maandag 10 juni 2013

Eigendom als absurde last


Een dampende moestuin in de ochtendzon. Een groene oase waar ook daadwerkelijk heel veel groenten, fruit en kruiden tussen staan.

Vanochtend op de terugweg van de inventarisatie van een klus, wederom in de stromende regen, dacht ik even terug aan de 10 minuten dat ik met mijn rug tegen die eik geleund stond te schuilen. Het bos hoorde praten met het hemelwater. Mijn ogen gleden van boom naar bloem, van nog bloeiende brem naar het gras dat haar kans schoon ziet nu die enorme eik daar zomaar dood ligt te zijn. Een gapend gat in het bos achter latend, nieuw licht, een open ruimte. Ik zie nog net de onderkant van de kluit, de wortels afgelopen jaren weggerot.
En ik denk; "Dat is mijn boom, die eik is van mij. Mijn eigendom. Net als die eik waar ik nu onder schuil en zijn nog gezond ogende machtig hoge stoere broer, tussen mij en het gevallen kolos. Ja, mijn boom, net als het bos onder mijn voeten."
Terwijl ik de stoere broer bewonder en me afvraag hoeveel weken 'hij' een warm huis oplevert, begint er iets te borrelen van binnen. Er klopt iets niet, in mij. Iets geconditioneerd, iets menselijks en iets volkomen logisch. Of toch niet?
Maar de eik is me voor en buldert me straffend toe; "Ik ben van mezelf. Wie denk je nou dat je bent, jij nietig wezen dat zoveel hulpbronnen nodig heeft om te blijven staan? Jij uk, die 10 keer minder lang te leven heeft als wij!"
Hij krijgt opeens bijval. Van de losse graspollen, de stenen, de boterbloemen en de akelei. Van de bramenstruiken en de essen, de magere slang sist me zwakjes toe en een spinnetje aan een hedera-blad naast mijn ogen zie ik driftig wiebelen aan een zelf gesponnen draad.
Beschaamd besef ik me hoe absurd het is om überhaupt maar te denken dat ik iets bezitten mag en kan, dat zoveel sterker en anders is als mijn eigen natuur. Er klopt niets van de gedachte dat die boom van mij is. Het bos is niet in mijn bezit, ik bezit niets meer dan mezelf alleen. Nog geen takje of girolle, geen net geplette mug. Ook plat tegen het raampje in de badkamer blijft die mug van zichzelf. 
Ook in de liefde doen we dit met z'n allen. Want Lief is toch zeker mijn man en hij is getrouwd met zijn vrouw, c'est moi. 
Ach, bezit. Ik ben ook alleen maar van mezelf, net als de eik, de vlieg, de ree en de slang, de aarde en de stenen.
Er is geen enkel ander levend wezen dan de mens, die in staat is tot het bezitten van iets of iemand anders. Zelfs in de liefde krijgen we het voor elkaar om de ander te bezitten middels een boterbrief of een contract, afspraken. Dat wel en dat niet, zo wel en anders niet, liefde volgens bepaalde wetten en regels.
Nee honorabele eik, ik neem mijn gedachte woorden terug, je hoorde ze en ik schaam me rot! Je bent niet van mij, omdat je op mijn land staat, in mijn bos. Ik zal het voortaan omdraaien. "Ik ben je dankbaar voor je zijn, dat ik onder je mede-eik schuilen kan en mag. Dankbaar dat ik hier mag zijn, in een stukje bos waar geen ander mens komt, omdat wij domme domme mensen, denken dat het bezit van de zaak ons wel beschermen zal. 
Bezit zorgt voor een veilig gevoel. Maar als ik zo naar die omgevallen eik kijk, waarvan het hout voor ons van geen waarde is, omdat het er onbereikbaar hout ligt te zijn, is er van die veiligheid (voor het er warmpjes bij zitten a 6 weken) niets meer over.
Ook niet als dat enorme rotsblok, 40 meter boven het huis, gaat rollen doordat de steun die nu een tamme kastanje is, door de larve van een kever besloten heeft ook maar eens om te vallen. Weg 'mijn huis', tot een berg stenen en balken gereduceerd. 
En de liefde, mijn eigen genoot in het echt met mij verbonden? Wat is echt, als je met je rug tegen een boom staat te schuilen, omdat een nat pak je wel eens zou kunnen vellen. Voor een tijdje aan een stevige verkoudheid, of erger? Nee, Lief is niet van mij. Hij is van zichzelf, zoals ik van mezelf ben.
Alles van waarde is weerloos! (Lucebert)

Het 'in eigendom hebben' op zich is ook een zware last. Niet om het onderhoud dat het bezit vermag. Het besef alleen al, dat ik eigenlijk niets bezitten kan, omdat ik het onvermijdelijk ook weer kwijtraak, altijd, zonder uitzonderingen. Bezit is een illusie. Een utopie waar we allemaal aan meedoen en de meest absurde energie in steken om het maar in stand te houden. 
Het enige bezit dat ik niet kwijt kan raken en wat van mij is, van onschatbare waarde, dat ben ik zelf. Ik ben helemaal van mij en daar is moeilijk aan te komen. Ook niet door 'de ander'.


En nu? Ga ik mijn eigendom onderhouden. Een extra onderhoudsbeurt, technische keuring. De inhoud ondersteboven met behulp van het exterieur! Dan verhoog ik in ieder geval mijn levensduur. Misschien een 10e van die eik. Ik zal het hem vertellen als ik hem weer een bezoekje breng. Misschien inmiddels de schaamte voorbij.

Paddenstoelen zoeken

We hadden eens geen zin om de twee laatste lichturen van de dag een film te kijken met verse muntthee.
Het is de tijd voor paddenstoelen, voornamelijk girolles. Die zijn niet alleen erg lekker, maar ook best veel waard. We zouden ook erg graag wat meer uit het bos willen eten, daar moet je een gevoel voor ontwikkelen, het valt te leren.
Na het bijvoeren van de varkens sjouwen we terug naar huis, eten een wel erg lekkere bruine klassieke smaakvolle boter-ham, pakken een mesje en een tas en gaan op weg. Het is een hele toer en niet eenvoudig om door ons bos te struinen. U weet wel; De hellingsgraad en het puingesteente onder vers hoog gras, bramen en andere planten die bijna allemaal steken, prikken, schuren of anderszins je de doorgang belemmeren.
De lucht is bewolkt, maar niets wijst erop dat het gaat regenen. Heel de dag door was het droog en scheen steeds de zon, waardoor vest en trui even aan de wilgen tak, hek of muurtje werd gehangen. 
We stuiten op een slang in het gras. Opgerold, mat, donker en als voor dood ligt het beestje daar verscholen, graatmager ook. Logisch. Slangen houden dan wel een winterslaap, maar een ruime 7 maanden zonder eten is een beetje te gortig. Er loopt een krekel over de rug van de slang, maar het reageert niet. Beide vergezeld van onze eigen gedachten klimmen we verder.
Zien een omgevallen eik. Geen kleintje, hout voor een halve winter, een normale dan. Maar ja, met geen mogelijkheid krijgen we de haardblokken boven. Geen paadjes en het bospad ligt een 60 meter steil omhoog, helaas. Je kunt dan wel je eigen bos hebben met genoeg bomen, maar dat zegt opeens niets meer.
Marc roept me om eens om te kijken de kloof in. Door de bomen zie ik een regenboog, heel dichtbij. De lichtbundel lijkt te beginnen aan de overkant en te eindigen op ons huis. Zie je wel, dat we op de pot met goud wonen....
Dan begint het te druppelen. 
Nee, te regenen.
Och heden, te gieten.
Marc zoekt een mooie hazelaar op om onder te schuilen. Ik een dikke eik met dubbele stam begroeid met klimop. Dat baat even. Heel even.
We luisteren en kijken ademloos naar het gesprek tussen bos en hemelwater. Hier is het veel beter hoorbaar, dan binnen met het raam open. Het maakt een diepe indruk op ons beide, terwijl de druppels steeds groter in onze nek belanden.
Wat is de overtreffende trap van gietende regen? Geen idee, het is nog vroeg. Maar de hazelaar van Marc legt het al snel af en ik zoek de kant van de twee stammen waar de meeste hedera op groeit. 
Castel komt eerst triestig naast mij zitten. Nog triester vertrekt ze naar Marc verderop op de helling en wil wegkruipen tussen Lief's benen.
Bij zulke buien heb ik altijd de neiging spiernaakt door het bos te lopen. Ik heb geen idee waar dat vandaan komt. Maar de kou van het water weerhoudt me er toch van.
We hebben nog hoop dat het een korte bui is, maar helaas. Na een minuut of tien houden M&M het schuilen voor gezien. Klimmend, glijdend en ons een weg banend langs glibberige rotsen en de zachte doucheborstels van manshoge brem, bereiken we het bospad. 
Op een holletje is al totaal zinloos, dus lopen we rustig naar huis waar we door de lichtsignalen van een Golfje weten dat we bezoek gemist hebben.
(De klant van de 'flikker die 13 eiken maar van de helling-ik wil mijn kersenbomen meer licht geven en uitzicht'. Ik heb beloofd ergens in de late lente haar talud te maaien.)
Geen girolle gezien.
Ach, morgen weer een dag, nu eerst een warme regendouche en rozig nagenieten.

zondag 9 juni 2013

Brood doet Leven

De bakdag was een groot succes. Op de 103 koekjes na, die we in de oven lieten glijden terwijl deze nog aan het opwarmen was. De temperatuur was ongelijkmatig verdeeld en we hebben geen passend rooster voor het half ronde gebouw met een vloeroppervlak van ongeveer 12 vierkante meter. Dat lijkt enorm? Dat is hij ook. We hebben vele soortgelijke ovens gezien in Frankrijk en de onze is inderdaad erg groot. Alle baksels moeten dus op de grond. Om hem een stabiele temperatuur te geven kost een dag of twee en zoveel brembossen kunnen we niet knippen. We hebben namelijk drie keer per jaar zo'n 60 bossen nodig.
Dit keer maakte ik een filmpje in het Engels.

En vanaf van de week tot morgenavond ben ik aan het pakken voor een ruime week toeren door het Franse land. Er staan een luttele 1400 kilometers op het programma. Om nieuwe vrienden voor het eerst te zien, letterlijk brood te delen. Om in de 'Grote Stad' op zoek te gaan naar wat kleine dingen die hier onvindbaar zijn. Plannen, mailtjes sturen, adressen in GMaps combineren en kijken wat de mooiste routes zijn, want ik ga geen haast maken door over de paar snelwegen om te rijden, omdat dat nu eenmaal sneller is. Ik noem het tenslotte vakantie! 
Het is jammer dat een groot bedrijf in boomverzorgings- en bosbouwmaterialen zo achterlijk uit de richting ligt. Ik ga er toch naar toe, wat me een anderhalve dag extra kost. Dit is Frankrijk!

Ik probeer wat vooruit te werken thuis qua huishouden (=water naar de zee dragen). Maak een lijstje 'Niet Vergeten' voor Marc. Hij hekelt lijstjes, maar het zou jammer zijn als we enkel rottende aardbeien hebben als ik terug kom. De bosaardbeien-tijd plots voorbij is zonder die om te toveren tot delicatesse. De sla is opgepeuzeld door slakken die door de raapmazen heen wisten te glibberen en zo al niet meer van zulke kleine klusjes.

De hectiek wordt compleet gemaakt door de voorbereidingen om een dame uit Slovenië te verwelkomen als eerste Work-Away-er, wat van ons een Host maakt. Dit samen met de communicatie die gewenst is om Marc een uitvlucht te bieden de zomerhitte hier te ontvluchten als zo'n zelfde work-away-er.

vrijdag 7 juni 2013

Donderdagbeleving XXVI; een klaproos

Lente 2009 zaten we bij H&T wat te keuvelen met het bekende druivengoedje, dat rode lichtjes achterliet op de tuintafel. Er kam een potentiële klant aanwaaien, een dame die ook wel in Frankrijk wilde wonen en er steeds wat weken de tijd voor nam om een regio en een huis te zoeken. (Wat haar uiteindelijk in 2011 ook gelukt is.) Ik liet door haar mijn Tarot lezen. Een voor mij onbekend fenomeen, wat zij serieus ter hand nam met als eindconclusie dat 'ik onverenigbare dingen samen kan brengen'.
De onzichtbare brug?
Nu is Tarot voor mij iets vaags en dat zal het altijd wel blijven, maar die conclusie van de kaarten zal ik nooit vergeten.
Ik laveer tussen Nederlands zijn en misschien best Française willen worden.
Ik doe mijn stinkende best om Lief's kluizenaarschap te verbinden met mijn sociale inslag op een fysiek geïsoleerd plekje.
Op de donderdagen rijd ik van hot naar her om bij mezelf te blijven, te doen en te regelen wat voor M&M het beste is.
Ik wentel me in de overeenkomsten tussen Franse en Nederlandse mensen en stuit op de verschillen die ik achteloos combineer zonder dat het me frustreert.
De muziek van het insectenkoor in de nu bloeiende acacia's mag best even overgaan in hippe trance.
Ik leef een relatief modern leven in een bijna middeleeuwse setting.
Ik denk Nederlands en droom in het Frans.

