zondag 20 februari 2011

thuis zijn

Het is raar om na een vlekkeloze tocht exact 12 uur later over het bospad te rijden. Het lijkt of er iets, of veel, veranderd is. Iets heel essentieels dat ik ervaar en wat ik wil zien in de bomen en struiken langs het pad, iets dat zich zou moeten manifesteren in de spiegeling van het nu bruine rivierwater dat stil ligt te wachten op de volgende pompronde om de regio van stroom te voorzien. Maar hier is alles hetzelfde, tot aan de buitelingen van Castel aan toe die haar geluk niet op kan dat alles weer is zoals het was, net als de bomen en de struiken langs het bospad.
Half 7 vertrok ik, half 7 kom ik thuis, met een glunderend gezicht, trots dat ik het weer gekund heb, in me up al die kilometers, door de grote steden, de periferique interieur, op de heenweg een voor mij onbekende route met tegenslag. Het toch ook 'thuiskomen' in de Drechtsteden, nieuwe mensen ontmoet, oude vrienden gezien, opa geknuffeld zonder stil te staan bij het verleden. De ontmoeting met C. na 15 jaar en gelijk weer samen helemaal in een deuk liggen, om dan via een kleine omweg de diepte in te kunnen, als vanzelfsprekend ook heel persoonlijke dingen te bespreken, van die zaken die toen nog geen rol speelden, maar nu van wezelijk belang zijn in dat volwassen leven.
De overweldigende liefde die me ten deel viel van iedereen. Mensen op afstand, kennissen van mijn ouders, nieuwe mensen die me zo warm hebben omarmt zonder dat ik erom vroeg, mensen die mij zien, een man die me zei me te gaan missen nog voor ik vertrok. De bergen kerstballen en ingredienten voor mooie stukken die ik al in mijn hoofd heb, P. die met me naar de Makro ging en zich vrij en veilig voelde zich te uiten. Mijn broer die ik mocht zien ontdaan van opsmuk en dagelijkse stress en beslommeringen, gewoon in het Nu, wat mij diep trof en mijn eerdere blogbericht bijna gedateerd maakt. Het hele gezin samen als een oude eenheid, maar verzwaard door de afgelopen jaren, ook de toegevoegde meerwaarde van een kindje, neefje, zoontje, kleinkind, wat een goud, wat een pracht, wat een liefde, onbeschrijfelijk. In alles dat ik deed, een ieder die ik zag. Ook de jacht, het snelle, de haast, het compacte, dat trillingsgetal dat zo hoog ligt in de Randstad, het gedrag op de dichtgeslibte wegen, in de super bij de kassa en het elkaar niet gedag zeggen als je een klein winkeltje binnenstapt.
Een wereld mij zo bekend en vertrouwd die me nu zo vreemd voorkomt doordat IK veranderd ben.
Thuis komen, het zal nog wel een week duren!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen