vrijdag 12 november 2010

Woest

Aan het einde van het bospad, wat eigenlijk geen einde is, maar enkel een bocht, maar wij vaak op de twee bruggen wat blijven hangen en naar een spelende Castel kijken, komt een bergriviertje al kabbelend een kloof uit om zich bij het rivier-meer te voegen.
Het is een diep uitgesleten smalle kloof met een bedding van misschien 20 meter breed en vaak smaller. Na millennia liggen er grote rond afgesleten rotsen die het stroompje breken en waar rond de lage ijzeren brug 's zomers vaak vissers staan op zoek naar rivierkreeft of mensen een boek op lezen en van de zon genieten. De kanten zijn omzoomd met kornoelje, marjorein, munt, braam en waterminnende bomen. Het kabbelen wordt wel eens vaker een ruisen, maar Castel heeft er altijd in kunnen springen om te proberen vastgedreven stukken boom tussen die mooie rotsen uit te trekken.
De ijzeren brug is ooit aangelegd om het dorpje dat hier aan onze kant lag 'op te ruimen'. Er zijn nu alleen nog wat bemoste muren van over, overwoekerd door een bamboebos. Deze brug is de enige manier om met gemotoriseerd verkeer aan de andere kant te komen, benedenlangs dan. Hij is aan deze kant versperd door een aarden wal die te smal en te steil is voor een auto. Aan de overkant hebben de vissers, wandelaars en jagers een wildpaadje vrijgelopen, zoals overal hier op de hellingen.

De voetgangersbrug ligt hoog boven het water en is ons 'keerpunt' op de zovele wandelingen. Na 8 dagen regenval is het grote riviermeer al een volle snel stromende bruine massa van water die er dreigend uitziet, alles met zich meesleurend tot hele bomen met kroon.
We zien alle bronnetjes en beekjes de hellingen af kletsen, ook nieuwe watervalletjes ontstaan. Dus is een wandeling in de regen de moeite waard om even bij de bruggen te gaan kijken. Koud is het niet, nat wel, maar dat went.
Het aanzicht van een stalen ijzeren brug die gebeukt wordt door dat bruine schuimige water is wel even bijzonder. De brug zal geen milimeter wijken, verankerd in gewapend beton. Maar de golven zijn hoog door die afgeronde rotsen die wij nog nooit hebben zien verdwijnen onder zoveel water.
Water, water en nog eens water, alleen maar water, op de grond, de bosbodem, de bladeren en takken, in de lucht als mist en wolken, als regenwater, rivierwater, waterplassen, bronwater, warm douchewater met een klein uitzicht raampje op ... water.

Ik ga nu even plassen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen