dinsdag 18 december 2012

kringloop

Nog een weekje en dan is het kerstmis. Op FB (facebook) word ik 'doodgegooid' met hoe ik lief en aardig ik kan zijn voor; familie, vrienden, arme kindjes in Afrika, slachtoffers van terrorisme en armoede, aangespoelde walvissen. Aangemoedigd te 'geven' aan diezelfde arme kindertjes op een ander continent, te geven om 'de ander', vooral inkopen te doen in een bepaalde winkel, te denken aan de slachtoffers van verknipte geesten en zo al niet meer. Alleen voor Kerst, niet erna, want dan zijn 'we' bezig met het jaar afronden en opnieuw beginnen, met onszelf en het eten van oesters, oliebollen en andere ritueel-afhankelijke zaken die de maag even vullen, moeten we denken aan goede voornemens, wat we anders gaan doen volgend jaar. Alsof de rest van het jaar er niet toe doet en het nu ook niet.
Ik krijg een prachtig gedicht van Ivo de Wijs in een email dat me werkelijk ontroerd, het laat me in 1 seconde terug kijken naar afgelopen jaar. Een dag erna krijg ik een mail door gestuurd van Marc met wat er 'aan de hand is' in de kosmos, met de aarde, de mensheid (De galactische uitlijning).  In beide wijze woorden , de één een gedicht, de ander een interpretatie van (wetenschappelijke) feiten. Beide volledig in één lijn met hoe ik erover denk. Ook in één lijn met mijn verandering van afgelopen jaar die me net zo goed dwars zit, als dat deze me als een 2e huid past. Een schat aan inzichten of juist maar één enkel inzicht, die cirkel, concentrisch, geen begin en geen einde, afronden, stuk maken, weggooien, dood, geboorte, groei, leven, aftakeling, herfst en na de winter weer het nieuwe leven.
Ik laat me liever leven door het leven zelf, dan dat ik het leven naar mijn hand probeer te zetten. Ik houd niet graag vast aan dingen die dan misschien niet zo comfortable (<-- ik verFrans, het gebeurt me steeds vaker)  meer zijn, maar in ieder geval bekend. Eén voorbeeld dan maar; Mijn hele leven ben ik attent geweest voor de ander. Hoe het met de ander ging, een ander zijn verhaal, dat een ander zijn schone was eerder in de kast ligt dan de mijne, dat ik kookte wat een ander graag eet, eerst vragen naar de ander en vooral begrip tonen voor de ander, respect hebben voor de ander. Allemaal niets mis mee als je dit vanuit zelf-respect kan doen, ook naar jezelf luistert en je eigen behoefte in de gaten blijft houden. Ik niet, nee, eerst de ander en ik mag er zelf wel bij in schieten, want 'word ik er een slechter mens van, van het mezelf 'vergeten'? Nee toch?
Fout, op lange termijn blijkbaar wel. Ongewild en ongekunsteld, niet geforceerd of door een coach of therapeut ingefluisterd besefte ik me begin deze maand, na het vergeten van de zoveelste verjaardag waar ik voorheen altijd ruim op tijd erg in had, dat ik voor mezelf een betere vriendin ben dan ooit. Dat ik eerst aan mezelf denk en doe en laat wat goed is voor me. Tijdens een gesprek met een vriend beken ik eerlijk dat ik niet meer zo attent ben, niet meer zo voorkomend, me niet meer om alles verontschuldig en al helemaal geen verantwoording afleg, spontaan, alsof ik me zou moeten verdedigen voor wie ik ben. Ik krijg van die vriend een dik compliment, hij vindt het gewoon 'goed' en een vooruitgang. Het is voor partner-lief vaak even slikken, die is niet anders gewend dan dat ik eerst voor hem ga en dan pas aan mezelf denk, dat is nu omgedraaid. Door mezelf op het eerste plan te zetten in mijn enige leven -ik ben geen kat of een of andere speciale entiteit, gewoon een mens- begin ik te zien dat andere mensen er ook voor mij zijn, op hun moment, op hun manier. Er is me een berg aan goede dingen overkomen sinds die vage grote ommekeer waar ik de vinger niet op kan leggen, die ik niet kan sturen of bevechten. Een groot aantal nieuwe vrienden die er in nood echt voor me zijn, ik kreeg 'nieuwe ogen' om het zo maar even uit te drukken. 
Met dat nieuw paar ogen kijk ik ook opeens anders tegen de feestdagen aan. De essentie mag ik behouden; feest van nieuw leven, licht in donkere tijden die terechte hoop geeft dat die cirkel van leven en dood toch weer leven gaat geven, dat oneindige dat ons laat weten dat geen dag hetzelfde is, geen jaar hetzelfde brengt, dat we groeien, opnieuw mogen beginnen, elke dag, dat we afscheid moeten nemen van de dingen die op zijn, niet goed of sterven. Dat iedere nieuwe dag er is om opnieuw tot inzichten te komen. De viering van dit gegeven, eens per jaar, kerstmis en oud & nieuw is collectief en mondiaal. En iedereen doet dat op eigen wijze. Ik bij een nog vreemde familie in het buitenland. Marc in stilte in een mistig donker geheimzinnig bos met een hoge verscheidenheid aan verborgen leven. Velen met afschuw omdat ze van het overdadige en overdrevene het nut niet in zien of er niet in mee willen, en terecht.
Leven en laten leven, het hele leven door, altijd en overal, het past me. 

zondag 16 december 2012

inchecken


Tijdens zo'n grauwe natte zondagmorgen is het echt tijd om online in te checken. Nu is het bij de meeste goedkope vliegmaatschappijen hetzelfde liedje; lezen, lezen, kijken en niks aanvinken na het boeken zelf, want je hebt al betaald en achter al die extra mogelijkheden staat het symbool van onze zo geliefde Euro. Ja, ik heb mezelf 'verwend' met een extra stuk bagage van 15 kilo, een annuleringsverzekering en speedboarding (als eerste dat vliegtuig in, boek uit de handbagage, zelfde kleine koffer in het luik boven mijn hoofd, zitten en lezen om het sardientjes-gevoel volledig te negeren). Maar dat online inchecken, daar moet ik de tijd voor nemen, want er staan ook vinkjes tussen die wel moeten en ik moet graven naar mijn paspoort. Iedere pagina van het traject 'inchecken' ziet er belangrijk uit, alsof het moet. Het kost me een uur, misschien omdat ik het niet al te vaak doe en dat wil ik graag zo houden. Ik kijk allerminst uit naar het paranoia gedoe op de luchthavens, alsof er in iedere passagier een fundamentalistische terrorist schuil gaat, we de piloot en stewardessen met een blikje fris of nagelvijltje met de dood gaan bedreigen of erger. Alsof we helemaal niet op vakantie gaan om familie en vrienden te bezoeken voor de feestdagen. Nee, opblazen dat vliegtuig, veel gemakkelijker dan een klas met kindjes doodschieten, een lijnscheidsrechter doodslaan, raketten afvuren om buiten je eigen landsgrenzen de boel eens goed wakker te schudden ondanks de consequenties van wederom onschuldige slachtoffers. Duizend bommen en granaten, binnenkort sta ik daar dan als een schaap in de rij met de schoenen in een bakje, mijn broek ophoudend met een vrije hand, want de riem moet die schoenen vergezellen, en zicht op mijn mede-sardienes die hetzelfde lot moeten ondergaan. Mijn weerzin is heel erg groot. En ik begrijp het allemaal wel hoor, het is de strijd tegen de angst die we per definitie verliezen, want als die drugsdealers en terroristen iets willen doen, doen ze het toch wel, niet rechtsom dan wel linksom. Een sardiene is een vis, die horen vrij te zwemmen en niet in een blikje met notabene vleugels. Maar goed, ik ga de idioterie van de 'gewone' wereld weer eens in. Het zal me wèl een berg aan inspiratie opleveren. Nog een week de tijd om me voor te bereiden. Dat houdt in; uitslapen, elke dag, spullen klaarleggen met de weegschaal erbij, mijn huis vast gezellig maken voor mijn thuiskomst volgend jaar en zo weinig mogelijk eten, want dat gaat ruimschoots gecompenseerd worden tijdens de feestdagen.

zaterdag 15 december 2012

Bijna brokken

Het einde van het jaar is ook echt het einde van mijn jaar dat bol stond van een grote verandering in mij. En die laatste loodjes zijn altijd het zwaarst. Dus ik ben moe. Toch moet ik even doorzetten om dit jaar ook goed af te sluiten. Ik ben er namelijk niet, ik zit in den vreemde bij een vreemde familie (ouders, kids, kleinkinderen, opa's en oma's, zussen, broers en meer nog) in een groot huis waar een klassieke kerstboom staat met pakjes eronder, in Engeland. Lang gepland, hard voor gewerkt en net genoeg om de auto naar vliegveld Carcassonne en terug te rijden, want vluchten vanaf Rodez waren te duur. Misschien had ik eerder een korte vakantie moeten boeken, naar een resort in een warm land, in m'n up. Ook gaat Marc er komende week een paar dagen tussenuit, om het circus rond Bagarach te bekijken, enigszins sensatiebelust, dat is hij wel een beetje. Meer nieuwsgierig naar de omgeving die een hoop historie bevat met bijbehorend bijgeloof. (Dan hebben we het niet over UFO's die uit een berg komen om een paar mensen te behoeden voor het heengaan van de wereld.) We wisselen de auto's om bij Carcassonne, want hij gaat met de Blauwe en heeft de Rode nodig als hij weer thuis is en er zit voor mij niets anders op dan met de Rode mijn vakantie te starten door eerst naar Elly te rijden. De dag voor ik vlieg, anders is de reis in totaal te zwaar. Een kleine 4 uur sturen, lang parkeren regelen, 2 uur wachten op een vliegveld dat ik nog nooit gezien heb, vliegen, het vliegveld circus aan moeten gaan -schoenen, jas, riem, sieraden, alles uit en af-, hopen dat m'n lieve schat Anna me kan vinden daar op Stansted, uurtje naar haar huis waar alles nieuw is. Dag erop vroeg op voor de paar uur rijden naar John die rond het middaguur ook zijn familie verwacht, inclusief schoonouders... u kent het wel, hooggespannen verwachtingen voor het familiefeest.
De dag voor mijn vertrek moet ik gewoon nog even naar de markt, werken bij de familie Ravelac en komt Balou voor een twee weken logeren, een verwende New Foundlander. FF regelen, alles door elkaar en deze laatste dagen samen voelen we ons verplicht aan hout te denken. Aan 4 eiken die we vorig jaar lieten vallen en gekloofd moeten worden, maar nu nog op de helling boven het bospad liggen. Dit terwijl de burgervader een loonbedrijfje heeft ingehuurd om de laatste paar honderd meter bospad naar ons huis vlak te trekken met diepe watergeulen erin. De loonwerkers denken dat dit voor asfalt is en dat zeggen ze doodleuk tegen Marc wiens hoofd ook te vol zit met alles, leven en zorgen. Ik spoedde me gistermiddag nog even snel naar boven om kerstkaarten op de bus te doen -toch maar wel dit jaar- en schiet het gemeentehuis even binnen, omdat er nog licht brandt. Hij is present, we schudden elkaar de hand en ik zie hem al kijken van 'oops, dit heeft met de werkzaamheden aan het bospad te maken'. Goed geraden en ik zeg hem dat de loonwerker op de kraan mijn Lief ervan heeft overtuigd dat er volgend jaar asfalt komt. Zijn ogen, die van de burgemeester, worden groot, bijna van ontzetting en hij begint gelijk met nee schudden en 'mais non' uitroepen. Ik loop rood aan en lach van opluchting. Het scheelt een te koop bord aan de hoofdweg en een gemeentelid minder, of twee.
Dit weekend zijn de loonwerkers niet in de weer, die verhalen thuis over die twee Hollanders die zich overal druk om lijken te maken. (Logisch als ze het waterafschot willen verleggen over de gehele lengte van onze gebouwen -schuur, huis, chateau- richting het meer. Dit terwijl hij ook wel kan zien dat ons huis en de andere gebouwen IN de helling gebouwd zijn en we nu al zwetende tegels hebben als het buiten langere tijd nat is. Maar goed, wat snappen wij nou van hier wonen??) Dus nemen we het ervan nu het droog is om die eiken van de helling te trekken met een 50 m kabel, katrol, twee trekkettingen met haken en de Rode. Walkie-talkie's in de hand, hij op de helling en ik in de auto met de kabel via de katrol onderlangs de telefoonpalen die wat meegeven. Ik trek, in z'n achteruit met een walkie talkie in de hand, want om de bocht kan ik niets zien van wanneer of hoe die bomen diepe voren graven in het bospad dat nog een grindlaag moet krijgen. Beter nu dan nadat vlakken, toch?
Beide op je tenen lopen, moe zijn, maar wel moeten blijven communiceren en samenwerken is best lastig. Toch doen we het, kort gezegd; moedig. Eén eik rolt door een stuk de helling weer af, sh#t! Misschien later deze middag of die loonwerker in zijn kraan lief aankijken volgende week met als smoes dat mijn man er een tijd niet is... Alles verloopt vlot, er gaat niks mis en de bomen liggen keurig aan de kant van het bospad, daar kan wel een tientonner langs, of een tank. Nu heeft Lief wat te doen als ik in Londen zit; zagen en hakken, zijn zinnen verzetten om te relaxen en tegelijk wat aan de voorraad warmte-in-spe te doen. Marc gaat een zonnebril halen en ik teken met een stokje op het pad uit hoe we zelf die door gerolde eik weer op het pad kunnen trekken. Het is het proberen waard. Opgepept door mijn technische zandtekening ziet Lief het wel zitten om te proberen. Het gaat gesmeerd en we krijgen hem met een simpel stootijzer nog omgerold ook, de berm in om de wegwerkers niet erger dwars te zitten na het weekend of mijn lieve blik te moeten incasseren. (Als ik hem hier dan gebruik is ie moeilijk te weerstaan, die lieve blik.)
We laden alles in, de zon is al bijna achter de berg verdwenen, het wordt koud en de centrale verwarming hebben we nog niet aangestoken. Marc draait zich om om vast naar huis te lopen met Castel, ik zet de auto terug in zijn hoge gearing en geef een beetje gas, beetje boel, ggggggggg........... Ik was even vergeten dat er een dikke eik zojuist in de berm gerold was, door M&M. Waar ik zat met mijn hoofd? Ergens in Londen naast een kerstboom? In een eindopdracht module 2? De Rode hangt met de rechter achterkant op die eik. De differentieel heb ik nog net mis gehouden, maar voor leunt hij er tegenaan. Auw, wat is dit ver-schrik-ke-lijk stom! Het achterwiel hangt los van de grond, de Rode heeft zich er met de voorwielen gewoon overheen en op geduwd. Nu besef ik me wel; die onimporteerbare L200 kan dit werk echt niet aan en ik had hem total loss gereden. De Rode lijkt geen krimp te geven, Marc haalt de Blauwe, ik maak een stenenrij voor dat los hangende wiel, we haken de Blauwe aan de Rode, ik rijd een beetje met Marc in de Blauwe mee en niks aan de hand. Thuis spoel ik de materialen schoon en de onderkant van de gebutste Rode. Alleen een dikke holle bui onder de Rode heeft een deukje door de stam, verder ziet hij er nog puik uit daar waar hij leunde op die eik.
Bijna brokken, want alles loopt in de soep en uitjes komen in gevaar als de Rode stuk is. Het is weer met een sisser afgelopen en ik trek me thuis even terug om van de schrik te bekomen en Lief te laten weten dat ik me wel besef wat het moe zijn met me doet. Ik kan eigenlijk alleen maar werken als ik lekker in mijn vel zit en wij in pais en vree zijn. Hij komt juist in die pais en vree sfeer als we saampjes buiten werken. Ach, verschil mag er zijn.

donderdag 13 december 2012

Het huis met een hart

Het weer is er ook naar, om te moe te zijn de wat extreme omstandigheden te kunnen bevatten en ermee om te gaan op een sterke manier. We hebben het gewoon zwaar en werken toe naar de paar dagen die hij er tussenuit gaat vanaf volgende week maandag om bij vliegveld Carcassonne de Blauwe in te ruilen voor de Rode die ik daarheen zal rijden om een tegenbezoek aan John en zijn familie te brengen, de kerst spendeer ik buiten de deur in een buitenwijk van Londen waar ze me in de watten gaan leggen. Ook mijn vrienden weten dat ik wat stuk zit. Ik geef toe dat dit wat zacht is uitgedrukt en Lief het ook extra zwaar maak. 
Vannacht sliep ik slecht, dat blijkt uit de vlekken voor mijn ogen, gebrek aan eetlust en spierpijn na een wandeling naar de hoofdweg, Marc wilde die vergeten brievenbus checken, want hij verwacht al wat dagen een pakketje uit Nederland. De koeriers die los van La Poste werken gaan zo'n bospad niet op met hun vrachtwagentjes, want sneeuw betekent veel ingesneeuwde huizen en het risico is hen te groot.
Vanochtend toch maar ons ding gedaan om Sooty op tijd naar de dierenarts te brengen voor haar sterilisatie. Ze is nogal pinnig op brokjes, stukje zwoerd en eigenwijze ondeugende acties als toch stiekem het aanrecht verkennen of op tafel slapen. Dit poesje dus nuchter houden is een hele toer en de 4 katers zijn alles behalve gecharmeerd van het mee moeten 'lijden' door die lege maag. Het laatste dierenartsenbezoek en het omver schoppen van de hiërarchie in de kattenbende, even doorzetten. Het is smerig weer buiten, vies nat, waterkoud zeggen wij Nederlanders dan, maar dooit dus lijkt het minder erg als echt natte vrieskou met sneeuw. Mijn kop staat 0 naar de wekelijkse markt met mensen die altijd dwars door je heen kijken. Maar Arlette geeft me gelijk een knuffel en haalt de woorden uit mijn mond. Nu heb ik niet zoveel met deze vrouw, maar als er wat is weet ik dat ik ook daar aan kan kloppen. JP houdt me staande en zegt dat ze er weer niet zijn, want Nadine's zoon is jarig en de familie gaat uit eten. Ik doe een grondig schietgebed dat ze me niet mee vragen, dat Nadine me in haar atelier met koffie op de bank duwt en de sleutel geeft om op tijd naar de oude mevrouw Ravelac te gaan om schoon te maken, dat zij op een schopstoel zitten tijdens hun etentje in de Auberge. De eigenaren zijn natuurlijk vrienden en Nadine is druk doende om de antieke grote vogelkooi van de eigenaresse voor Kerst op te knappen. Het is een bijzonder project, een teer ding en ik zie bijna elke week de vooruitgang. Jammer dat er geen echte vogeltjes in gaan, maar ergens is dit stukje antiek echt voor de mensen en die vogels horen buiten.
Ik bel aan en loop door, ben Nadine op de markt mis gelopen en vraag JP of ik binnen op haar kan wachten. Een ex-kandidaat voor de functie als Conseil Generale is een soort van VIP-vriend van meneer de dokter oftewel JP, net zo hoog of nog hoger op de lokale piramide, noemt me altijd 'la petite Hollandaise' begroet me in de donkere hal van het grote huis met rechts van de vestibule het oude atelier van mijn vriendin. Ze knapt er nog wel antieke meubels op voor familie en vrienden, maar verder is ze aan het vutten. Ik wacht, nog geen minuut of ze is al thuis en troont me mee naar de keuken alsof twee paar ogen van de VIP en JP haar achter mijn rug om gewaarschuwd hebben hoe mijn pet staat. Dat door je heen kijken is soms gewoon strontvervelend, maar vandaag ben ik te moe om een gezicht op te zetten, koffie en even haar verhaal aanhoren, want ze blijft zware dingen meemaken, ons-kent-ons?
Dus wordt ik op die bank in haar atelier geduwd, ze troost, we drinken koffie en verhaalt over een paar van haar ervaringen die betrekking hebben op mijn state of being. Ik zit en kijk, doe mijn ogen een half uurtje dicht en zet nog een mok koffie in het donkere stille huis. Nadine heeft Jazz-radio opgezet en ik draai het zachter, vreemde setting, somber en toch vol creativiteit. Mijn camera had ik meegebracht in de hoop meneer en mevrouw Ravelac op het bankje in de schouw te treffen, misschien vinden ze het goed dat ik van dit levende antieke plaatje een foto maak. Maar het atelier van Nadine 'gaat eraan'. (De fotoserie is hier te bekijken.) 
Net voor ik de buitendeur op slot kan draaien komt de familie in de auto de straat in rijden, dus krijg ik nog een knuffel voor ik naar de auto loop om te gaan poetsen. Dat was dit keer 'ff het hele huis, mijn hoofd staat er toch niet naar, doe mijn ding en kan onderwijl een beetje proberen tot een bepaald inzicht te komen wat ik door vermoeidheid blijk te missen, die inkeer. De dag was sterk geconcentreerd in het even over de markt en het atelier in 'het huis met het eenvoudige hart', de rest is als een waas aan me voorbij gegaan. Morgen weer een dag. 

woensdag 12 december 2012

Anders verjaren

Een dagje uit, eten bij mensen die ik niet ken, leren kennen tijdens een avondje lachen tijdens een feest met 50 andere Fransen, je eigen maaltijd meenemen die je daar gaat koken, jezelf uitnodigen en dan ook nog je man's verjaardag vieren met het uitje zelf als 'cadeau'. Klinkt raar hè, vreemd, dat doe je niet, toch?
Hier wel en met gemak. Het telefoontje van gister was het moeilijkste, want het is een blijft een gok, wat ken ik die twee nou? En Marc hebben ze nog nooit gezien. Maar hij met dreadlocks, zij die ze vorig jaar afknipte, ze werden te zwaar en hingen tot onderaan haar dijbenen, maar dat groeit wel weer in elkaar tot nieuwe dreadlocks. Hij heeft ze een beetje bijgeknipt, tot boven de schouders, want hier 'vreten ze niets dat de boeren niet kennen'. Dus kopen ze ook niet bij het marktkraampje van die twee vreemdelingen met locks. Ze verkopen dan wel biologische eigen waar, groenten en fruit en bio-maaltijden, alles uit eigen tuin en het is nog goedkoper ook, maar toch, die dreads?? Het zijn vreemdelingen, net als wij, want ze zijn niet 'van hier'. Ze huren een huis voor 250 euro per maand, bewonen een kleine helft ervan met als isolatie onder het zeil en aan het plafond platte dozen, karton dus. Ze mogen de muren en het plafond niet fris verven. De voorraden? Voor hun biologische boerderij en markt-zaken? Daar hebben ze een leven tussen en in gecreëerd. 
Ze waarschuwde nog aan de telefoon; Weet je het zeker dat jullie komen willen? We krijgen hier nooit bezoek 's winters en er ligt een 30 cm sneeuw, en de wegen zijn niet schoon, ingereden en bevroren en de wind, je weet het toch wel echt zeker? Ja, lekker avontuurlijk, een perfect verzetje voor Lief zijn verjaardag. Dus zij zorgen voor een dessert en ik voor de Hollandsche pot.
Ik slaap uit en snijd nog tijdens de eerste mok koffie een blok spek in stukjes. De huid en het bot zijn voor Castel, goed dat beetje extra vet. Ik bak het thuis op, want dat duurt anders zo lang. Hun mailtje geeft de routebeschrijving naar hun huis en ze moeten lachen om mijn excuses dat ik hun namen niet eens ken, vergeten tijdens het onthouden van nog een stuk of 400 nieuwe namen, ze kennen de onze ook niet, biecht ze op. Nog even naar de dakdekker voor een papperas van de verzekering voor ondernemers en ik verklap hen en zijn jonge werknemers dat Marc jarig is. Hij heeft er twee maanden gewerkt, dus we kennen iedereen die er werkt. (Als Marc iets nodig heeft kan hij de grote werkplaats inlopen om het te pakken, niks niet melden,lijstjes of moeilijk gedoe.) Het is te koud om op het dak te werken, de werkplaats doet nu dienst als lauze-hak en -uitzoekplaats, een muziekje staat aan en er staat een hittekanon. Niks geen last van op tijd op het werk zijn of onwerkbaar weer door de sneeuw, het leven draait hier gewoon door. Al vallen de mussen dood van het dak door oververhitting of stijf bevroren.)
Marc vertelt de bevriende dakdekker wat we gaan doen deze middag. De nieuwe knul die voor hem werkt en nu lauzes zit te hakken is goed bevriend met Alain die zich al verheugd op boerenkool met rookworst en een gesprek met Nederlanders, want hij kan ons accent goed verstaan, zijn broer die nog steeds in Nederland woont en werkt spreekt de Franse taal precies zo uit. Of we de groeten over willen brengen? Natuurlijk, een kleine wereld die veilig en vertrouwd is, maar weer een naam te onthouden, help! En dat terwijl ik hun voornamen niet eens ken.
Vrienden zoeken elkaar op het Franse platteland niet zo snel thuis op. Je ziet elkaar in de kroeg, in het centrum, op de markt of tijdens een dorpsfeest en tijdens de winter zie je elkaar gewoon 3 a 4 maanden niet, heel gewoon. Wat ons bij Alain en Valerie te wachten staat weten we nog niet, avontuurlijk dus. Ik weet wel dat ze een zoontje hebben dat met lange verwilderde haren net een meisje is. Tijdens het feest op het centrum ging hij met 'grote mensen' om als was het speelgoed, lichtelijk onaangepast, maar wel met een draakjesflair die harten steelt. Ik heb Marc nergens over ingelicht, hoe minder hij weet voordat het sociale evenement plaatsvindt, des te beter. De rit gaat traag, de B-wegen zijn niet van sneeuw ontdaan of bestrooit  met zout of grind. Het is een 40 minuten rijden, zonder sneeuw op de wegen, maar de ritten zijn nooit te lang of een straf, het is hier zo ontzettend mooi en zeker boven op de plateaus met een hoogte tussen de 800 en 1000 meter met vergezichten op het Cantal gebergte en de Aubrac. Drie volle maanden thuis blijven net als de meeste mensen hier? No way. Misschien is dat wel heel Nederlands, dat erop uit gaan, reizen, neerstrijken op vreemde aarde.
Een heel gewoon huis, een oude boerderij tussen twee enorme schuren in, de laatste zin van de routebeschrijving. Tijdens deze middag komt het Nederlandse systeem van straten vinden in Nederland ter sprake, abacadabra voor onze nieuwe vrienden, maar lachend merk ik op dat er hier juist nauwelijks sprake is van straatnamen en als de straat of weg er één heeft ontbreken de huisnummers, zo waar volgens Alain en Valerie proest het uit. Zoek de verschillen? Op veel gebieden zijn die er niet en anders onoverbrugbaar groot. De hond komt ons kwispelend en blaffend begroeten, tis net zo'n lieverd als de onze. Een enorme grote broer bon homme de neige (sneeuwpop) wacht ons op. Twee sproeikoppen van gieters dienen als oren, een emmer als hoed, de ogen zandvormpjes en een neus van een oude verdroogde meubelvoet. Zijn onderlijf herbergt een heuse iglo met kinderwinterspeelgoed er omheen gedrapeerd, het huisje van zoontjelief. Aankloppen, een deurbel? Wat is dat? Een krap halletje, geen deuren naar de keuken of de slaapkamer, gewoon wollen dekens als gordijn, het werkt prima. We maken goed kennis, met een kort voorstelrondje. Ik leg de zakken boerenkool op tafel, de rookworst, een pan sojamelk staat op de cuisiniere (op hout, uiteraard). De tafel is uiteraard een lange lage tafel met twee lange zitbanken. De muren bevatten 2 koelkasten, 1 vriezer, kasten met voorraad voor de bio-boerderie, 1 koelkast hoog model zit stampens vol zaden, heel erg veel zaden. Ik geef haar een half zakje boerenkoolzaad dat ik over heb. De boerenkool bij ons in de moestuin is misschien net genoeg voor 1 2-persoonsmaaltje. De kool is meegebracht door H&T uit Nederland. Mede dankzij hen is deze dag een succes aan het worden, want ik voel direct aan Marc dat het een geslaagde verjaardag gaat worden. In eerste instantie denk ik terecht te zijn gekomen bij een heel oud boerenstel dat het op zijn zachtst gezegd wel heel erg arm heeft wat ons in luxe laat baden ondanks onze situatie.
Een beetje een hippie-huishouden geïnspireerd door Jan Steen, maar direct een gewoon vertrouwde gezellige ongedwongen sfeer waar alles mag en niets moet. Ik vraag om aardappels, bio uiteraard, hun voorraad is zo vroeg in de winter nog voldoende. Hun reiscamperbusje staat boven in het stadje, die krijgen ze toch niet door de sneeuw geploegd. Dus ze hebben geen auto en die 30 cm sneeuw is voldoende hen thuis te houden in drie kamers waarvan er 1 de woonkeuken is. Zoonlief is thuis en ik vraag of hij niet naar school moet. Dat hij pas drie jaar is, is me ontgaan, maar dan mogen ze hier al naar school. Maar pa en ma vinden het systeem veel te star en prestatiegericht, dus onderwijzen ze hem zelf onder begeleiding van het educatief systeem om vinger aan de pols te houden of hij niet achter loopt. Terwijl ik samen met Alain aardappels schil komen de gesprekken goed op gang. Soortgenoten, die heb je hier echt hard nodig en dit jonge gezin is weer een nieuw juweeltje dat ik vond in de Franse klei. De stamppot lukt erg goed en we smullen. We lachen veel, begrijpen elkaars humor, mannen vs de vrouwen en ook hun zoontje bezorgt ons een hoop plezier ondanks zijn aanleg tot het worden van een flinke dwingeland. Mams geeft direct toe, ze is erg toegeeflijk. Ik noem hem de kleine mens en ze knikt me toe, we hebben dezelfde principes en ideeën over het opvoeden van kinderen in deze wereld. De mannen vinden steun bij elkaar voor het omgaan met 'de vrouw' en de liefde en dat laat Valerie en mij weer genieten van het vrouw-zijn terwijl hun zoontje de tafel vrolijk opsiert met een schilderij a la een 3-jarige en de boel op stelten zet, want hij is een ook een (klein) mens, maar kan niet mee met de gesprekken en de humor. Slim is het jochie wel en Marc is er nog steeds van overtuigd dat het een meisje is, totdat hij na het poepen met open deur (toilet komt uit in de woonkeuken, jawel) met zijn broek naar benee de keuken in loopt en roept om maman. Een goede fles rode wijn van 4 jaar oud komt op tafel tijdens de boerenkool. De pan gaat bijna leeg en het ventje heeft een magisch bord, want alles dat groen is eet hij niet en de plakjes rookworst worden aangevuld door ons alle vier omdat hij dat zo lekker vindt, totdat hij plof zegt, het bordje nog steeds vol stamppot en een paar plakjes worst.
Ze leven drie volle maanden in die woonkeuken te midden van voorraden en materialen om alle producten van de boerderij om te zetten in een volle marktkraam om er juist in deze wat-de-boer-niet-kent-omgeving het hele jaar door op te moeten teren. Ze wonen goedkoop en gaan dus niet eens per maand naar de super, ze gaan helemaal niet naar de super en eten wat het land hen geeft. Dit jaar een fikse tegenvaller; geen appels, peren, coing en nauwelijks pruimen. Alain heeft wel een pruimentaart gebakken die stijf staat van de suiker, 'foutje' bekent hij, 'uitgeschoten'. Valerie blijft zeggen dat de korst te hard is en ik verbuig er een lepeltje op. (Lachen, natuurlijk, lol) Valerie zet er een kaarsje op, één en samen met haar zoontje steekt ze het aan en mag hij het later proberen uit te blazen. Na een minuut proberen en het bijna in de fik steken van zijn lange lokken, inmiddels ook bijna dreadlocks, helpen we stiekem, gelukt, applaus voor de uk. (Hij laat niemand aan zijn haar komen, wil niet onder de douche, mama mag het niet kammen en van zijn haar wassen is al helemaal geen sprake. Het levert een vrij mooi klein mensje op met een prachtig karakter!) Maar die krokante korst is erg lekker als compensatie van de mierzoete vulling. De tafel ziet er leuk uit met wijn, appelsap (bio uiteraard), flessen bronwater, een kinderbordje met boerenkool met worst, taart en glazen gevuld met koffie en wijn, speelgoed en weer... voorraden. Tijdens de koffie gaat er een kastdeur open en graaft Alain ergens achterin; een digestive... oh jee, l'eau de vie, zwaar alcoholisch goedje, njum, altijd goed, die eigen brouwsels. Dit keer 80% rum met citroen en mint, wauw..........







 Zunig aan, want we moeten nog naar huis en ik zie de bui al hangen nu Marc echt nul aanstalten maakt om te vertrekken, de wegen een heuse sneeuwglijbaan en het vroege slapen gaan van de zon. Uiteraard komt het poezenvolk ter sprake. De hond en de wilde moederpoes leven buiten, die komen er niet in. De twee jonge katjes zijn van maart, maar nog steeds kleiner als onze Sooty die in juni geboren is. 'Wat maakt de katten in Nederland toch allemaal zo groot?' vraagt Alain. We pamperen katten in Nederland en muizen zijn bijna toegevoegd aan de lijst der bedreigde diersoorten. Wij pamperen onze katten niet. We laten ze ook niet aan hun lot over,maar ergens er tussenin, dat laat ze groter groeien dan de buiten-boerderij-katten hier die eens per dag wat droge brokjes krijgen in plaats van brokjes heel de dag door (alsof ze in de natuur een bakje vers geslachte muizen niet leeg krijgen door continue aanvoer) met en plus nog brok uit blik dat er voor de verzorgers lekkerder uitziet en nog beter ruikt dan hun eigen avondmaal. De katjes die hier haast in de vensterbank -buiten- wonen zien er heel gezond uit, niets mis mee, al lonken ze wel om naar binnen te mogen. Aaibaar zijn ze nauwelijks, zeker moederpoes niet, al loopt ze wel met je mee als je gaat wandelen, wat dit gezin iedere droge middag doet gedurende de rustperiode van de winter.


Ook 'moeten' we nog even naar die 4x4 garage eind van de middag, maar Marc maakt maar met moeite een einde aan zijn verjaarsfeest terwijl we de kleine een plezier doen een nieuw spel met hem te spelen. Hij is moe, heeft geen slaapje gedaan en begint ook voor zijn ouders vervelend te worden. De Vrije School zou wat voor hem zijn, maar net als Montessorie onderwijs kennen ze dat hier niet. Toch, uiteindelijk, met moeite trekken we onze schoenen aan. Marc zijn sportschoenen, hij had geen idee waar hij terecht ging komen en 300 meter wandelen om even van het uitzicht te genieten resulteerde in koude natte voeten. Om dan weer plaats te nemen op de smalle houten bank in de keuken is een weldaad. Het leven kan zo eenvoudig zijn. Het inspireert me, kan nog eenvoudiger, nog warmer met minder hout. Maar hun basis is de onze niet en daar zit hem het verschil in. We vertrekken en laten hen achter voor de lange winter. In een woonkeuken met hoog Jan Steen gehalte. Van de lente, dan weet ik zeker dat we broodbakhulp hebben. Daar gaan we dan een heus feest van maken, gegarandeerd.


Een laatste cadeau voor Marc op weg naar huis; de zonsondergang die we zo missen en hij nog het meest, want hij verlaat het terrein niet vaak. Thuis ligt de gevlochten sjaal van het sneeuwpopje dat gisteren het ijs brak op een stoel binnen. Het popje heeft zijn taak volbracht ook zonder vermelding in het Guiness book of records. Een super verjaardag. Een fantastische maaltijd in drie gangen -de hapjes als aperatief met sap waren wat vet maar smaakvol-. Een nieuwe vriendschap met soortgenoten rijker, vreemdelingen met de neuzen dezelfde kant op. Begrepen wederzijdse humor, mede doordat ze Nederland goed kennen voor Franse begrippen. Inspiratie en hoe het ook kan; leven. Deze meid is blij, Marc maakt het laat met een afzakkertje en zie ik voor het eerst sinds wat weken weer tevreden naar bed gaan.

maandag 10 december 2012

Guiness Book of Records


Uit onmacht, verdriet en boosheid ga ik maar een stukje wandelen. Door de fijne poedersneeuw die net blijft liggen, want het is een graad of ... één. Af en toe ben ik het moe om met Marc te dealen, alles komt me zo negatief over. Zeker de afgelopen week, want zijn verjaardag morgen brengt hem altijd in een gespannen staat van zijn en nu bovenop de berg met zorgen en vroeg-winterse vermoeidheid. De aard van het beestje en daar houd ik dan wel veel van, maar makkelijk is het niet. (Ik maak een afspraak om bij de eigenaars van een biologische boerderij langs te gaan morgen om daar boerenkool met Hollandse rookworst te koken. Het is een jong vlot stel die ook geisoleerd wonen en een half jaar in Nederland hebben gewoond en gewerkt. Op het sluitfeest van het centrum begonnen ze over het zo oer-nederlandse stamppot gerecht en beloofde ik dit een keer voor ze te maken. Als cadeau geef ik Marc dus een uitje, kennismaking met een vlot lokaal Frans stel en gaan we naar een 4x4 gespecialiseerde garage in dezelfde gemeente om te informeren naar wat we aan moeten met een onimporteerbare bedrijfswagen. Ook was deze garage me aangeraden door de oudere meneer Branche die me zijn bomen liet snoeien. Deze garagehouder kan goedkope occasion aanhangers regelen en aangezien alles dat hier occasion is, onbetaalbaar en wel erg occasion genoemd mag worden, is een goede kruiwagen geen slecht idee.)
Heel soms moet ik me gewoon uiten zoals het is en hij doet me niet meer af als zijnde leut en lariekoek en incasseert mijn dringende woorden, al zie ik nog enige oude weerstand van ene-oor-in-andere-oor-eruit. Even janken, een wandeling maken om de modder van me af te schudden en de dingen tegen de gorges te zeggen, tegen de rotsen te foeteren en terug te storten in de modderplassen op het pad, waar het hoort. Bij de essentie blijven en dat doet me goed. Terug op het terrein pluk ik een kip van de muur die op mijn knie gaat zitten tokken en wel lijkt te genieten van de aandacht, want ze kan van die knie af, maar doet dit niet. Cros komt ook even kroelen, op mijn rug zitten, met de pootjes trappelen, spinnen en gaat op mijn schouders liggen als een luxe sjaal. Marc komt de pan met etensrestjes legen voor de kippen en geeft me een knuffel, 'het is goed' lijkt hij te zeggen. Gadegeslagen door Cros rol ik wat sneeuw tot een balletje dat een popje wordt. Ik vlecht een sjaaltje en duw er oogjes in van de kleinste lauzesnippers die ik vinden kan. Een sneeuwpop die verwarmt. Voordat Castel hem op probeert te eten haal ik Marc en geef hem het popje als kado, voor de leut. 'Larie' zegt de pop en we schieten in een deuk. Waar een klein sneeuwmannetje al niet groot in kan zijn! Zou ie klein genoeg zijn voor het Guiness Book of Records?

zondag 9 december 2012

Foto-reportage

Het is erg leuk om te doen; je mee laten nemen op huisdieren-expeditie. Na thuiskomst één pissige kat, 2 uitgeputte kittens, een vermoeide maar nog steeds springerige hond en een achtergebleven kip ergens op de helling tussen het meer en haar hok.
81 Foto's zijn zo gemaakt met een digitale camera. Ik heb er in Photobucket maar een foto-verhaal van gemaakt; Pet's Expedition december 2012 te bekijken door hier te klikken.
Die pissige kat was Cros, hij voelde zich op z'n zachtst gezegd flink gepasseerd toen we terug kwamen, rook dat 'we' met z'n allen naar het meer waren geweest en Sooty kreeg een paar flinke meppen toen ze met staart-in-de-hoogte enthousiast haar verhaal wilde doen. Eén van de kippen wilde mee, maar bleef ter hoogte van de stal op een zonnig plekje achter; er was teveel lekkers te vinden in het gevallen blad. Sooty en Merlin vonden het erg spannend. Voor dikkertje Merlin was het wat eng en zeer vermoeiend, maar gedragen worden wilde hij echt niet. Sooty was als een vis in het water, een zwarte panter die gelijk aan het hengelen ging aan de rand van het meer en voorop liep niet gestoord door wildebras Castel die de expeditieleden voorging. Ik ging alleen maar mee als cameraploeg.....