woensdag 20 april 2011

Langlais


Ik schrijf 23 april 2008;
We worden wakker ergens in een bos op een eindelijk mooie droge dag met wat zon en een fris windje. We zetten koffie en ruimen de auto op, stoppen de slaapzakken weer in de kisten, trekken het hefdak naar beneden en bekijken de route voor die dag om op tijd bij de makelaar te zijn die middag. Het één na laatste huis van onze lijst gaan we vandaag bekijken. Een 'spulletje' met bijna 30 hectare, kastanjebossen, een beek en het zelf gebouwde huis op zo'n 500 meter hoogte op een zuidhelling tegen een rotswand aan. Rotsige hellingen vol met heide en brem, afgelegen en een schitterend huis dat er sprookjesachtig bijligt in de bergkom ver weg van de bewoonde wereld. Ik ben jarig vandaag, maar er is verder weinig dat daaraan doet denken na de felicitatie van manlief.
We zijn toe aan een zonnetje na een kleine twee weken heel slecht weer en het ploegen door de stromende regen, het improviseren in de Landrover-Camper met natte kleer. We hebben al zoveel huizen gezien, zoveel afwegingen gemaakt en zoveel indrukken op gedaan, dat de rek er wel een beetje uit is.
Het huis van een duitser met 20 hectare land waarvan alles spik en span was, mooi en creatief, afgelegen en helemaal voldeed aan bijna! al onze wensen viel af. Er stond een huis palnaast het hunne, dus buren, dus beperkingen op de lange termijn.
Het huis van vandaag heeft geen buren en een doodlopende weg slingert door de bossen naar een hek toe dat duidelijk aangeeft dat je er niet verder kan. Een oprijlaan die langer is als het huidige bospad. We rijden het terrein op nadat ik het hek gesloten heb en stappen gelijk met de makelaar uit. Het huis ziet er nog beter en leuker uit als op de foto's, een schattig torentje doet dienst als schuur en de garage ligt verdiept en verbindt de toren met het woonhuis. Ons frans is nog ver beneden peil en de makelaar doet het woord voor ons met zijn âllo-âllo-accent. Het is een fijne man, een schotse expat voor zover we dan weten. Madame et Monsieur B. blijkt een bejaard stel te zijn. Hij ziet eruit alsof hij toch een eind in de 80 is en dit wordt later bevestigd. Kwiek en enthousiast laten ze het huis zien, om daarna naar het verderop gelegen gebouwen te gaan kijken, een enorme schuur en een klein traditioneel huisje. Meneer neemt de trekker, het is 400 meter verderop via een steil pad, langs een bronbeekje, mevrouw blijft even thuis, ook al in de 80! Ze hebben het terrein in 1973 gekocht, er was enkel de schuur en het kleine huisje zonder voorzieningen.
Zelf leggen ze de weg aan en bouwen het licht geel gepleisterde huis, zorgen voor een septic tank, de waterleiding -met bronwater dat met veel kracht uit de rotsige helling spuit achter het huis, electriciteit en telefoon. Een kruidentuin met wat terrasjes en een schuurtje voor de trekker schuin tegenover het huis. Hij is arts geweest, zij een liefhebbende slimme echtgenote.
Het stel maakt die middag een onuitwisbare indruk. Ze doen alles nog zelf, hebben geen haast met de verkoop, maar weten ook wel dat er een dag komt dat ze het niet meer kunnen bewonen. Ze grappen met elkaar en tegen elkaar, zijn modern en goed op de hoogte en zeer vriendelijke mensen voor ons en de makelaar.
Vermoeid en weer onder de indruk verlaten we eind van de middag hun terrein met een flesje gekregen wijn. Marc heeft barstende koppijn en ik parkeer de auto 200 meter voorbij het toegangshek van mevrouw en meneer B. Hij vertrekt gelijk naar zijn slaapcabine nadat we het hefdak omhoog hebben gezet. Daar zat ik dan op m'n verjaardag, net zo vol indrukken, maar moe en vol. De gekregen fles wijn drink ik op tijdens een vers klaargemaakte maaltijdsalade terwijl de avondzon de auto verwarmd en Marc ligt te snurken tussen 4 canvas muurtjes.
We keren die week nog terug om een wandeling te maken op hun terrein, gevoel te krijgen voor hun lap grond en de omgeving. Het is erg warm die dag en krijgen een zelfgetekende kaart mee en een sikkel om bramen en dergelijke weg te kunnen hakken. Zij kunnen daar niet meer komen, te steil en ontoegankelijk.
Dit huis valt af na het zien van ons huidige huis. De bossen zijn eenzijdig, kastanjebomen zover het oog reikt. Geen schaduw rond het huis, geen enkele boom juist daar waar we zouden wensen. En toch een beetje aan de prijzige kant voor ons budget. De inrichting is half Spaans en half heel persoonlijk. De badkamer is verschrikkelijk kitsch, mooi van lelijkheid met zwart marmer, wit geaderd, chroom en messing. We kunnen onze lach maar net inhouden. het huis heeft wel veel sfeer, un esprit, en dat zou moeten blijven... Maar toch, het is het net niet helemaal.

Ik schrijf 16 april 2011;
Exact 3 jaar minus 1 week later zijn we benieuwd hoe het met madame et monsieur B. gaat en vertrekken begin van de middag richting hun stekje. We hebben geen idee of hun huis nog te koop staat, of ze er nog wonen en hoe het met hen is.
Het is wel een eindje rijden vanaf ons en nemen picknick spullen mee in de auto-koelkast. Het is al zo warm buiten. We hebben de oude stafkaart nodig om het te kunnen vinden. Ik herken de plek waar ik de auto snel parkeerde om Marc te laten slapen. Het hek, de brievenbus met dakje, alles is nog hetzelfde. de stilte en het prille groen van de aprilmaand.
We hopen dat ze wakker zijn, er uberhaupt nog zijn. We willen ze laten weten dat we hen niet vergeten zijn en bewondering hebben voor hen als stel en wat ze daar gebouwd hebben, de sfeer in het huis, de uitstraling van het geheel.
De eerste 5 minuten hebben ze even nodig om ons te herinneren en om door te krijgen dat we niet voor het huis komen, maar voor hen. Het staat nog steeds te koop. Alles is nog hetzelfde.
Hij is inmiddels 89, zij een paar jaar jonger. Hij begint doof te worden en kwijlt tijdens het enthousiaste praten. Ze kibbelen en lachen nog steeds als toen. Hij is geopereerd aan staar, beide ogen, maar rijdt gewoon nog met de trekker en in de auto. Doen saampjes nog boodschappen in het stadje verderop. Drie weken terug breekt ze haar onderarm, een dubbele breuk, tijdens het plukken van wat kruiden op een laag terrasje, terwijl hij op zijn trekker bij de schuur wat werkt. Door de motor van de oranje zware trekker hoort hij haar niet om hulp roepen. Misschien lag het zozeer niet aan de motor, maar meer aan twee 89 jarige oren. Ze proberen luchtig te doen over hun situatie, maar we voelen aan dat ze het er toch moeilijk mee krijgen; saampjes zo'n eind weg van alles en iedereen. De ouderdomsklachten, het toch zware werk om zo'n huis te verzorgen, zichzelf en elkaar. Wat een prachtstel in hun prachthuis op een prachtdomein!
We drinken dezelfde wijn als toen met lekkere crackers erbij en bronwater. Het is fijn om ze te zien en weer krijgen we hetzelfde gevoel dat dit onze tweëede keus was en blijft. Dezelfde redenen maken het weer moeilijk ze daar achter te laten. Ik gun ze een makkelijkere tijd, saampjes met zorg wat dichter in de buurt, net zo rustig en het liefst in Spanje, waar ze beide een passie voor hebben.

Klik de titel van deze post voor meer info.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen