zondag 22 april 2012

water zien branden

In 3 jaar hebben we heel bijzondere dingen zien gebeuren. Ook complete raadsels, echt onoplosbare zaken. Hoe voorspelbaar het leven in Nederland was, met onmogelijke zaken zelfs wetenschappelijk verklaard. Hier blijkt het soms een andere wereld. Als ik vertel aan mensen dat ik voor de 2e keer kiespijn heb op een moment dat er een grote verandering plaats heeft in mijn leven, vinden ze dat niet meer dan logisch. Als ik tomaten pluk met inacht neming van de juiste maanstand klinkt dat als nonsens, maar de houdbaarheid en de smaak spreken boekdelen. We zijn de lange waterpas eens kwijt geweest, zo kwijt dat die toch zeker gestolen moest zijn. Om na maanden te voorschijn te komen op een wel heel zichtbare voorspelbare plaats waar we beiden toch echt gezocht en gekeken hebben. Hetzelfde met droog hout. Elke keer lijkt er geen dode boom meer overeind te staan en als de nood hoog is, staan er opeens weer 'nieuwe' droge dode bomen die we zonder moeite het bospad op krijgen, alsof iemand ze 's nachts snel even neergezet heeft. Wat dus echt niet kan met bomen, maar goed. De wonderen zijn de wereld niet uit.
Gisteravond laat weer zo'n gevalletje 'vreemd en onmogelijk';
We zien water branden, alle twee. En ik had geen wijn op en Marc drinkt bijna nooit, ook gister avond niet.
De laatste vrijdag in maart begon er een enorme bosbrand die niet uit te krijgen was. Pas toen het maandagavond 2 april begon te regenen werd het echt donker op de helling tegenover ons huis. Die regen is sindsdien niet meer gestopt. Het is een heuse moesson waarvan we wisten dat die zou komen -er zijn inderdaad wat voorspelbare dingen in het leven-. Het terrein, de paden, de hellingen, alles is zeik en zeiknat, doorweekt, verzadigd. Zelfs de bron heeft weer spuitkracht, een korte wandeling zal je zeker overvallen met een bui, modder in huis is onvermijdelijk en iedereen in de regio is het spuugzat. Gepraat over het weer wordt er niet meer, een omhoog geslagen blik is voldoende.
Wij kijken verveeld een filmpje na de 2e dag 'trapgat 2'. Het is weer zo'n hollywood-SF-film, waar je je wenkbrauwen bij optrekt omdat de regisseur weer probeert de kijkers ervan te overtuigen dat er echt dingen bestaan die een onderwereld bevestigen. Daarna gaat Marc een plas doen, buiten. Hij roept me gelijk en de toon van zijn roep doet me haasten. Ik schiet m'n slippers in en duik de duisternis in; volle maan en bewolking, je hand voor ogen is onzichtbaar, gewoon een zwart gat. Aan de overkant is er vuur, fik, je weet wel, soort bosbrandje, want er is daar alleen maar bos. Datzelfde bos waar alles is verbrand wat er branden kon een 3 weken geleden.We staan echt met ons mond open en ogen zo groot als schoteltjes in de nog steeds vallende plens naar brandend water te kijken! Als één van ons alleen was geweest, hadden we echt aan onszelf getwijfeld. Het wordt nog gekker. Het vuur is geen normaal vuur, het gaat ook steeds volledig uit... Om na een minuut weer op te laaien met 4 vuurtjes met felle haast witte vlammen, het is geen houtvuur... Maar wat dan wel?? We uiten ons ongeloof, maar daarmee is er geen duidelijkheid. Het kan iets chemisch zijn, plastic? Maar dan wel een heel groot stuk in verschillende vuurtjes in vertikale richting?
Ik durf de brandweer niet te bellen, die lachen me vierkant uit op de zaterdagavond laat;"een melding over bosbrand op dat stuk dat vorige maand al volledig affikte, ja tuurlijk mevrouw" "Wie belt daarover" "die gasten die ertegenover wonen, die hollanders weet je wel" "Oh die!, zeker teveel gezopen, zou ik ook doen als ik daar zou wonen op een avond als deze."
Marc belt wèl met de gendarmerie en probeert uit te leggen waar in dat zwarte gat hij water ziet branden. Wij blijven met stijgende verbazing naar buiten kijken met Cros die zich in het raamkozijn ertussen propt. (Die kat verveeld zich stierlijk, omdat hij niet lekker van het buiten zijn kan genieten.Nu is er eindelijk leven in de brouwerij.) Maar na een uurtje is het vuur er nog steeds, aan en uit, alsof er een schakelaar op zit. We zien geen auto van brandweer of gendarmerie, het raadsel blijft een raadsel en Marc wil er het zijne van weten, dus vertrekt hij met de auto, een walkie-talkie, telefoon, maglight en regenjas naar de overkant, wat een kwartier rijden is. Ik blijf in het geopende venster staan met de verrekijker en walktie-talkie. Zodra Marc binnen walkie-talkie bereik komt gaat het vuur uit, ineens, de schakelaar is omgezet en gaat ook niet meer aan. Marc stuur ik naar de plek op de weg recht onder waar het vuur te zien was. Maar het gaat niet meer aan, hoe hij ook op de plek schijnt met de maglight. Hij rijdt nog door naar de brug over de rivier, keert dan en ik zie hem terugkomen, grootlicht doet het goed in deze duisternis. Ik raad hem aan maar lekker naar huis te komen. Maar na 10 minuten kraakt de walkie-talkie of ik hem wil dirigeren naar de plek vertikaal boven het vuur, dat niet meer 'aangezet' is, hij rijdt op het bospad boven de weg waar de brandweer ook vele kilometers maakte tijdens de bosbrand. Er verschijnt meer grootlicht op dat pad, waarschijnlijk toch de gendarmerie of brandweer die de melding minder vreemd vond als dat wij dachten dat hij was. Voor de mensen hier zijn , wat wij verstaan onder onverklaarbare dingen, er niet veel wonderen.
Marc komt naar huis, de andere auto en het uitgezette vuur in het bos overtuigen hem dat we geen water zien branden. Wat het dan wel is laat hij los. Ik ook, de helling is weer die donkere vlek, het is tegen middernacht en de dag is geleefd.

Trapgat 2
De wenteltrap behoeft verlenging zodat de ruimtevretende rechte trap naar boven, naar mijn kamer en het pijpenlaadje, weg kan, evenals de houten tussenwand. Voor meer licht in huis en ruimte. Een project dat perfect is voor snikhete zomerdagen of een maand lang regen. We fabriceren weer een stoftent, dit maal van lakens om de computers te beschermen. Uiteraard; de bende in de al kleine woonkeuken wordt verergert. De halve werkbank ligt op de grond rond het trapgat naar het middenhuis. De voordeur gaat 20 keer per dag open in plaats van 10 keer en de vloer dweilen stel ik nogmaals een paar weken uit.
Daar bovenop hoor ik vrijdag dat schoonpapa ons weer gaat vereren met een bezoekje, met hondje Miska die haar pootjes niet veegt en het liefst gelijk post vat op de bank om maar niet op dezelfde hoogte als de katten te hoeven verkeren. Mannen in werkschoenen heel de dag in en uit, een kwispel die heel de dag door mijn regels negeert, een stoftent die me om laat lopen om uit het kantoor te komen en onze leefruimte verkleint zal het me komende week niet gemakkelijk maken. Normaliter vlucht ik lekker de moestuin in, het bos of zoek ik mijn vertier en ontspanning aan het meer. Maar tijdens deze moesson, die de aardappelplantjes wist te bevriezen, de uitlopers van de walnootbomen en de kiwi die er zin in kreeg tijdens de hittegolf van maart, blijf ik liever binnen.....
Ik heb al erg veel energie, zoveel als dat ik als kind had, waar ik er nu mee naar toe moet? Dat vroeg ik vrijdag aan Patricia, de dame die het centrum leidt, yoga, tai-chi en meer van zulk soort activiteiten begeleidt. Haar 'opdracht' en oefeningen laten me wel de benodigde stoom afblazen. En wat ben ik dankbaar voor en gelukkig mee, dat dit centrum er staat en juist door haar wordt gerund! 

We hadden pech na de laatste broodbakdag van vorig jaar. Iets had liggen roken in de oven waardoor we gerookt brood hadden. De eerste ging nog, met salami of kaas, best aardig. Maar na 3 maanden gerookt brood eten, hing het ons de keel uit en werd het echt vies. Toch hebben we het allemaal op en konden we ermee vooruit tot half februari. We knippen 50 bossen brem en leggen die te drogen in het zwembad. In maart was het hier warm, erg warm, heerlijk, zomers, maar de brembossen nog niet droog genoeg om er de oven mee op te stoken. Nu is het april en de moesson maakt het onmogelijk om brood te bakken. We kunnen ze niet laten rijzen in de zon, want die wordt bedekt door een wolkendek. Dat witte brood, dat franse brood wat zo heerlijk is als je af en toe in Frankrijk bent, is klef, vies en niet echt voedzaam voor de hollandse magen. Zeker niet op lange termijn. Wij willen bruin brood, dus improviseer ik iedere week. Mits we droog hout hebben voor de schouw, wat toch elke keer weer op wonderbaarlijke wijze verschijnt. Het kost me een halve dag. Kneden, wat heerlijk werk is, laten rijzen en in meerdere keren bakken in het kleine combi-magnetronnetje dat dure energie vreet. Maar wij hebben eigen brood, gebakken in een voor mij wonderlijk apparaat dat ik liever de deur uit zou doen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen