toch wel een pittig klusje met het puntige spijlenhek eronder en de kas. Alles afvangen dus of takje voor takje. Deze week rekenen voor een offerte, ik hoef me niet in te houden als ik naar het huis en de auto's op de oprit kijk. Terug naar de auto voor het poetsen. Het bejaardentehuis wordt van stookolie voorzien. De slangen van het kleine tankwagentje liggen uitgerold aan de andere kant van de weg en ik kijk hoe een dikke vrachtwagen er makkelijk langs kan, ruimte zat tussen die tankwagen en de Blauwe. Maar meneer in ketelpak, capouchon op met muts eronder en dikke werkhandschoenen roept me van alles toe. Met mijn meest onschuldige glimlach loop ik op zijn gebler toe om hem te vragen zich te herhalen, want die oliepomp maakt nog veel herrie. Hij is flink over de zeik dat ik mijn auto daar geparkeerd heb en er uren van weg ben gebleven. Tis verdories 10 over 2 in de middag, de fanatieke stadsgast. Hij dreigt met het bellen van de flikken (gendarmerie) en nog meer en ik doe instinctief iets typisch plattelands Frans wat ik nooit van mezelf had gedacht. Had het van tevoren aan me gevraagd en ik zou zeggen dat ik 'zo niet ben', 'dat niet durf' en al helemaal niet met deze typisch Franse 'allure' waar iedereen die niet van het Franse platteland komt een hartgrondige hekel hebben. Eén van de redenen waarom men in Nederland wel eens zegt; 'Leuk land dat Frankrijk, maar het is jammer dat er Fransen wonen'.
Ik kijk de man even aan met een blik van 'wat bler je nou', haal demonstratief mijn schouders op terwijl ik me omdraai en loop naar de auto met een extra geluid dat zegt; 'rot toch op'. Ik stap in en rijd weg. Stug dus en waar hij zich nou eigenlijk druk om heeft gemaakt? Hij komt niet voor niets na de ochtend waarop er markt is leveren, die vrachtwagen kon er nog makkelijk langs en ik vertrek terwijl hij net begonnen is met werken? Op de invalidenparkeerplaats voor de apotheek parkeren tijdens een uitgestorven zondagmiddag levert je een vette prent op, maar tussen de middag daar je auto parkeren zal de gendarmerie een worst wezen. En tis toch die Hollandaise, 'die kennen we toch'? Hoeft die stadsgast zich niet tegenan te bemoeien. En zo geschiedde, ik maakte me een laconieke houding eigen die bij navraag door een regionale commissie zou komen, anders had die prent toch echt op mijn voorruit gezeten. (De gendarmerie was ook even schaften tot 2 uur, dat begrijpt u wel.)
Bij de familie Ravelac nog steeds geen bandensporen van enig gemotoriseerd verkeer in de vast gevroren sneeuw. De deur wordt door de no-nonsense dochter geopend terwijl mijn oog valt op de jonge kater die sinds vorige week spoorloos was, de hort op, op zoek naar een welwillende poes. (U mag weten, poezen vinden dit geen feestje...) Het laatste beetje 'slush-puppy' dat nog op haar ijzigheid lag smelt zodra ik eerst over de teruggekeerde kater begin. Ze weet dat haar moeder op de twee katten gesteld is, niet dat wij er 5 van hebben rondlopen met wie ik toch een haat-liefde verhouding begin op te bouwen. (Misschien misdragen onze vier katers zich zo -Sooty doet niet mee- omdat ze hun zaakje moeten missen, maar de hormonen nog iets van zich laten spreken, want ze hebben kleine felle schijngevechten.) Terwijl ik een emmer water vul met wat soda kijk ik rond, geen oudjes. Ze rusten samen, of ik de vloer wil dweilen en wil strijken... -Gat, niet weer.- Dochter vraagt naar het ongelukje vorige week. Ik laat haar het kleine wondje zien dat ik openhaalde tijdens het vellen van wat jonge eikjes, maar de andere kleine krassen en wondjes op mijn rechterhand springen meer in het oog, dus wimpel ik het weg. Ze verhaalt, ja ze komt los, over hoe ze haar moeder al zo vaak heeft duidelijk gemaakt hoe lastig het wel niet is om die lampenkap te verwijderen. Vandaag die honderd dooie vliegen, het is ook haar niet gelukt. Maar wat haar dochter niet kan, kan ik misschien wel, moet ze gedacht hebben. Dochterlief slaat haar ogen ter extra bevestiging maar ten hemel om mij te laten zien hoe eigenwijs de oudere dame is. In tropische temperaturen sop ik de houten vloer en het cement voor het aanrecht en de schouw. Op naar het strijken. En weer een ontdekking. Want tijdens het strijken streef ik al dagdromend naar perfectie en doe ik ook de onderbroeken waarvan het elastiek echt geen strijkijzer kan verdragen en vergeet ik wat ik sta te doen. Mevrouw Ravelac komt uit haar bed om bij mij even om het hoekje te kijken en gedag te zeggen zodat ik weet dat ik de slaapkamer kan stofzuigen. Ik vind warempel nog een piepklein stukje glas van vorige week op de sprei. Na het gedane werk krijg ik wat drinken aangeboden, meneer Ravelac leest de krant van erg dichtbij en de dochter zit uitvoerig de voeten van haar moeder te verzorgen met zeep, een teiltje, nagelknipper en vijl. We babbelen, geen slushpuppy of ijzigheid meer te bekennen voor die vreemdelinge die komt helpen. Ik ben 15 minuten eerder klaar, maar ze heeft mijn urenbrief gewoon geschreven voor de volle twee uur. Het effect van een goede werkrelatie met de opdrachtgever levert dus onkostenvergoeding op voor de diesel die het wekelijks kost.

Nu dat verse forelletje maar even bakken in de roomboter, verorberen met citroen en kruidenzout. Dit in een comfortabel huisje gestookt op eikenhout te midden van 5 katten die smullen van de koppen en ingewanden. Het geplaag van JP en Nadine aan de eettafel, mijn stugge reactie op de verhitte olieman (PMS en slaapgebrek?) en het gemoedelijke van de nagelverzorging waar ik bij zit na het ontdooien van de dochter zegt me dat ik me die Franse manieren wel eigen word. Integratie komt met de jaren. Zou het stugge van die Franse plattelanders wijsheid zijn?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen