vrijdag 23 oktober 2009

Babyspinnen

Ver in de lente dit jaar schreef ik al over een spinsoort met knipoogjes. Als ik met het koplampje op door de nacht op het bospad loop, flikkert er hier en daar wat. Geen stukje steen of waterdruppel, geen dauw of kristalletje, maar spinnenoogjes. Toen waren het parende spinnen. Gevechten dacht ik eerst, gezien het aantal per vierkante meters. Maar één grote en een kleine in een te innige omhelzing moet spinnengekroel zijn, kan niet anders. Meer heren als dames toen en wat een knoeperts van vrouwtjes met hun ruim 3 centimeter. Nu lopen we saampjes een stukje en elke keer als ik de oogjes weer zie 'knipperen' stop ik en laat Marc zien dat het toch echt spinnen zijn en niets anders. De eerste die ik naar me zie lonken is weer zo'n enorme spin. Maar het achterlijf ziet er grof en donker uit zonder die mooie tekening. Er blijken een hondertal babyspinnen op haar lijf mee te liften. Moeilijk te zien, maar duidelijk genoeg. De kleintjes zijn misschien 1,5 milimeter groot. Het resultaat van alle moeite laat deze lente. De dichtst bijzijnde grasspriet hangt zwaar door, een kleine naaktslak heeft het hogerop gezocht met zo'n beschermende rover in de buurt. Waarschijnlijk geen partij voor elkaar, maar tegen een hongerige overmacht zou ik ook een boom invliegen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen