Afgelopen dagen gaan we het terrein niet af. We hebben geen boodschappen nodig -tot vandaag-, verwachten geen post en de enige die we zien is Nadine die de betonmixer komt lenen voor het voegen van de onderkant van haar schuur. Ze bleef even plakken en vluchten met een glas limonade naar binnen, want het gaat een beetje spetteren, alweer. Als een fransman -of francaise- vraagt om water en je zet er siroop naast in diverse smaken, drinken ze bijna allemaal hun water met één van de aangeboden smaakjes. Ik houd deze gewoonte er dus maar in om altijd de flessen siroop erbij te pakken als onze gasten om water vragen.
Ik mis door haar bezoekje wel yoga, maar kan ons overschot aan eieren kwijt en maak het goed met haar. Ik heb die keer dat ik haar hielp met maaien een in het gras overgroeit plantje salie weggemaait en die in onze tuin zijn prachtig, groot en sterk. Daar kan ik er makkelijk één van missen.
Vorig jaar juni zijn we hier spreekwoordelijk verzopen. Deze juni is het minder nat, maar nog steeds koud, veel bewolking en heel vaak regen, met en zonder onweer. Dus een t-shirt, een trui en een vest is geen overbodige luxe en we stoken afval hout van het schuurdak.
Marc ging gisteren ook op bosaarbeitjesjacht en komt terug met een kilo van deze wilde delicatesse. Dat is erg veel als je weet hoe klein de vruchtjes zijn. Vandaag zie ik tijdens het maaien weer een hoeveelheid staan, terwijl Marc daar toch echt geplukt heeft gisteren. Potjes pure bosaardbeienjam is een erg dure delicatesse als je omrekent wat het kost om dit goedje te maken. Maar we maken er geen handeltje van, ook de regels van de voedsel en warenwet zijn hier streng. Heel veel kleintjes maken één grote pot bosaardbeienjam die wij iedere avond op een zelf gebakken suikerboterham verorberen.
Op de markt gaat het hetzelfde als met bosaardbeitjes. Niet gezien vanuit hun perspectief (http://opennaarfrankrijk.blogspot.com/2011/05/het-perspectief-van-bosaardbeitjes.html), wat een vreemd schouwspel zou zijn geworden, maar wat indrukken betreft. Het stadje is weer vol geparkeerde auto's die er buiten het zomerseizoen niet zijn. Ook de straat en het plein is weer één grote menigte gemaakt door al die winkelende, kletsende, kopende en kijkende mensen. Het verschil voor mij zit hem in het groeten en praatjes maken met jan en alleman. Dat worden er elke keer meer en even snel boodschapjes doen zit er niet meer in. De man met de kleurige gebreide vestjes voor jong en oud groet me zelfs, dat hij me nog herkend van vorige jaren? De slager-met-ziekteverlof staat te kletsen met Rene de knoflookman en zo maak ik weer officieel kennis met een dorpsgenoot die ik in het vervolg dus niet meer zomaar voorbij kan lopen met enkel een knik van het hoofd en een b'jour. (Stil staan, hand en twee of drie zoenen en een oprechter 'ca va?' dan het snelle b'jour staat nu vast, pffff. En dit maal zoveel!)
Ik heb het hier en daar nog heel even over het ongeval van anderhalve week terug en Arlette biedt aan om ons te bellen in het vervolg als er zoiets gebeurd of als we iets moeten weten dat er speelt. Dit vind ik attent en stelt me gerust. Ook de dame van de soort marskramer herkent me wel en helpt me met het vinden van een nieuwe cafétière, gisteren viel de oude van het rechautje af en de volle pot stroomde leeg in de schouw, over de rand zo de kamer in. Ach ja, alles van steen en die glazen pot zal alle stootjes wel een beetje zat zijn geweest.
Ik ga jonge preitjes kopen, zelf opkweken lukt maar niet en het kost haast niets, 10 cent per plantje. Terwijl ik daar sta te neuzen tussen al het kleine spul, zie ik de vrouw van Felix ook plantjes kopen. Vertederend haast hoe de oude dame haar knip opent en losse muntstukjes zoekt, ik krijg er zo'n weemoedig ouderwets gevoel van. De knoflookman is weer allervriendelijkst als ik een mooie streng uitzoek om als kado naar NL te sturen en geeft me een gewoon bosje erbij voor dezelfde prijs. De forellenman zwaait naar me terwijl de olijven- en wijnman van achter zijn kraam komt om een hand te schudden. Mijn indrukkendoosje is al weer vol en ik besluit geen koffie te gaan drinken of even gedag te zeggen bij Nadine en haar man, die ik ook niet ergens rond zie struinen op de markt. Een vriend van hen schiet me aan. Hij had belooft te bellen over het knippen van zijn haag nu het steeds zo bewolkt en koel is. Maar hij heeft een week niets laten horen en als het weer opknapt zal hij toch echt tot het najaar moeten wachten. Het is een aardige man, maar nu even geen zin in.
Ursula van het biologische winkeltje schiet ik wel even aan om te vragen wat ze van ons brood vond. Ik heb haar destijds een brood gegeven, gebakken van haar peperdure biomeel. Ook zij roemt het M&M brood om de smaak, dat het zo lang zacht en geurig blijft en de voedingswaarde. En passant vraag ik of ik groente bij haar mag verkopen, als wij teveel hebben. En dat mag! Dit zou voor de komende pompoenen en de snijbonen wel eens een oplossing kunnen zijn. Ik kan de vriezer niet voller doen als dat hij inhoud heeft.
Moe ga ik naar huis, veel kleine indrukken maken mij goed onder de indruk van gewoon even boodschappen doen.
Thuis wacht me een verrassing; Marc heeft 'het kot' geisoleerd en een extra brede plank gemaakt. Met hier gevonden rollen glaswol en bamboestokjes was het in een paar uurtjes gefixt. 's Winters bevriest de melk bijna en hard de olie uit. 's Zomers is het er tegen de 17 graden en dat is voor voorraden -ook melk- echt veels te warm. Probleem opgelost en daar zag hij zo tegenop?!
Om mijn hoofd leeg te maken ga ik de berm langs het bospad ter hoogte van ons huis maaien. Eén a twee keer per jaar doe ik dit om te voorkomen dat de enorme maaibalk van de gemeente ons hek niet meemaait. Verder blijft het fris, maar eens een dag helemaal droog. Geen pijl op te trekken.
donderdag 9 juni 2011
maandag 6 juni 2011
Condoleances

Zaterdagavond hoor ik dat de omgekomen jongen de zoon is van de eigenaresse van het buurtsupertje van onze gemeente. Ik ken haar, een beetje, maar goed genoeg me nog meer aangegrepen te voelen door de tragiek van deze gebeurtenis. 'Hoe dat toch kon gebeuren? Er zijn toch wetten voor om dit te voorkomen!' De rationele kant van het geheel leeft hier nu nog niet. Er is geen plaats voor redenatie en zicht op de gevolgen. Maar hoe dichter bij hoe minder plek is voor de koude kant van de zaak. En ik voel me rot dat ik de begrafenis gemist heb, doordat we van niemand hebben gehoord wanneer deze plaats zou hebben. Ik voel dat ik in deze superkleine gemeente erbij had moeten zijn, maar ik kan niet dagelijks naar boven gaan rijden voor het nieuws en we zijn drie keer 'boven' geweest, dit is ons niet ter ore gekomen, vreemd genoeg. Dus denk ik na wat te doen. Niets meer doen, kan ik echt niet. Daar is ook mijn betrokkenheid bij de gemeente na 2,5 jaar te groot voor. Dus probeer ik namen en een adres te achterhalen, maar dat lukt tijdens het weekend niet. Ik maak een heel mooie condoleancekaart met eigen tekst erop. Print de kaart uit op fotopapier en snijd hem bij. Er ligt nog een stapel gefrankeerde post klaar voor de brievenbus.
Ik herinner me dat ik een gesublimeerd aluminium plaatje van A4-formaat heb verhuisd. Het was 'afkeur' of gewoon een extra exemplaar. Het is een gedicht over een overleden dochtertje aan haar ouders, om hen te troosten met haar laatste boodschap. Een zachte pastelkleurige tekening met zachte randen van een sterrenhemel met daarin een cirkel-maan met een meisje erin. Ik weet niet wat ouders voelen als hen een kind ontvalt, maar dit gedicht heeft me daar veel over geleerd en laten zien. Ik kon het niet in NL laten, of weggooien.
Dus belandde het hier in de keukenkast met voorraden en tupperware. Een rare plaats om dit te bewaren, erg vreemd. En ik heb nooit begrepen waarom ik het verhuisde of juist daar heb bewaard. Maar na het dichtvouwen van de enveloppe met kaart, weet ik het ineens. Het gedicht, het aluminium plaatje roept me. Ik weet het nu; ik breng de kaart naar hun huis, nadat ik hun naam en adres aan de dame in het café heb gevraagd en waag me sinds heel erg veel jaren, op een begraafplaats om gericht een laatste rustplaats te bezoeken.
Ik kan niet typen wat er daar 'aanwezig' was, daar kan en wil ik niet over schrijven. Wel dat ik het gedicht tussen de bloemen verscholen neer heb gezet tegen het graf aan. Het gedicht is in het nederlands, het is niet zo even te vertalen. Ik heb het gedicht ook niet overgeschreven of bewaard. Het staat in geen enkel bestand of map, het is alleen dáár...
De rest van de dag blijf ik in een basale stemming en doe zo verder m'n ding. Ik ben opgelucht dat ik ons getoond heb en gedaan wat ik voelde, en kon. Het is beter dan niets.
zondag 5 juni 2011
Vondsten
We hebben alle ruimtes al zovele keren ontruimd, opgeruimd, gesorteerd, opnieuw ingedeeld, het terrein gemaaid, zand en aarde weggeschept, gesnoeit, gemaait, zand teruggeschept, struiken gerooit, grond gevlakt en nog eens allemaal opnieuw.
Ik zat van de week op het stenen bankje bij de buxus met een eerste kopje koffie. Haan², twee kipjes links van me op het bankje, Cros rechts van me op het bankje en Castel er dralend omheen. Mijn oog valt op een metalen ring. Zomaar in het zand in de rand van de muur naast de enorme buxus. Alle dieren aan de kant, want dat is toch geen gewone ring?
Jawel hoor, een zegelring. Het ding ligt er te schitteren in de ochtendzon, wat vreemd! Hij past om m'n ringvinger, maar het is een herenring. Geen inscriptie, geen zilvermerkje, geen monogram, gewoon een 'blanco' ring. Raar ding om na 3 jaar zomaar te vinden, terwijl we altijd buiten toch echt met grof handgeschut in de weer zijn, om juist zo'n vondst niet te vinden.

Achter het huis langs het verwilderde paadje naar het ravijn staat een oude stenen wasbak. Een tussenschotje verdeelt het ding in tweëen, de afvoertjes zijn verstopt en na het leegscheppen van de bakken bleek eerder dat één afvoer dichtgesmeerd zit met cement. We gieten er altijd wat druppels olie in om de muggenlarven te smoren en een stok voor de hagedissen en muizen die erin kunnen vallen. Want na een droge tijd zijn de bakken halfvol water en dan verdrinken zulke diertjes. Maar de bakken kijken we niet vaak na, we komen er ook amper. De stok is eruit verdwenen en Marc's oog valt op een donker ding dat erin drijft; een vliegend hert, verdronken.
Nog helemaal intact brengt hij het mee naar binnen, toch zonde, ook al siert het dier een kast in de woonkeuken...
Ik zat van de week op het stenen bankje bij de buxus met een eerste kopje koffie. Haan², twee kipjes links van me op het bankje, Cros rechts van me op het bankje en Castel er dralend omheen. Mijn oog valt op een metalen ring. Zomaar in het zand in de rand van de muur naast de enorme buxus. Alle dieren aan de kant, want dat is toch geen gewone ring?
Jawel hoor, een zegelring. Het ding ligt er te schitteren in de ochtendzon, wat vreemd! Hij past om m'n ringvinger, maar het is een herenring. Geen inscriptie, geen zilvermerkje, geen monogram, gewoon een 'blanco' ring. Raar ding om na 3 jaar zomaar te vinden, terwijl we altijd buiten toch echt met grof handgeschut in de weer zijn, om juist zo'n vondst niet te vinden.

Achter het huis langs het verwilderde paadje naar het ravijn staat een oude stenen wasbak. Een tussenschotje verdeelt het ding in tweëen, de afvoertjes zijn verstopt en na het leegscheppen van de bakken bleek eerder dat één afvoer dichtgesmeerd zit met cement. We gieten er altijd wat druppels olie in om de muggenlarven te smoren en een stok voor de hagedissen en muizen die erin kunnen vallen. Want na een droge tijd zijn de bakken halfvol water en dan verdrinken zulke diertjes. Maar de bakken kijken we niet vaak na, we komen er ook amper. De stok is eruit verdwenen en Marc's oog valt op een donker ding dat erin drijft; een vliegend hert, verdronken.
Nog helemaal intact brengt hij het mee naar binnen, toch zonde, ook al siert het dier een kast in de woonkeuken...

Een dag later;
Loop ik al telefonerend door het huis als mijn oog valt op beweging op de kast. Het vliegend hert is aan de wandel! Dus verstijft door het koude water in de bak leek het insect dood! Een nachtje drogen heeft hem blijkbaar goed gedaan. Ik plaats het diertje buiten op een steen. Als Marc hem later in de moestuin wil gaan zetten, krijgt hij hem nauwelijks opgepakt, de weerstand van het diertje is groot en er is niets traags meer aan. Gelukkig loopt er een vrouwtje bij de aardbeitjes die ik daar al eerder had zien zitten. Het paar is compleet en onze opluchting en verbazing groot. Wat kan een mens zich vergissen...
Naaimisschiene

Op de momenten dat buiten werken geen optie is en de stekkers er hier uit moeten, kruip ik bijna altijd achter de naaimisschiene. Dit apparaat is voor mij best belangrijk geworden, want zo eens in de maand ontdek ik een scheur in een werkvest, springt er een naad los van een kledingstuk of zie ik weer drie volle zakken gedroogde lavendelbloemetjes liggen. Zonder de naaimisschiene zou dit zich ophopen, zou ik de kleding weg gooien of er poetslappen van maken of urenlang met een koplampje zitten tobben met naald en draad.
Tijdens het onweer-weer neem ik wel de gok alle lampen op mijn slaapkamer aan te doen om wat extra licht te hebben, stop ik de stekker van de machine juist wel in een stopcontact en ga vol goede moed aan de slag.
Zo ook gisteren, met een wijntje erbij, poes in de buurt en met het voornemen niet uit mijn vel te springen als er een naald of draad breekt.
Ik ga lavendelzakjes naaien van een stokoud gebloemd gordijn. De lapjes had ik al geknipt, maar de vorige keer brak de bovendraad steeds en dit was dermate frustrerend dat ik snel gestopt ben. Nu ga ik toch echt de uitdaging aan. Maar tijdens de eerste paar zakjes breekt de draad diverse keren en mijn geduld wordt danig op de proef gesteld. Na de zoveelste poging met draadbreuk ben ik het zat. Het glas is leeg en mijn oog valt op een antieke schroevendraaier. Ik schroef de kap van het lampje eraf en smeer de zichtbare bereikbare onderdelen die bewegen. Maar dit helpt alleen voor het achteruit naaien!! Ik voel namelijk de draad vastlopen in de machine als ik met de hand de machine bedien, grrrrrr. Daar kan ik natuurlijk niet bij. Ik zak achteruit in m'n stoel, neem cros op schoot, als Marc naar boven komt om polshoogte te nemen. "Lukt het?" vraagt hij. "Nee!" Is mijn antwoord. Hij draait aan de aandrijving, kijkt erin voor zover mogelijk en probeert ter plekke de schroeven te vinden om het apparaat verder uit elkaar te halen. Maar gebrek aan licht en andere gereedschappen doen hem besluiten het apparaat te gaan opereren. De garantieperiode is al voorbij, dus nu kan het.
Beneden gaat alles aan de kant voor 'Operatie Naaimisschiene'. Pincetten, tangetjes, alle soorten schroevendraaiers en het onontbeerlijke koplampje komen eraan te pas. De plastic kast bestaat uit twee grote delen. Er zitten gaatjes in en ergens diep van binnen zitten de schroefjes. Hij draait er een stuk of 15 schroefjes uit die niet door de gaatjes passen en dus in de machine vallen. Maar de kast blijft 1 geheel en we krijgen geen zicht op de binnenkant waar die draad steeds in vast lijkt te lopen. Lieve lezer, je snapt het al; het wordt een half open rammelkast waar af en toe een klein zwart schroefje uitvalt, allemaal andere afmetingen en lengtes. Ik heb er een hard hoofd in, dat ding kan nevernooit meer in elkaar! Veel zweten, vraagtekens en frutteren later lijkt het ding beter te draaien -met de hand- en voelt het lichter aan dan voor de operatie. Nu de misschiene nog in elkaar zetten natuurlijk. Moedig start m'n lief met deze onmogelijke klus. Een half uur later lijkt het in orde, ook al passen de schroefjes van buitenaf niet door de gaatjes, waar hij ze wel door los heeft gedraait. Raadselachtig, maar een feit. Zodra het hele ding in elkaar zit en alle losse stukken weer bevestigd zijn, liggen er nog steeds 4 schroefjes op tafel. Maar de naaimisschiene voelt stevig aan, er beweegt niets, er rammelt niks en het stugge draaien lijkt verholpen.
Vandaag steek ik de stekker er weer in, ga er rustig voor zitten en naai in één keer al mijn lavendelzakjes af, zonder draadbreuk! Wat een zegen!
Het andere naaiwerk levert andere problemen op met de in Vietnam gemaakte machine; Naalden die breken.
Ik heb het ding te goed gesmeerd; het schroefje dat de naalden op zijn plek houdt, schudt steeds los door de olie en duwt de naald scheef waardoor deze opeens op het ijzer belandt tijdens de naaibeweging. Potverdrie, nu dat weer, of nog steeds. Drie nieuwe naalden verder zijn die andere klusjes toch ook geklaard en weet ik precies wat mijn misschiene wel en niet aan kan.
Ook met 4 ontbrekende schroefjes doet het ding gewoon z'n ding!
zaterdag 4 juni 2011
Bedrukt

"Hé Pierre, kom je ff mee. Ik wil je wat laten zien." Pierre denkt dat het gaaf moet zijn, want Jean ziet er gespannen uit zo net na z'n 14e verjaardag. Samen gaan ze het grote huis in van zijn vader die aan het werk is. Maman is er ook niet, want die moest naar de stad voor iets. Zus is naar een vriendinnetje, dus kan hij met rode konen op z'n gemak het jachtgeweer van pa uit de kast halen. Z'n vriendje kijkt met vochtige handen toe en glundert net als z'n grootste vriend als ze samen naar een afgelegen veldje lopen via de achtertuin die grenst aan een bossage met daarachter de velden. Met een doos kogels in een tasje en het zware geweer aan een riem zoeken de twee vrienden een goede plek. Jean laadt het geweer, hij heeft het zijn pa zo vaak zien doen. Hij zal ontzettend op z'n lazer krijgen als zijn pa dit te weten komt. Maar hij weet er al alles van, hij mag tijdens het jagen altijd mee om het geweer te dragen als er wat geschoten is. Het wapen lijkt nu veel zwaarder als van de winter en hij geeft het aan zijn vriendje om ook eens te voelen. Die legt aan, voor de grap, maar ook al een beetje voor het echie. Knal! Zegt het geweer. De kogel ketst onzichtbaar snel af op een steen, dringt via de onderkin van één van de jongens het hoofd in, om er boven de ogen van de jongen pas weer uit te komen."
Jullie begrijpen dat onze gemeente afgelopen week diep geschokt is geweest door dit ongeval. Een verkeersongeval op het grote kruispunt datzelfde weekend is veroorzaakt door drank achter het stuur. Of dit verband houdt met het omgekomen ventje weet ik niet.
Ik denk steeds terug aan het Nederlandse gezin dat omkwam op de franse wegen vorig jaar met in datzelfde weekend de drie franse jongeren uit het dorp waar wij ook veel komen. Dan vallen onze persoonlijke drama's in het niet en ben ik dankbaar dat we het zo goed hebben, hier en nu!
Dit bedrukte gevoel wat het een ieder gaf hier, wordt in mij versterkt door het onweer-weer dat weer gestart is. Dagelijkse onweersbuien, vaak vanuit het niets lijken ze te komen, met rollende donders of juist alleen de flitsen, maar altijd met een plensbui waar je u tegen zegt. Gelukkig voor de moestuin, maar opfrissen doet het nauwelijks. Vanuit de extreme kou van een paar dagen terug, in een drukkende sombere atmosfeer.
Geen enkel nieuws uit Nederland maakt ook nerveus en zeker als er dan een verontrust telefoontje komt van iemand die de tuin zo af en toe komt doen; overvolle brievenbus -en tis zo'n groene box, daar kan best veel in- en erg hoog gras? Geen communicatie met de nieuwe eigenaren van m'n liefs oude bedrijven, al vraagt hij er al 2.5 jaar geregeld naar. Zoethoudertjes krijgt hij te horen en een advocaat bevestigd dat we met onze rug tegen de muur staan. SL gaat per juli iets nieuws introduceren waardoor onze 'business' waarschijnlijk over de kop zal gaan. Want ook al is het niet je-van-het, als er een 'NIEUW'-label op dingen geplakt wordt, is het al snel een hit. We hebben het steeds moeilijker saampjes, met deze hele bende. Het is allemaal oud nieuws, nederlandse restjes die we niet los kunnen laten. Maar het drukt zwaar. Ik wil er eigenlijk niet meer over schrijven, maar het beinvloedt ons leven dagelijks, of ook snachts, en dit drukt z'n stempel op alles.
Het kan teveel zijn, maar we leven nu en dus kom ik m'n afspraak na om na yoga toch door te rijden naar Nadine die me vroeg te komen eten. Ik dacht nog met haar man en weekend-familie, maar -gelukkig- helemaal saampjes.
Ik ben in alle emotie te laat weggegaan thuis, dus de deuren van de zaal zijn al dicht. Normaal ga ik echt niet meer naar binnen. Te laat is voor mij te laat, eigen schuld. Maar ik heb zo'n behoefte de dingen even van me af te zetten, dat ik toch op m'n tenen de zaal in glip, een matje pak en gewoon plaats neem tussen de al in meditatie verzonken dames.
Dit is RUST. Ik voel van alles wegvloeien, via de dunne blauwe mat, door de houten vloer naar het zwembad beneden en veel via m'n kruin de kosmos in. Veel keren dwalen m'n gedachten weer weg naar al die rommel, maar de oefeningen doen me toch goed.
Nadine heeft echt op me gerekend; salade, heerlijk brood, gevulde courgettes en aubergines (die lust ik niet, ook al zijn ze erg lekker klaar gemaakt) een koel wit wijntje -altijd alles topkwaliteit- met een desert van de jongste geitenkaas ooit (net slagroom) met eigen aardbeitjes uit haar moestuin. De tafel had ze al gedekt voor ze naar yoga ging, de groenteschaal staat in de oven, het houtgestookte fornuis brandt al de hele dag en de woonkeuken is behaaglijk. Buiten blijft het regenen. Het is heel snel donker nadat we een onweerslucht zien uit het keukenraam beschenen door een late zonnestraal die een perzikkleurige lucht tovert naast een antraciet grijze wolkenpartij met wat blauwe gaten erin, bijzonder.
We kletsen, beide bedrukt door het ongeluk met de jongen, mijn toestanden en haar leven. Zij verteld haar levensverhaal, niet makkelijk. Ik lucht mijn hart voor zover gaat in het engels, ze kan niet zo goed luisteren. Plots staat ze op, trekt een enorme lade open van de grote eettafel en legt de uitgetypte brief voor me neer; het bezwaarschrift van de huisvuilfactuur direkt geadresseerd aan meneer de burgermeester van het stadje. Ik had een kladje gemaakt met mijn visie en argumenten, evenals Marc en Nadine heeft ze samengevoegd en in net frans geschreven uitgeprint; de schat!
Als ik naar huis rijd rond 11 uur, kan ik niet om alle padjes en escargots heen die de wegen oversteken in de nattigheid. Er moeten ook kikkers tussen zitten die ik nog nooit van dichtbij heb kunnen bekijken, want een padje van 5 cm dat 60 cm ver kan springen ken ik niet. Dus rijd ik langzaam op de pikdonkere weggetjes met de vele bochten en kronkels, nul tegenliggers, dat scheelt. Altijd met groot licht rijden is hier een must in het donker. Met die paar meter zicht met gewoon licht ben ik te bang voor wild voor de auto, wat niet alleen het dier schaadt of erger, maar mij ook na 4 keer over de kop in het weiland of ravijn kan doen belanden. Raar, in Nederland gebruikte ik zelden groot licht en hier altijd. Maar ik rijd zeer zelden in het donker.
Op het geasfalteerde bospad zie ik geen padden en geen vuursalamanders meer, niks anders dan een handvol slakken die de tocht over de scherpe steentjes toch maar aangaan.
Bedrukt voel ik me nog steeds. Het drukkende onweer-weer blijft voorlopig ook nog even hangen.
Het enige dat echt super gaat is de moestuin... Misschien dat een filmpje-frietjes-avond iets verbetert? Zelfgemaakte friet, zelfgemaakte kroketten met zelfgemaakte mayonaise....
Errug lekker, maar minder bedrukt worden we er niet van.
Jullie begrijpen dat onze gemeente afgelopen week diep geschokt is geweest door dit ongeval. Een verkeersongeval op het grote kruispunt datzelfde weekend is veroorzaakt door drank achter het stuur. Of dit verband houdt met het omgekomen ventje weet ik niet.
Ik denk steeds terug aan het Nederlandse gezin dat omkwam op de franse wegen vorig jaar met in datzelfde weekend de drie franse jongeren uit het dorp waar wij ook veel komen. Dan vallen onze persoonlijke drama's in het niet en ben ik dankbaar dat we het zo goed hebben, hier en nu!
Dit bedrukte gevoel wat het een ieder gaf hier, wordt in mij versterkt door het onweer-weer dat weer gestart is. Dagelijkse onweersbuien, vaak vanuit het niets lijken ze te komen, met rollende donders of juist alleen de flitsen, maar altijd met een plensbui waar je u tegen zegt. Gelukkig voor de moestuin, maar opfrissen doet het nauwelijks. Vanuit de extreme kou van een paar dagen terug, in een drukkende sombere atmosfeer.
Geen enkel nieuws uit Nederland maakt ook nerveus en zeker als er dan een verontrust telefoontje komt van iemand die de tuin zo af en toe komt doen; overvolle brievenbus -en tis zo'n groene box, daar kan best veel in- en erg hoog gras? Geen communicatie met de nieuwe eigenaren van m'n liefs oude bedrijven, al vraagt hij er al 2.5 jaar geregeld naar. Zoethoudertjes krijgt hij te horen en een advocaat bevestigd dat we met onze rug tegen de muur staan. SL gaat per juli iets nieuws introduceren waardoor onze 'business' waarschijnlijk over de kop zal gaan. Want ook al is het niet je-van-het, als er een 'NIEUW'-label op dingen geplakt wordt, is het al snel een hit. We hebben het steeds moeilijker saampjes, met deze hele bende. Het is allemaal oud nieuws, nederlandse restjes die we niet los kunnen laten. Maar het drukt zwaar. Ik wil er eigenlijk niet meer over schrijven, maar het beinvloedt ons leven dagelijks, of ook snachts, en dit drukt z'n stempel op alles.
Het kan teveel zijn, maar we leven nu en dus kom ik m'n afspraak na om na yoga toch door te rijden naar Nadine die me vroeg te komen eten. Ik dacht nog met haar man en weekend-familie, maar -gelukkig- helemaal saampjes.
Ik ben in alle emotie te laat weggegaan thuis, dus de deuren van de zaal zijn al dicht. Normaal ga ik echt niet meer naar binnen. Te laat is voor mij te laat, eigen schuld. Maar ik heb zo'n behoefte de dingen even van me af te zetten, dat ik toch op m'n tenen de zaal in glip, een matje pak en gewoon plaats neem tussen de al in meditatie verzonken dames.
Dit is RUST. Ik voel van alles wegvloeien, via de dunne blauwe mat, door de houten vloer naar het zwembad beneden en veel via m'n kruin de kosmos in. Veel keren dwalen m'n gedachten weer weg naar al die rommel, maar de oefeningen doen me toch goed.
Nadine heeft echt op me gerekend; salade, heerlijk brood, gevulde courgettes en aubergines (die lust ik niet, ook al zijn ze erg lekker klaar gemaakt) een koel wit wijntje -altijd alles topkwaliteit- met een desert van de jongste geitenkaas ooit (net slagroom) met eigen aardbeitjes uit haar moestuin. De tafel had ze al gedekt voor ze naar yoga ging, de groenteschaal staat in de oven, het houtgestookte fornuis brandt al de hele dag en de woonkeuken is behaaglijk. Buiten blijft het regenen. Het is heel snel donker nadat we een onweerslucht zien uit het keukenraam beschenen door een late zonnestraal die een perzikkleurige lucht tovert naast een antraciet grijze wolkenpartij met wat blauwe gaten erin, bijzonder.
We kletsen, beide bedrukt door het ongeluk met de jongen, mijn toestanden en haar leven. Zij verteld haar levensverhaal, niet makkelijk. Ik lucht mijn hart voor zover gaat in het engels, ze kan niet zo goed luisteren. Plots staat ze op, trekt een enorme lade open van de grote eettafel en legt de uitgetypte brief voor me neer; het bezwaarschrift van de huisvuilfactuur direkt geadresseerd aan meneer de burgermeester van het stadje. Ik had een kladje gemaakt met mijn visie en argumenten, evenals Marc en Nadine heeft ze samengevoegd en in net frans geschreven uitgeprint; de schat!
Als ik naar huis rijd rond 11 uur, kan ik niet om alle padjes en escargots heen die de wegen oversteken in de nattigheid. Er moeten ook kikkers tussen zitten die ik nog nooit van dichtbij heb kunnen bekijken, want een padje van 5 cm dat 60 cm ver kan springen ken ik niet. Dus rijd ik langzaam op de pikdonkere weggetjes met de vele bochten en kronkels, nul tegenliggers, dat scheelt. Altijd met groot licht rijden is hier een must in het donker. Met die paar meter zicht met gewoon licht ben ik te bang voor wild voor de auto, wat niet alleen het dier schaadt of erger, maar mij ook na 4 keer over de kop in het weiland of ravijn kan doen belanden. Raar, in Nederland gebruikte ik zelden groot licht en hier altijd. Maar ik rijd zeer zelden in het donker.
Op het geasfalteerde bospad zie ik geen padden en geen vuursalamanders meer, niks anders dan een handvol slakken die de tocht over de scherpe steentjes toch maar aangaan.
Bedrukt voel ik me nog steeds. Het drukkende onweer-weer blijft voorlopig ook nog even hangen.
Het enige dat echt super gaat is de moestuin... Misschien dat een filmpje-frietjes-avond iets verbetert? Zelfgemaakte friet, zelfgemaakte kroketten met zelfgemaakte mayonaise....
Errug lekker, maar minder bedrukt worden we er niet van.
donderdag 2 juni 2011
Als vliegen...

"Als vliegen vliegen, vliegen vliegen vliegensvlug." Altijd al een leuke om heel snel te zeggen, maar minder leuk als je ook daadwerkelijk snel vliegende vliegen hebt, die vliegen zodra je ze denkt plat te kunnen slaan. Het is buiten koud en nog vochtig, dus zoeken ze allemaal hun toevlucht binnen. Waar ze vandaan komen, zelfs als we alle ramen en deuren dicht houden, is ons een raadsel. Maar 'ze zijn er weer'; de vliegen.
Juni 2008 konden we niet buiten eten, met tientallen tegelijk landden ze op onze borden met warm eten en zodoende vluchtten we snel met ons bord naar binnen.
Juni 2009 hebben we de meeste klimop van alle stenen rond het huis verwijderd om de vliegen-schuilplaatsen zoveel mogelijk weg te halen. Dit leek al best veel te schelen en de katten waren nog in de leer wat betreft het hagedissen vangen.
Juni 2010 hangen we om de paar weken nieuwe vliegen-plakstrips op. Die vieze bruine gele strips die als een platte kurketrekker het huis ontsieren. Tot laat in oktober vorig jaar meppen we de enige overgebleven bejaarde vliegenmepper aan gort en blijf ik de vliegenstrips vervangen als deze vol zitten met dode en nog worstelende vliegen. Het is zeer irritant als je zit te eten en er landt er één op je neus èn op het randje van je lapje vlees èn half in je oor. Het mept zo lastig met een steakmes in je ene hand en een vork in de andere.
Het is vies als je staat te koken en ze snoepen vast mee van je geschilde aardappels en het net ontdooide stukje vis. Ze kriebelen je handen waar ze tot drie tot vier keer aan toe hetzelfde stukje huid uitzoeken om zich te willen wassen of je cursor zoek maken, doordat ze over je scherm paraderen. laten we het over alle poepjes maar niet hebben die ze overal achterlaten.
2011; We schaffen een nieuwe vliegenmepper aan en ik ben consequent gestart met het ophangen van weer die ouderwetse vieze strips. Het blijft een wreed gehoor de vliegen die net vast zitten met de pootjes of een vleugeltje, te horen zoemen in een strijd om te blijven vliegen, wat vliegen nu eenmaal doen. Ik ben heel blij met een gladde deels nieuwe keuken, maar de vliegen zal het een worst zijn waar ze maar wat graag op landen, want het aantal neemt niet af. Dit kan ook komen door het gebrek aan hagedissen en vlieg-schuilplaatsen buiten. Toch houden we de moed erin met altijd wel een vlieg in het oog.
Vliegen, ze zijn een stukje van ons nieuwe leven, voedsel voor de vogels en hagedissen en ze houden ons scherp met de dagelijkse hygiëne.
Als vliegen vliegen, vliegen vliegen vliegensvlug. En dan drie keer heel snel achter elkaar. Succes en niet lachen hè!
woensdag 1 juni 2011
Winters
Vorig jaar mei werd ik op de markt overvallen door een sneeuwbui die voortgestuwd door een snijdende wind me bijna weg deed blazen bij de groentekraam, de auto in; naar huis.
Eergisteren is het nog smoorheet en duik ik in de rivier en gisteren werd dat opgelost door een flinke onweersbui met de rest van de dag en avond regen. Dat frist op zou je zeggen.
Deze ochtend verlaat ik het huis in m'n reeds verwassen stokoude badstof kamerjas om brood en vlees uit de vriezer te halen. Het ziet nog net niet wit buiten, maar koud mensen, koud!!
We stoken een vuur in de schouw, poezengebroed krult zich op in huis in plaats van een fijn plekje onder een struik buiten en het is even zoeken naar die fijne trui, want ik heb zomer- en winterkleer al gewisseld. Marc gaat bosaardbeitjes plukken, blijft ruim twee uur weg en komt met verstijfde vingers thuis. Neemt niet weg dat de geur, kleur en smaak van de 'beitjes uitmuntend is na de regen en in een natura koelkast. Er zitten hele grote tussen, bijna zoals je ze koopt. Maar de meerderheid wordt gevormd door aardbeitjes ter grootte van nog geen halve centimeter. Ik maai het pad naar de stal en de oprit, het is er anders te warm voor. Ook de braam- en brandnetelvlakte achter het aardappelveldje moet eraan geloven, lang leve de toekomstige biodiversiteit.
Als het zulk donker en regenachtig weer is, is de zagerij open en m'n lief grijpt zijn kans om 's middags met mij dakplanken te gaan halen. Bij droog weer zijn ze natuurlijk aan het zagen en is het bedrijf gewoon dicht. De zagerij is niet meer dan een open loods met een buitenterrein dat omheind is. De logge witte jachthond waakt en bij iedere auto die het terrein opkomt begint hij te huilen en te blaffen zoals alleen jachthonden dat kunnen. Het is een vaal wit dier, goed doorvoed en altijd de staart tussen de poten. Je kunt er een gesprekje mee aangaan, maar wel met een minimale afstand van 10 meter.
De gezaagde bomen liggen op keurige stapels, de planken kaarsrecht op pallets met latjes ertussen zodat de planken goed droog blijven. Een oud stuk golfplaat erop en een hele grote steen maken de stapels compleet, metershoog. Tussen de torens door lopen de mannen naar het laatste stapeltje geschikt hout. Het is er druk, maar voor Marc heeft de montere man wel even tijd. Hij vindt het blijkbaar leuk; die klussende hollander. Met pretoogjes doen ze zaken en sjouwen M&M de planken de auto in. Tis weer even een uitje. Op de terugweg gaan we even bij Bernard langs, Marc moet even wat dingen bespreken met de dakdekker en vragen om een factuur. Ik word meegetroond naar de moestuin die naast een grote kersenboom ligt, het ziet er allemaal al prachtig uit. Maar ja, wat wil je op een vlak stuk terrein met supergoede aarde ingebed in een strak gemaaid groen gazon. "Wil je kersen plukken?" vraagt Bernard me. Jaaaaaa, dat wil ze wel. Dus sta ik tien tellen later met een plastic tasje in mijn linkerhand kersen te plukken, terwijl er steeds één in mijn mond verdwijnt. Ze zijn ijskoud van binnen en hij bevestigd later dat het inderdaad rond de 4 graden is 's nachts.
Eind van de middag is de keuken een ontpit- en jamfabriekje.
Natuurlijk experimenteer ik met de kersenjam; ik voeg er wat citroengras aan toe wat de jam pikanter maakt.
Marc ruimt de 70m² dakhout op, hij sjouwt plank voor plank naar de bovenschuur.
We voelen ons zoals het weerbeeld is; beetje slapjes, snel moe, weinig zin in gedoe en gesjouw. Het is fijn dat Haan² inmiddels begrijpt hoe hij zelf het hok in moet. De drijfjacht en het vangen van Haan² is niet zo prettig voor hem en een gedoe voor ons.
Eergisteren is het nog smoorheet en duik ik in de rivier en gisteren werd dat opgelost door een flinke onweersbui met de rest van de dag en avond regen. Dat frist op zou je zeggen.
Deze ochtend verlaat ik het huis in m'n reeds verwassen stokoude badstof kamerjas om brood en vlees uit de vriezer te halen. Het ziet nog net niet wit buiten, maar koud mensen, koud!!
We stoken een vuur in de schouw, poezengebroed krult zich op in huis in plaats van een fijn plekje onder een struik buiten en het is even zoeken naar die fijne trui, want ik heb zomer- en winterkleer al gewisseld. Marc gaat bosaardbeitjes plukken, blijft ruim twee uur weg en komt met verstijfde vingers thuis. Neemt niet weg dat de geur, kleur en smaak van de 'beitjes uitmuntend is na de regen en in een natura koelkast. Er zitten hele grote tussen, bijna zoals je ze koopt. Maar de meerderheid wordt gevormd door aardbeitjes ter grootte van nog geen halve centimeter. Ik maai het pad naar de stal en de oprit, het is er anders te warm voor. Ook de braam- en brandnetelvlakte achter het aardappelveldje moet eraan geloven, lang leve de toekomstige biodiversiteit.
Als het zulk donker en regenachtig weer is, is de zagerij open en m'n lief grijpt zijn kans om 's middags met mij dakplanken te gaan halen. Bij droog weer zijn ze natuurlijk aan het zagen en is het bedrijf gewoon dicht. De zagerij is niet meer dan een open loods met een buitenterrein dat omheind is. De logge witte jachthond waakt en bij iedere auto die het terrein opkomt begint hij te huilen en te blaffen zoals alleen jachthonden dat kunnen. Het is een vaal wit dier, goed doorvoed en altijd de staart tussen de poten. Je kunt er een gesprekje mee aangaan, maar wel met een minimale afstand van 10 meter.
De gezaagde bomen liggen op keurige stapels, de planken kaarsrecht op pallets met latjes ertussen zodat de planken goed droog blijven. Een oud stuk golfplaat erop en een hele grote steen maken de stapels compleet, metershoog. Tussen de torens door lopen de mannen naar het laatste stapeltje geschikt hout. Het is er druk, maar voor Marc heeft de montere man wel even tijd. Hij vindt het blijkbaar leuk; die klussende hollander. Met pretoogjes doen ze zaken en sjouwen M&M de planken de auto in. Tis weer even een uitje. Op de terugweg gaan we even bij Bernard langs, Marc moet even wat dingen bespreken met de dakdekker en vragen om een factuur. Ik word meegetroond naar de moestuin die naast een grote kersenboom ligt, het ziet er allemaal al prachtig uit. Maar ja, wat wil je op een vlak stuk terrein met supergoede aarde ingebed in een strak gemaaid groen gazon. "Wil je kersen plukken?" vraagt Bernard me. Jaaaaaa, dat wil ze wel. Dus sta ik tien tellen later met een plastic tasje in mijn linkerhand kersen te plukken, terwijl er steeds één in mijn mond verdwijnt. Ze zijn ijskoud van binnen en hij bevestigd later dat het inderdaad rond de 4 graden is 's nachts.
Eind van de middag is de keuken een ontpit- en jamfabriekje.
Natuurlijk experimenteer ik met de kersenjam; ik voeg er wat citroengras aan toe wat de jam pikanter maakt.
Marc ruimt de 70m² dakhout op, hij sjouwt plank voor plank naar de bovenschuur.
We voelen ons zoals het weerbeeld is; beetje slapjes, snel moe, weinig zin in gedoe en gesjouw. Het is fijn dat Haan² inmiddels begrijpt hoe hij zelf het hok in moet. De drijfjacht en het vangen van Haan² is niet zo prettig voor hem en een gedoe voor ons.
Abonneren op:
Posts (Atom)