De Onzichtbare Brug;

Ik voel me een klaproos bloeiend tussen asfalt en een muur....


woensdag 5 juni 2013

Ochtendstond heeft goud in de mond

Ja, het is zo ver! De zon en iets aangenamere temperaturen zijn terug. De ijskoude wind laat ons genieten van het feit dat we de hele dag buiten kunnen werken om de achterstand in te halen van die maanden binnen moeten zitten. Het gesleep met natte stammetjes om de temperatuur binnen boven de 13 graden te houden. Het geglibber en het laten drogen van natgeregende dikke truien, de kaplaarzen die de mat bezetten en meer van zulke minpunten die het leefgenot op deze schitterende plek af en toe in de weg staan.
Vandaag levert Marc een vriendendienst; Met Bernard naar de Ardeche reizen om daar een auto op te halen. Een rit van 5 uur heen en 5 uur terug. Iets dat niet gaat wennen, de afstanden hier zijn lang, en dat blijven ze. Ik zet hem af op de hoofdweg om 6 uur in de morgen, wat me de dag ziet ontwaken. Er drijft nog een wolk laag in de kloof. Een nog steeds onbeschrijfelijke ervaring en dat gewoon thuis! De vrijheid is duur betaald, maar blijft het meer dan waard. 
De eerste zonnestralen maakt de wolk vergankelijk, de druppeltjes zijn als stof en lichten goud op, ochtendstond heeft goud in de mond. De enige dagen dat ik graag ontbijt. Altijd als ik zo vroeg uit de veren moet zijn, wil ik mijn leven beteren door er een gewoonte van te maken. Voor alsnog mis ik de discipline.

Om de brembossen goed droog te krijgen heeft Marc een droogrek van bamboe in elkaar geknutseld op het verloren terrasje naast de oven. (Ook weer een nieuwe speeltuin voor de katten, die beesten hebben hier een fantastisch leven. Ik vraag me vaak af of ze zich dit beseffen.)
Vrijdag is het zover. We duwen ons gehaast een broodbakdag door de strot. Het heeft erg lang geduurd voor de temperaturen net aangenaam genoeg zijn voor het deeg om buiten te reizen. We zijn te klein en onpraktisch behuisd om dit in één van de tien gebouwen te doen. Ik nodig drie vriendinnen uit, maar iedereen werkt nog, dus waarschijnlijk wordt het weer samen rennen, vliegen en kilometers maken met de gevulde bakplaten in de armen, het steile paadje in de moestuin af en op.

De zon troost de verkleumde bloemknoppen. Dat doet hij goed en snel. De acacia's zijn topzwaar en lijken stuk voor stuk een enorm bruidsboeket. De salie is de eerste die ons haar pracht toont, meer bloemen dan voorgaande jaren.

 De mensen klagen steen en been over de kou die IJsheiligen van de tuinkalender vaagde. Ze hebben behoefte aan kleur in hun tuin nu ook hun jonge kiemplantjes in de moestuin zijn bevroren. De winkels rekenen dan ook niet niks voor fleurige planten. Een hortensia in een pot met een diameter van 20cm kost dan ook rustig 30 euro. Ik blijf me verbazen over het feit dat bloemen en vaste planten ontzettend duur zijn. Een kleine geranium moet toch echt iets van 3 euro kosten, waar je in Nederland een hele tray voor hebt. Vandaar; Geef mij maar wilde bloemen. Zoals de wilde lavatera hieronder. Want ze zijn weer massaal gearriveerd, die wantsen. In alle kleuren waarvan de bruine wants onze aardappelbloemen opvreet en de rood-zwarte 'punaises' alles dat tot de koolsoorten behoort. Wilde bloemen leiden de insecten af en zo redden we onze groenten op natuurlijke wijze, ze trekken ook insecten aan voor bestuiving en het blijft een lust voor het oog.

Spruitjes, witte kool en broccoli krijgen extra aandacht. Slakken houden niet van scherpe randjes. De top van een petfles doet dienst als mini-kas om de tere jonge koolplantjes extra te verwennen en aan te laten sterken voor het doorgroeien. Ook opaarden gaat heel makkelijk met de onderkant van zo'n petfles. Er zit hier toch geen statiegeld op deze flessen. Om koolsoorten in banden te zetten is geen doen. We zouden teveel oppervlakte kwijt zijn. Dan ploeg ik liever met de hak wat vierkante meters vrij.
Wist u datje; Alleen wat jongeren hier geen moestuin hebben? Het is meer regel dan uitzondering, want groenten en fruit zijn duur in verband met de afstanden waarover deze vervoerd moeten worden. Dit zal dit jaar nog een tikkie duurder zijn door de afwijkende lente. En ja, Fransen blijven kieskeurig wat hun voedsel betreft. Hier geen genetisch gemanipuleerde rommel en liever geen kasgroenten. Locals kopen liever niet de zo mooi uitziende waterige groenten met zoveel minder voedingswaarde. 

En dan nog even 9 seconden lang het kwispelen van een varken. We vinden het erg jammer dat we geen vleesvarkens konden vinden waarvan de staartjes intact zijn. Een kwispelend krulstaartje is natuurlijk veel leuker dan dit wat onaangename gezicht. Hopelijk volgend jaar beter, echte kontjes in plaats van de mismaakte achterkantjes van Lardon & Jambon.