vrijdag 28 oktober 2011

Onderwijl


Onderwijl al die andere bezigheden in, werken de mannen zich twee dagdelen per dag door een volledig dichtgegroeit stuk bos heen. Waar ooit een paadje is aangelegd voor het plaatsen van telefoonpalen -wonderlijk genoeg- naar de overkant van het stuwmeer, om daar de nog steilere hellingen te beklimmen naar een groter dorp voor het verkrijgen van telefoon, is het nu volledig dicht gegroeit met decennia oude braamstruiken, hondsroos met dezelfde leeftijd, elzen en populieren. Daar stroomt al eeuwen de bron die uiteindelijk het meer voedt. Het pad is de uitloper van het stalpad en we zouden graag dit door laten lopen tot zo ver mogelijk aan de rivier. Deze helling moet een stukje bosbouw worden voor onze houtvoorziening; snel groeiende bomen waar we bij kunnen met de auto om te vellen en blokken hout in te laden.
Omdat ik twee keer per jaar maaide tot waar ik niet bleef hangen in de oude rozenstruiken viel het mee, waren het oude populieren die waaibomenhout geven (weinig warmte en snel opgebrandt) en bereikbaar met de auto. Maar daarna is het puinhoop!
De rozen en bramen groeien van de helling af, erop en voor je voeten, onbereikbaar met de bosmaaier, onbereikbaar met de kettingzaag. Dus een stukje help ik de heren, toch met beide machines terwijl zij bramenbossen, takken en blad verstoken. Zwiep, zwap, zwaai met de kleine Echo (kettingzaagJE) en reng, rang, klap met het slagmes van de bosmaaier onder, in en tussen al die doorns die je op lijken te vreten.
Ik ga al langer geen gevecht meer aan met de slierten, maar voel me wel de prins uit Doornroosje, alleen lig ik niet in een 100 jarige slaap. Mijn prins staat achter me met zijn vader die we op sleeptouw nemen, omdat hij anders verdwaalt in de klusjeskeuze en onzeker wordt van de stilte die ons kindje is geworden en waar we ons prettig bij voelen. Thuis heeft Harry een TV (ruis & herrie), kostgangers (ruis & herrie), heel veel werk (ruis & verkeerslawaai), ontzettend veel sociale contacten (voornamelijk ruis) en de kabbelbranding van Westvoorne-kust nog net niet in de achtertuin en dit alles op vlak terrein. Dit is andere koek. Meestal komt Harry vrij onverwacht voor onbepaalde tijd -zolang het ons drieën blijft bevallen- met twee enorme kratten eten en drinken en 3 zelf bereide maaltijden genoeg voor 6 uitgehongerde houthakkers bevroren en in kranten verpakt.
Ze werken hard, toch slaapt Harry slecht in. Het is niet de stilte, lichte doofheid is zonder gehoorapparaten gewoon doof. De duisternis of de andere geuren, hij weet het zelf ook niet. Bange tuthond Miska krijgt een les van Castel die langs de auto meerent, waar we ook gaan, naast een groot vuur in het bos gewoon ligt te slapen terwijl de machines kabaal maken en de takken om haar flaporen zwiepen en regen? Dat is wel het minste probleem van onze viervoeter die nu toch echt waaks is en ons uit bed blaft als ze iets ontwaart in de buurt van het huis. Miska was altijd heel erg bang voor katten. Nu slaapt ze liever in het donker in eigen mand tussen 4 katten in, dan dat ze met Harry mee naar de bar gaat om zich daar op te krullen tot poes-formaat in de versleten leunstoel.
Pais en vree, temeer omdat ik steeds beter zijn manier van doen kan hanteren en weet dat hij er maar tijdelijk is. Je went aan alles; twee tot drie keer herhalen wat je zegt. Je went aan de moddersporen in een net gedweild huis, je went aan het aanrecht bezaait met één keer gebruikte mokken en glazen, broodkruimels, beboterde messen en de zware basstem die maar door ratelt als hij op zijn spreekgestoelte zit. Helpen doet ie!

Al 40 meter gedaan, dat kleine stukje moet nog onder een sombere herfstlucht die af en toe wat regen laat vallen en je uit je jas doet waaien. Lief en ik houden het wat langer vol en ronden zo de dag samen af op de helling vlakbij de modderpoelen van de wilde zwijnen. Ook Castel is hem al gevlogen, terug naar boven waar ze vast veel lekkers krijgt van Harry.
's Avonds is het wat anders, dan is het donker, is ons licht maar net genoeg voor hem om een boek te lezen en zal hij zichzelf wat moeten vermaken; wij werken op kantoor als het donker is. Ergens ongezellig, maar we kunnen het ons niet veroorloven alle avonden maar wat te babbelen aan de enorme houten eettafel.
Vandaag een rustdag voor lijf en leden, hebben we hard nodig en het weer dwingt ons ook, net even te nat om ons uit te sloven in het bos bij een vuur dat door het vocht niet wil oplaaien.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen