vrijdag 31 mei 2013

BeestenLog

Veel van mijn, meest anonieme, lezers zijn grote dierenliefhebbers. Ze zullen dan ook wel honden en of katten hebben en een enkeling boerderijdieren en eigen scharreleieren. Ik besloot te stoppen met het schrijven over al die voor de hand liggende zaken, want een hond is een hond en een kat vangt muizen.
De donderdagbeleving van gisteren was dermate saai en normaal, dat ik ook die eens een week oversla.
Daarom vandaag weer eens een BeestenLog.

Ik begin bij de verse biggen; Lardon & Jambon. 
Regen en onweer deert ze niet. Ondanks de summiere beharing daar ze die in een varkensstal van flinke afmetingen niet eens nodig hebben. Vindt men. Het zal de aangeboren speklaag zijn die hen vaak richting hun neveltuintje voert om daar alles dat groen is te proeven, weer uit te spugen, een halve slak te verorberen en zich nauwelijks staande kunnen houden op de steile helling van hun stuk bos. De sluwe is liever. Of het nou Lardon is of Jambon? Geen idee. Maar die komt zich laten aaien over de rug en wiebelt dan vergenoegd met zijn kontje. Slim moet daar niks van hebben, gaat krijsen bij elke aanraking en blijft pogingen ondernemen je schoenen of laarzen te proeven. Ik kan u melden; De tanden van varkens zijn gemene dingen! We zien ze niet groeien, in de lengte althans. Wel in de breedte. 
We observeren ze zolang ze het door ons gegeven 'eten' verorberen. Dat gaat er inderdaad beestachtig aan toe. Varkens houden is erg leuk en makkelijk. En het land bewerken? Voor ons geen machines, ze zijn er erg goed in.

Castel krijgt weinig wandelingen, zwempartijen en apporteer-oefeningen. De drie minuten dat het droog is, proberen we buiten te doen wat er kan, om dan tijdens de volgende stortbui naar binnen te vluchten.

Dat zeer verveelde kattengebroed;
Sooty vangt iedere avond 1 muis, die ze voor de radiator in de kamer opsnoept en is gestart aan haar 2e winterslaap. Zolang ze ligt te maffen, kunnen we alles met haar doen. Is poesje wakker, dan is ze zo glad als een aal en sneller dan een wezel. Maar ze mag nog zo lief zijn voor DQ; ze mag NIET meer aan de melkbar. 
DQ blijft een portret en trots op zijn non-chat-status. Inderdaad voelt hij zich te groot om als moederpoes te fungeren en zet dan lieflijk? zijn tanden in Sooty's oren om dit te verlengen met een wasbeurt. Hij vindt het heel erg voor ons dat we ons moeten wassen onder stromende regen, al is die warm. Vergezeld van klagende miauwtjes probeert hij ons al douchende droog te likken. Na de douche droogt hij onze enkels en kuiten af. KaterLief kwam pas met een jonge rat thuis, vrat de helft op. Maar rat blieft hij niet, om het halve beest in stukjes toch maar uit te kotsen verspreid over de vloer. Ach ja... Gaat ook overal mee mee, in en op, is onverschrokken en regelmatig met de kippen op pad. 
Merlin, de nepsiamees, is een kleine maar mooie goedsul. Gewoon een katertje. Als de dood voor het schrikdraad, maar blijft nooit achter als we de varkens gaan voeren. Hij moet dan wel van zich laten horen, klaaglijk achter de stal.
Cros noemen we 'Grumpy' en is het daar niet mee eens. Maar zeer gehecht aan een vast ritme en ook terug gevallen in het winterritme van veel slapen, heel veel slapen.
Joppie is een schootkat aan het worden. Op het irritante af. Onderbreekt dit enkel voor een snelle plas of drie brokjes. Wordt door de andere katten bijgevoerd met stukken muis en vogel. Maar hij mag er zijn, met zijn 21+ status.

Haan #5 heeft de antibiotica-kuur statig gedragen. Wij vonden het gesol met het dier geen succes. Elke twee dagen de vogel met een list te pakken krijgen en het zo belazeren waar het bijstond. Van schrik is 1 van zijn kipjes in de regen gaan zitten broeden. Maar 's nachts is het 3 graden, dus dat gaat niet werken en tevens zat kip op een plek van; wild; pak me dan, wat je makkelijk kan. De hen hebben we weer aan het toom toegevoegd met zachte doch lieve dwang.

(On)gedierte;
Normaal beginnen we nu last te krijgen van muggen. Maar de larven zijn er nog niet. Stilstaand water bestaat niet in een moessongebied en ook willen die ondingen enige warmte.
Ook begint nu de invasie van vliegen. Alles buiten is vochtig, maar de zon te droog, dus vindt er ieder jaar een invasie plaats van de zwarte zoemers in huis. Ik had me al gewapend met vliegenstrips. Die vieze ouderwetse gele plakdingen op rol, zeer effectief mag u weten. Maar ook de vliegen laten het vooralsnog volledig afweten.
De acacia's staan in bloei. Als je naar buiten stapt wordt je bijna bedwelmt door Parfum-de Robinia. Ook niets van te merken, hoewel het terras vol ligt met afgewaaide bloempjes. Die sterk riekende bloemenzee is de hoorn des overvloeds voor nectar-minnende vliegers. Maar geen enkel bijtje of vlindertje te zien. Ze zouden wel gek zijn ook, om de tere vleugels bloot te stellen aan de grote druppels ijskoud water of een fikse hagelbui.
We maken ons ook zorgen om de slangen. 'Normaal' liggen ze her en der platgereden op de wegen, zien we couleuvres statig wegglijden in de moestuin. Moeten we rennen om katten de schrik van hun leven te bezorgen of vergapen we ons aan een nog duffe op het pad.
Alleen Sooty was zo alert dat ze tussen twee autobanden in de moestuin iets zag dat erop leek. Ze had gelijk; Een babyslangetje dat nog geen naam mag hebben wist zich op te warmen in die 3 minuten zon, die geabsorbeerd wordt door dat zwarte rubber. Maar helaas; Sooty maakte daar korte metten mee. Niet met de slang, maar met de tijd die het diertje had om even warm te worden.

Maar ALS de zon zich laat zien, langer dan een paar minuten; 
Dan is het hek van de dam barrage. 
Op een briefje; Insectenkoor, zeer hongerige slangen, geen muizen meer in stukjes op de vloer, al reeds half tot braaksel gereduceerd (voor Joppie), hond die je zou diagnosticeren met ADHD, katten die dagen en vooral nachten wegblijven, flessen zonnebrand die er doorheen vliegen (factor 40) voor twee varkens, en met een beetje geluk; kuikens!

woensdag 29 mei 2013

Le Conseiller Général

Twee maanden na het eerste contact met een te snel ratelende Fransman op onze voicemail, is het tijd voor het afrekenen van de snoeiklus en een officieel onderhoud met de rappe ambitieuze jonge Conseil Générale. Een vlotte linkse die geheel onverwacht de verkiezingsstrijd won tegen de ultra rechtse conservatieve Jean-Miguel die me altijd La Petite Hollandaise noemt als hij me nogal innig op de wangen kust bij een weerzien in de bistro. Het is een boom van een kerel en al even in de 70. Dat hij het niet verkroppen kan dat hij de strijd verloor, kan ik me levendig voorstellen. Men blieft die verjonging niet, het zou hun logge boeren stoelpoten maar onder de kont vandaan schoppen en knabbelen aan hun heilige huisjes. Als je ze naast elkaar zou zetten is het ook een typisch plaatje van Goliath vs. David.
Wat mij betreft kan politiek me gestolen worden, maar de vriendjespolitiek komt me erg goed van pas, 'onderzoekt alles en behoudt het goede' houd ik mezelf dan maar voor. Dat ik kwetsbaar ben als vreemdeling, die de Franse hoed en haar rand wel mooi vindt, maar er niet veel van weet, besef ik me erg goed. Spreekwoordelijk eet ik met een gerust hart van twee walletjes. Jean-Miguel is de beste vriend van de doktersfamilie waar ik wekelijks tafelgast ben en altijd binnen mag vallen, desnoods met de sleutel die thuis aan een koperen spijkertje prijkt. Le Conseil Générale heb ik nodig om meer te weten te komen over de hoed met rand. En hij blijkt de aangever van een veel te snel groeiende auto-enterprise als boomverzorger.
De cheque schrijft hij net zo rap uit als dat hij praat. Hij is meer dan tevreden en vindt het erg jammer dat hij geen tijd had me aan het werk te zien. 'Men' heeft me wel zien werken. De tamtam doet het goed, als vanouds. Het was deze kleine David,met fel blauwe ogen en een gezonde buitenkleur die de correspondent van de krant en het bulletin informeerde over de nieuwe boomverzorger in het Canton. Mijn dank is groot en dat laat ik hem weten. 
Voor ons officiële onderhoud, dat plaats vindt in het Pole d'Emploi in een vissenkom met (gesloten) deur, neemt hij alle tijd. Niks geen ge-vous of andere hiërarchische formaliteiten. Toffe gast en niet onaantrekkelijk. De kleine David heeft duidelijk plezier in zijn hectische bestaan, want ernaast heeft hij het muziek-café op een zeer centraal gelegen toeristische trekpleister. CG zijn in een klein Canton zal hem windeieren leggen, want 'of ik alsjeblieft wil wachten met het innen van de cheque'. Het weer zat ook hem tegen, van drie warme chocolademelk en een broodje kan hij me niet betalen. (Natuurlijk)
Onze vragen over de bescherming van onze bron (dit gaat hij eens navragen, zoveel mensen die enkel afhankelijk zijn van een bron, zijn er niet meer) en over het gedoe met het druk bereden bospad waar de wet met voeten getreden wordt,zijn snel beantwoord. Een paar maanden geduld, we zijn gezien en gehoord.
Om nog extra ijs te breken breng ik als grap ter sprake wanneer het nu links bestuurde Canton zover is om de vooruitgang een zetje te geven door de komst van de eerste McDrek vestiging. Hij schiet in een deuk en legt uit dat in Villefranche de Rouergue een vestiging geweigerd is. Er zijn minimaal 30.000 inwoners nodig, die zijn er niet. Dit Canton telt er 3000. 
Dan komt zijn vraag aan ons aan de orde; Of we informatie willen vertalen in het Nederlands met betrekking tot de voordelen van het wonen, werken en recreëren hier. Uiteraard kunnen en willen we dat doen. 
Win-win-win et voila, zo doe je dat; integreren.

De Franse hiërarchie is op het platteland nog zeer goed merkbaar. Als je de burgervader van je gemeente tegen komt, knik je op gepaste manier en tast de situatie snel maar goed af om niet onbeleefd over te komen de man de hand te drukken. Op de wang kussen volgt wat later en ook dat hangt van het gezelschap af. Tijdens een dorpsfeest zou de beste man gillend gek worden van 550 x 3 kussen op de bebaarde wangen. Je kent hem 'persoonlijk', weet wie het is, want kennis maken voor je je als buitenlander in zo'n kleine gemeente vestigt is eigenlijk een pre. Zo niet op korte, dan zeker als investering op de lange termijn.

De Franse droom

Ze zeggen vaak 'Zodra je in het Frans gaat dromen, komt het wel goed met de taalbeheersing'.
Nagoed, wat weken terug was het zover. Een niet zo heel bijzondere droom, maar wel volledig in het Frans, met de Fransen en in de volledige afwezigheid van ook maar één kaaskop. 
En ik heb nooit figuurlijk lopen dromen van een leven in Zuid-Frankrijk, echt niet! Ik kon me er geen voorstelling van maken. Naar mijn gedateerde idee was dit iets voor de rijken. Of voor mensen met een camping-ambitie die in het gelukkige bezit waren van wat centen en een partner die de droom moest delen, uiteraard. 
We zjoeven door het verregende landschap. We halen auto's in, op z'n Frans. Iets dat we met de Blauwe en met de Rode niet willen, niet kunnen, maar vooral niet durven. De radio staat aan en de verwarming verraad dat het weer niet meewerkt, de elektrische ramen potdicht. We kletsen heel wat af, in het Frans. Ook over mijn aller eerste droom in het Frans en hij begrijpt waar ik het over heb. Ook hier is de uitdrukking bekend. 
Ondanks dat ik me licht verslapen heb, gaat de conversatie spontaan en goed, Franse ditjes en datjes. Gespreksonderwerpen die ondenkbaar zijn in Nederland. Ik voel me een vis in het water en niet omdat ik goed kan zwemmen en me niet al te veel stoor aan zware langdurige regenval, maanden lang.
Bernard drukt op een knopje en een liedje overstemt plots de ruitenwissers en de banden die door het water ploegen; Israel met zijn Over the Rainbow. Ik zing en neurie mee zo hard ik durf. Verbaas me over mijn comfort-zone die ik niet zo snel heb in gezelschap, zeker niet om mee te zingen met de radio. Marc verkoos thuis te blijven, Bernard kan door het weer en zijn knie het dak niet op en heeft offertes nodig voor een gedeeld lapje grond met een dode boom erop.
Dat lied van Israel Kamakawiwo'ole gaat even via kippenvel en rillingen van geluk door mijn lijf, terwijl ik naar buiten staar en al neuriënd Bernards gezicht vermijd. Ik droom even, over een droom die ik leef en nooit gedroomd heb. Want wie droomt er nu van een leven met hard ploeteren, crisis-stress, regen in Zuid-Frankrijk en de haast onmogelijke opgave om een bedrijf te laten groeien met zo'n enorm gebrek aan taalbeheersing? 
Een geluksmoment dat bevestigt dat alle gemaakte keuzes ooit, goed zijn. Ze brachten me hier en nu, in de auto van een medemens. Samen dromen we. Hij van normaal werkweer, ik over het moment dat ik leef en tegelijk droom. Ik moet mezelf even knijpen, zachtjes maar. Om te weten dat ik niet droom, maar wakker ben en de droom leef.

Dromen lijken bedrog. Beter is eerst te leven en daar je droom van te maken. Dat droomt een stuk prettiger en het voegt veel toe aan je levensgeluk.

maandag 27 mei 2013

Onderhoudsproject Barrage

Wij wonen aan een 'barrage hydroélectrique'. Een stuwmerencomplex waarvan het bovenmeer geschikt is voor watersport en recreatie. Het meer waar wij aan wonen ligt daar een flink eind onder, hier mag niets. Wij zijn eigenwijs en doen er alles, wat me al meerdere heel bijzondere -en leerzame- ervaringen opleverde en foto's die gemaakt lijken in sprookjesland. 
De barrage schijnt onderhoud nodig te hebben.Het bouwen van het geheel kostte maar 6 jaar, operationeel werd het in 1934. Het bovenmeer is 35 kilometer lang en kan 300 miljoen kubieke meter water bevatten. Rendement? Een slordige 183 MW wat ongeveer een jaar in de elektriciteit van 100.000 mensen voorziet. De dam is 105 meter hoog en 225 meter lang, best een grote jongen. De EDF is een multinational en dat merken we hier goed. Ze overrulen met gemak de wensen van de prefectuur, van le conseil maar niet te spreken.
Een relatief klein transformatiehuisje. Opgetrokken uit deels fleurig geverfde golfplaten. Aan het einde van een doodlopend weggetje, een afslag van de D600-nogwat, staat dit pand als een gebroken doos te midden van een schitterend bijgehouden siertuin van voornamelijk groenblijvende struiken en bomen. Het mag echt duidelijk zijn; De EDF heeft toch geld teveel. En weet u, het is een heuse boomverzorger die daar het mossige gras maait en de rode prunussen snoeit, raar maar waar.

Al dat water, die 300 miljoen kubieke meter, moet eruit. Ze hebben een bosaardbeidenveld al keurig geasfalteerd voor zwaar verkeer, onder de turbines waar wij vaak gingen wandelen, de vruchtjes konden plukken, de mensen die het wisten escargots gingen rapen, de reeën in het nauw dreven voor een feestmaal of enkele sportievelingen ongestoord konden canyoningen. Dat laatste kan komende jaren niet meer. 
De EDF, die het bospad onveilig maken, want 'hun' weg aan de overkant is weggespoeld als gevolg van een bosbrand, heeft de turbines al stil gezet. De sluisdeuren blijven voorlopig gesloten en de ooit oorspronkelijke rivier mag komende jaren weer dienst doen als rivier.
Na zoveel regen is het in de nauwe haast ontoegankelijke kloof een stukje waaghalzerij om überhaupt maar dicht bij het water te komen. Lief, ik en Johnny en Debbie zijn vorig jaar lente nog overgestoken. Daar waar nu het water tegen de enorme bolders beukt om meters de lucht in te spatten. Kolkend en draaiend, iedere druppel de ander vooruit stuwend, wegwezen hier, omlaag en snel graag. Het heeft een hypnotiserend effect en aan het begin van de avond, in een spaarzaam laat zonnetje, hebben we spijt dat we geen eten hebben meegenomen om hier weer eens te picknicken.



De kosten?
5 miljoen voor het technisch vooronderzoek, 20 miljoen voor de modernisatie van het geheel.
7 juni is er een voorlichtingsavond, M&M zijn van de partij. Begin 2015 zal de barrage weer volledig operationeel zijn. 
Of wij dan aan een D-weg wonen valt te bezien. Voorlopig vind de EDF de reparatie aan de overkant van ondergeschikt belang en financieel niet rendabel. Dan zullen ze ook zeker niet het bospad volledig rechttrekken en van een dikke laag asfalt voorzien.

zondag 26 mei 2013

Onverschilligheid & Onwetendheid


Ik werd onverklaarbaar maar toch ver-schrik-ke-lijk boos. Vanuit mijn kern, die ik nog maar nauwelijks bevatten kan. Diep vanuit mijn hart, zich uitstralend naar de topjes van mijn tenen, tot aan mijn kruin en terug naar binnen. Ik heb nog nooit zo boos durven worden, op mijn ouders nog wel. Die hier op het zonovergoten nog koele terras eind juni vorig jaar me probeerden ervan te overtuigen dat ik ‘me niet zo druk moest maken om de zogenaamde puinzooi op de aarde’. Die puinzooi valt best mee en daar ‘heb jij toch geen last van?!’ Zure regen? Daar horen we nooit meer wat over. Net zomin als over een gat in de ozonlaag. Ook niet over de opwarming van de aarde, want we blijken een heuse ijstijd tegemoet te gaan.  
Ik ben nooit zo alternatief en bewust geweest. Slikte de meeste media als zoete koek. Keek fanatiek GTST en kocht veel lekkernijen waarvan het lijstje ingrediënten meer ruimte in beslag nam dan de geïndiceerde voedingswaarde.
Voedingswaarde van een klavertje vier

Ook Marc had er een handje van de wereld te bezien tot zover hij kijken kon; De overkant van de gorges en het land dat we bezitten, voor zover toegankelijk. Voor ons levensonderhoud, haardhout, moestuin, stenen voor het onderhoud van muren en gebouwen. De rest deed er niet toe. Maar na het zien van de drie ‘Zeitgeist’ films (LINK) en de Amerikaanse protest film ‘Assault on Wallstreet’ hoor ik hem anders ‘piepen’. Ook over het weer, want we zien al onze energie in de moestuin als zon voor de sneeuw verdwijnen. En dit is geen typefout lieve lezers.
Associëren is lastig. Ik geef het ronduit toe. Zeker als het gaat om wereldproblematiek die ver uit elkaar lijkt te liggen, ver van ons bed en bord, maar in de onzichtbare onderstroom toch met elkaar verbonden blijkt te zijn. Ik zie duidelijk het verband tussen oorlogen en economische crisissen. Ik zie het verband tussen economische crisissen en gezondheid. Ik zie het verband tussen gezondheid(szorg) en de voedselindustrie. Logisch is het verband tussen de economie, bankwezen en de industrie. Lijmende factoren lijken de media en politiek te zijn.
Ik neem maar mondjesmaat wereldnieuws tot me. Ik ben ook erg selectief. Ik koos er namelijk zelf voor om alleen via vrienden en kennissen van over de hele wereld op de hoogte te blijven van wat er speelt en de TV de rug toe te keren en om in de Franse jungle te gaan wonen. Ook een desperate vader die zijn zoons ombrengt, gaat aan mijn lezende ogen voorbij als drama-van-alledag, met nadruk op ‘drama’. 
Ergens ben ik de boosheid, eerder beschreven in deze log, nog steeds niet te boven. Ik hoop ook niet dat mijn weerzin tegen algemene onverschilligheid ooit verdwijnt. Want wie de schouders ophaalt over het leven, kan net zo goed gelijk ‘vertrekken’, zonde van mijn belastingcenten en energie en dat van anderen. We doen er allemaal toe. Zelfs een zekere ‘Monsanto’ heeft recht van bestaan. Door het terrorisme tegen het leven dat dit bedrijf aan de dag legt, blijkt er toch een bepaald aantal mensen, van de 7 miljard, geraakt te worden in hun kern, of hoe het ook genoemd mag worden. We zouden maar zachtjes inslapen en vergeten dat we leven… 
Want,  gisteren was het een dag van protestmarsen in 52 landen, meer dan 400 steden met ongeveer 2 miljoen bewuste mensen. Dit tegen maar één van de multinationals die genetisch gemanipuleerde gewassen ‘maken’. Of uitvinden. Zoiets als een mens klonen in een laboratorium en er dan octrooi en patent op nemen. Goed, ik zal geen zaadjes van sla en boontjes met mensen vergelijken, maar overeenkomsten kan ik niet vermijden of ontkennen. We komen uiteindelijk allemaal uit een ei dat het alleen maar ging doen door… ja, een zaadje.
Ik spotte een filmpje van twee hippies op facebook. De één met een gitaar. De andere roodharige dame met bonte zijden bloemen in het haar met een ukelele. Duidelijk Amerikanen De Ruigoord Rebels die een schattig liedje hadden geschreven met toch rake taal over Monsanto & kornuiten voor de mars in Amsterdam. Eén van de commentaren luidde dat een hippiemanifestatie niets uit zou halen en dat er pas geluisterd wordt als er degelijk onderzoek verricht is naar de misschien schadelijke effecten ervan. Laat nou ook de wetenschap zwaar gesubsidieerd worden door de lobby van de grootindustriëlen als Monsanto. Dan maar de barricaden op.
Nee, de bom valt nooit. ('De bom valt nooit' van Herman van Veen) Gelukkig maar. Maar ‘de Bom’ blijkt vervangen door iets dat ik als nog erger kwalificeer; de onverschilligheid. “Wat kan het jou schelen lieve Tien? Zo levend op zo’n schitterend stukje aarde, met zoveel liefde en energie verzorgd? Heb je er nou echt zo’n last van dat je je er zo over opwindt?”
JA. Ik heb er last van. De aarde jankt tranen met tuiten (=regen). Lijkt tot op het bot verkild (=6 graden overdag eind mei). Maar zolang de supermarkt ons toch nog voorziet in slavenboontjes uit Kenia, bamboe-scheutjes uit Vietnam, waterig varkensvlees uit Nederland, kiloknaller-gehakt en Coca-Cola om onze magen te vullen, who cares?
IK, ja ik ‘care’. En niet omdat ik een verlate hippie ben die het licht zag en toch de makrobiotische toer wil doorzetten waarmee ik gedeeltelijk ben opgevoed. Zuurdesem blief ik niet en B-merk cola vind ik erg lekker bij film&friet. Ja, de boosheid is gezakt, maar steekt de kop weer op als ik tegen de onwetendheid van mensen aanloop. Bewuste onwetendheid, wat voor mij hetzelfde is als onverschilligheid. Eigen hachje eerst, uiteraard. Maar dat eigen hachje wordt heel stilletjes van buitenaf in gevaar gebracht. 
Wat niet weet, wat niet deert. En daar gaan we met z’n allen de fout in. Want het deert wel, je wordt er ziek van. Wat weer heel lucratief is voor de farmaceutische industrie die de aarde nogal vervuild, waar we weer ziek van worden.

Onverschilligheid is me een gruwel. Eén van de weinige zaken waar ik me nog vrijwillig boos over maak. Ik haal mijn schouders nog liever op over het weer, daar doe ik echt niets aan als piepklein mosterdzaadje.



zonnnndag


Ik ben er vandaag met geen stok uit te slaan....

zaterdag 25 mei 2013

'Broodbak-Arrangement' Update


Een ruime 3,5 maand doen we met 70 zelf gebakken broden. We eten ook wel eens wat anders 's avonds, als Lief op reis is eet ik nauwelijks brood en zo komen we met drie bakdagen per jaar wel rond. Normaal, ja normaal gesproken, bakken we heel vroeg in de lente, einde zomer en de laatste mooie zonnige dag in de herfst. Maart of april, eind augustus of begin september en voor de lange winters eind oktober of, met een beetje geluk, ergens halverwege november.
Nu heb ik een Traditioneel-broodbak-arrangement georganiseerd en dit op diverse websites als 'activiteit' gepubliceerd. Gelukkig begrijpen de meeste geïnteresseerden dat het vooralsnog niet mogelijk was. Het weer zit niet mee. 5 Mei was er perfect voor geweest, maar Lief vond dat de brembossen nog ietsjes groen zagen en dus te weinig warmte geven om de oven mee heet te stoken.
We hebben een zonnige dag nodig met een minimale temperatuur van zo'n 20 a 25 graden om alle broden buiten te laten rijzen. Ik keek vanochtend even op de thermometer; 6 graden.... Ook de 'droge' bossen brem zijn door en door nat.
Nu ben ik van mening dat hij stronteigenwijs is, altijd al geweest. Maar spijt moet hij zeker hebben. De verse gistblokjes die ik kocht eind april zijn niet voor eeuwig houdbaar. De verpakking geeft 21 mei aan als uiterste datum dat ze nog gisten willen. We zijn al 3 weken door onze voorraad heen en noodgedwongen koop ik toch maar wat vissenvoer iedere week. Het ziet ernaar uit dat onze eerste bakdag pas ergens in juni plaats kan hebben. Ook dat ik alle verse gist weg moet gooien. (Of één van mijn lezers moet een tip hebben wat ik kan doen met gist-op-het-randje?)

Buiten werken gaat tussen de buien door, stammetjes van hazelaars willen na wat voordrogen ook wel branden en dit voorziet een klein gedeelte van de woonkeuken -een woonkamer hebben we niet- van een warmtebron om drie broden te laten rijzen. Dan maar zo, improviseren.

De eerste van de drie aangeboden broodbakdagen kan helaas niet doorgaan. 
We schuiven alles door naar juni, maar beloven kan ik niets.

vrijdag 24 mei 2013

Voedertijd

video

Donderdagbeleving; XXIV

De donderdagen zijn enkel nog speciaal en anders, omdat ze de wekelijkse graadmeter zijn voor mijn integratieproces. Niets meer of minder, want veel nieuws onder de lenteregens is er niet. Van halverwege de ochtend tot begin van de avond ben ik alleen onder de Fransen, en in de weer met de Fransen. Ik kom bij de detailhandelaar over de vloer, de grutter, de overheidsdienst, de boerenbuitenlui-op-leeftijd. Alle rangen en standen passeren de revue. Zo spiegel ik de vooruitgang in deze, als die er is. Mijn vreemdelingenstatus -waar ik overigens nog altijd handig gebruik van maak- heeft zo zijn wisselvallige momenten, als de regendruppels onder het wolkje op de weerberichten. Zoals u weet is er van zonneschijn nog altijd weinig sprake, wat mevrouw Ravelac een hardgrondig "j'en ai mare" ontlokt.
De detailhandel gaat hier zienderogen in rap tempo achteruit. Zo was er één klein jaar een reformwinkel die door gebrek aan omzet de deuren moest sluiten. Nu is het pand bezet door een rommelzaak waar men je reinste troep verkoopt. Van lakschoentjes met glitters in alle kleuren voor meisjes tot wekkerradio's bouwjaar 1985 en ach, waarom ook niet elektrische kachels en lang houdbaar voedsel ook 'made in Taiwan'. We waren al zo overgelukkig met een computerzaakje dat aan huis ook je PC onder handen wil nemen. Ik liet er mijn folder uitprinten voor het bomen verzorgen, 60 folders op gewoon papier, 'cinq euro s'il vous plaît'. Vandaag liep ik voor niets de winderige grauwe straat in, pand leeg, briefje op het raam, verhuisd naar de stad een dik uur rijden verderop. Mon dieu, waarom hij ook al? Lang leven de schaalvergroting. 
Vandaag was het als vanouds aanschuiven bij een tamme Nadine en JP. Geen garnalen en vis, maar 'gewoon' een bord boucherie van top-kwaliteit vooraf met gestoofde eend als hoofdgerecht en de eerste -waterige- Franse kersen als toetje. 
Ik moet wat lachen om mezelf als ik met enige schroom een handgeschreven offerte door een kattenluikje laat vallen voor het snoeien van drie enorme oude reeds gemutileerde groepen coniferen. Ik zou zeggen; volledig kappen die donkere lelijke groentroep. Maar ach, de klant mag best wat inspraak hebben, ik hoef er tenslotte niet tegenaan te kijken. De zinnen in die offerte zullen niet kloppen. Het mag zeker geen Frans heten. Maar ze hebben M&M gezien en wat van onze achtergrond vernomen. Samen met zo'n knullige offerte zou dit een smeltend en verzachtend effect kunnen hebben, zoals meestal.
Bij de bank mag ik weer de zenuwachtige chef op stang jagen, want ik moet weer zo'n lastige transactie doen tussen onze Franse rekening en de Nederlandse, uiteraard voor de hypotheek aldaar. Vermoeid en druk kauwgom kauwende wijst hij me de bekende stoel in het kantoor achter de balie. Een open vissenkom waar uiteraard de privacy ver te zoeken is. Hij heeft het weer op de heupen, want die Hollandaise kan bijdehand zijn na iedere maand hetzelfde liedje. Ik wijs hem fijntjes op de archiefkast waar een ordner staat met de uitdraai van vorige maand. Een heel lege ordner, een M&M ordner met alle voorgaande identieke transacties. Hij kan de transactie-gegevens namelijk letterlijk overnemen en ik zie hem opfleuren, want zo kan hij in nog geen 2 minuten van deze klant verlost zijn.
25 Kilo oud brood en een volle tas groenten laat ik achter bij de groentenkraam. Tijdens het opruimen na de lunch, scharrel ik zelf een kratje onverkoopbare rommel bij elkaar terwijl we een babbeltje maken. Voor Lardon & Jambon natuurlijk. 
Gemoedelijk, rommelig, op z'n Frans en plattelands. Ik ben blij dat ik spullen voor yoga en sofrologie vergeten ben. De vermoeidheid van einde lente begint de kop op te steken.

Denk dat ik aan een korte vakantie toe ben die gepland staat in juni. Even de hort op met mezelf.... 

donderdag 23 mei 2013

L200 vs de Rode

De Rode, mijn lieveling, een verlengstuk van mezelf, stond drie weken lang met een haast lege motorkap bij de garage. De drie broers zien me graag komen. Ik ben elke keer weer een andere verschijning en dat frist de heren schijnbaar op. Moeders van rond de 80 zit achter de kassa voor de mensen die komen tanken alleen en kent me ook al van een afstand, noemt me bij mijn voornaam nota bene. De auto-minnende brandweerlieden kennen de Landrover Defenders van haver tot gort, de brandweer rijdt deze auto's namelijk ook. Dat zegt al een hoop. U mag niet vergeten dat Landrover Brits is en die 'rosbiefs' niet veel goeds voortbrengen. Wat de 'grenouilles' ook niet doen volgens de Britten, maar hé, ik ben aan het verFransen!
De radiateur was zo verrot dat hij niet in 1 stuk gedemonteerd kon worden. Dit heeft een flink defect veroorzaakt in de ooit opgevoerde motor. Maar gisteren was het zover, gekeurd en al, mijn lieveling is klaar. Ze hebben zelfs een knul aan het poetsen gezet. Niet die verbleekte buitenkant of de oude wit gespoten  velgen. Nee, alles onder de 22 jaar oude motorkap. Het ziet eruit als oud-nieuw en ik ben als een kind zo blij, wat de drie broers weer in verlegenheid brengt.
Vandaag dus gelijk ermee aan de slag. De eik die Bimbo liet vallen, moet nog in stukjes. De stam is grotendeels voor ons als betaling voor de vriendendienst broer eik de ruimte te geven. Ik weet niet hoeveel een bomvolle pick-up met nat eikenhout weegt, maar ermee terrein rijden gaat pa-ri-ma!!
De stugge koppeling, de bolle bandjes, het vermogen van de Rode. Tjonge jonge wat een droomwagen is dit toch voor de buitenmens. Wat een gigant, want een beest, wat een werkpaard, my precioussssssss.

Afgelopen weken hebben we het moeten doen met de Mitshubit(ch)si L200. Een luxe en stoere bak met bull-bars, autoradio met CD-wisselaar, ook een pick-up, elektrische raampjes en spiegels, een 4x4. Maar mijn hemel... Wat een kolere-ding zeg! Steil asfalt met wat los grind erop? In z'n 4 laag! Een beetje modder op de oprit? In z'n 4 laag. En om hem uit z'n 'wheel-lock' te krijgen, moet je de motor uitzetten, hoe onpraktisch!  Gewoon wat steil asfalt? Niet te snel optrekken, want dan gaat ie slippen. Bladveren, ja leuk. Ieder hobbeltje doet hij kontje wippen alsof je een Nederlandse drempel met 50 per uur probeert te nemen. We stoten ons hoofd aan de plastic strips bij het uit en instappen. Dat is nogal laag vergeleken bij de Defenders. Beetje vieze broek? In je blote gat de auto in, want de bekleding is nog zo schoon. Er zit een rammeltje in de cabine waar je niet bij kunt. De asbak valt eruit als je hem uittrekt. De vakjes en bakjes zijn alles behalve praktisch. Goshie...
Ik vind het heel sneu voor Ben die me de auto verkocht. Maar ben wel blij dat Lief weer thuis is met de Blauwe als reserve-vehikel. Want deze auto is een niks-kunner vergeleken bij de Rode.

Genieten vandaag. Volle bak, mankementen als vanouds, een herrie dat de Rode in de cabine produceert. Maar echt een auto uit de tijd toen de wereld nog niet verder was gegaan
My precioussssss

woensdag 22 mei 2013

Haan #5

Och arme, Meneer Haan #5. 
Hij blijkt allerminst aangereden. Gelukkig! Maar in dezelfde lijn als kippen die stoppen met broeden, is ook hij slachtoffer van het doorfokken. Hij heeft last van gewrichtsontsteking door de groeispurt die als normaal wordt gezien, tegenwoordig. Zijn rechter hiel is dik en voelt sponzig aan.
Kippen moeten snel groeien en veel eieren leggen, ook als ze geen plofkip zijn.
Hier op het platteland, is een scharrelkipje goud waard. Die zijn klein en er zit weinig vlees aan, maar broeden doen ze nog wel. Deze kippen worden nergens te koop aangeboden, want een broedmachine is De manier om kuikentjes te krijgen voor het vlees. Kortom; een machine wordt verkozen boven de (puur) natuur. Het is van den zotte!
Weer nieuw respect en begrip voor alle vegetariërs.

Omdat dit onze 5e haan is in een paar jaar, gaan we met #5 toch naar de dierenarts.
# 1 is ziek geleverd en haalde geen 8 weken bij ons  -  # 2 bleek gecastreerd, had een gekruiste snavel (vergroeiing) en viel me aan na terugkomst 2 weken NL  -  # 3 (Emiel) kraaide zolang het licht was, geen seconde rust  -  # 4 is gestolen en opgepeuzeld door ontsnapte jachthonden  -  
Daar kijken de dames dierenarts ons wat vreemd aan. Want behandeling is per definitie duurder als een nieuw 'stuks' pluimvee. Een zieke kip of haan draai je de nek om, simpel. Ze weten dat we platzak zijn, dat we van dieren zeggen te houden en ons leven zo eenvoudig mogelijk inrichten. Nathalie, die deze dag dienst heeft, lacht als ze ziet hoe ik #5 over zijn nek streel als het dier ineengedoken op de behandeltafel gestrest zit te zijn.
Resultaat?
Wat de Franse gezondheidszorg met mensen doet, doen ze ook met dieren; een overdosis antibiotica.  (Ik ben al heel erg allergisch voor penicilline mag u weten! Geen bijwerking gaat aan me voorbij.)
Twaalf en een halve euro later staan we met #5 en een gevuld injectiespuitje weer buiten.
Ik verhaal het gebeurde per email aan een vriend, die -terecht- verontwaardigd reageert. Hij heeft helemaal gelijk! 
Wat het een vriend maakt, is dat hij onze actie afkeurt, maar wèl een alternatief aanraadt. (Je kunt wel zeggen dat iets fout is, maar zeg dan wel hoe het anders en beter kan.); Behandelen met een compres van smeerwortel.
Laat ik hier nou geen smeerwortel hebben of het in de wijde omgeving ergens gezien hebben.... Ik ga eens speuren op internet om te kijken of ik een Smeerwortel-extract kan vinden voor #5. Natuurlijk vind ik honderd en één aanbieders van het goedje. Variërend van 20 euro tot rond de 90 euro exclusief verzendkosten....
En tja, wat doe je dan.....?

dinsdag 21 mei 2013

Een onwerkelijke werkelijkheid

Voor mij is het inmiddels normaal. Logisch, ik weet inmiddels beter. 
Ik probeer af en toe naar mijn huidige leven te kijken met oude ogen en die van de ander. Dan zie ik een schamel geïsoleerd stenen cottage dat niet aan een openbare weg ligt. Ik zie een moestuin die zo eigenlijk niet mag heten, het is meer een steil zanderig wild zootje met hier en daar een verkleumd klein plantje dat ooit groente moet worden. Ik zie een beestenboel dat vrij en blij wat scharrelt. Ik zie Lief in de enorme schouw tobben met natte stammetjes en zaagafval als aanmaakhout. Ik zie deuren die ons net doorlaten zonder ons hoofd te stoten, van het trapgat maar niet te spreken, en zo groot zijn we niet. Ik zie lampen, die passen hier niet, kaarsen zouden het veel beter doen in het beeld.
Buiten zie ik niets dat ook maar enigszins voldoet aan een modern leven in dit millennium, bijna misplaatst is de auto en het verlengsnoer. 
Als iemand me een jaar of 5 geleden had gezegd dat ik hier op deze wijze zou wonen, had ik een beetje vreemd gekeken. Ook na aankoop september 2008. Als me was voorspeld dat we toch waren verhuisd en het vol zouden houden, had ik vertwijfeld mijn hoofd geschud. Ik kan het nog steeds regelmatig niet geloven dat ik hier woon. Het blijft een vreemde werkelijkheid die eerder aan een droom doet denken, gewoon wordt het niet. Al is het gewoon, echt heel gewoon.
Met oude ogen zie ik ons beide onvoorstelbare dingen doen. Onze grenzen verleggen. Inzichten krijgen die aan ons voorbij waren gegaan in Nederland. -Ik bijt nu even op mijn tong.-
Ook blijft het vreemd en onwerkelijk dat ik zelf kan bepalen wanneer ik opsta, ga werken, het werk dat ik op dat moment verkies te doen. Werk waarvan niets zinloos is, wat ik altijd terug zie komen en niet in klinkende munt. Maar in een staat van gezondheid, het ontbreken van essentiele ontberingen, gezonde beestenboel en brood op de plank. Dat ik vaak tussen de middag even plat kan of midden in de nacht kan gaan wandelen, de stereo hard kunnen zetten of kan gaan stofzuigen, who cares? Dat we brood bakken met 70 tegelijk en ons drinkwater zo uit de berg komt stromen.
En met het hoofd in de wolken een wandeling maken, luidkeels begroet te worden door roze blije bosvarkentjes met in ons kielzog wat katten die zich ook niets aantrekken van regen of kou.
Dit alles is zo normaal dat het onwerkelijk aan blijft voelen.
Misschien heb ik nog een 39 jaar nodig voordat dit gat gedicht is.

zondag 19 mei 2013

't is weer zeik weer

Mij hoort u niet zeiken. Over het weer. Dat doet het weer zelf wel. Met de stem van de regen, hele dagen door. Onafgebroken. Of in hozen met een staaltje harde taal daar tussenin middels hagel en storm. Al dan niet vergezeld van onweer.  IJsheiligen? Volledig achterhaald, want de voorspelde lichte vorst maakt duidelijk dat de opwarming van de aarde op de één of andere manier een halt is toegeroepen.
Iedereen zeikt erover en doet gezellig mee met het weer, al weer!
Weer is gewoon weer, zeiken over het weer maakt geen verschil. Zeikregen zegt het al, het zeikt!
En ik? Ik zeik niet. Al helemaal niet over het weer. Geen droog hout meer? Dan zetten we toch wat bijna droog hout in de schouw bij een klein vuurtje. Het gaat vanzelf een keer branden.
Het is even droog? 10 Minuten. Mooi, dan ga ik langs het bospad maaien, want dan zijn de kippen beter zichtbaar, ziet het er bewoond uit en kan de haan genezen. Die is namelijk van de week aangereden en loopt nu mank of schuilt met aangedane poot onder de L200. (Daar zeiken we wel over, die L200 is een waardeloze auto!!!! Gauw verkopen dus.) Ik krijg een plens water in mijn maaiende nek van heb ik jou daar! Niet zeiken, het weer is maar weer, soms nat, soms koud, soms heet en soms wat winderig.
Hebben wij weer. Marc met Castel al wandelend richting de bruggen om te kijken of de stalen brug al ontoegankelijk is. Ik verwacht hem terug, met dit weer. Maar ook hij zeikt niet.
Het weer zeikt door....

Wij niet. Heerlijk leven strookt niet met weer... of zeiken. Over het weer, al weer.

zaterdag 18 mei 2013

(bomen)werk adelt?

Het is zalig wakker worden tijdens het snoozen, terwijl het buiten weer regent dat het giet en de acacia's al hun kleine witte bloemknopjes laten zien. 
Ik heb mijn pols-brace maar uit de oude doos geplukt. Na de zware dag dinsdag, is mijn rechter pols 's nachts weer gaan tintelen. Zelfde euvel als toen ik net begon in het groen na jaren op kantoor; Het zenuwkanaal wordt verdrukt door extra spierweefsel. Toen kreeg ik van de huisarts een vet oplossende injectie in het zenuwkanaal. Samen met die brace was het snel over, maar nu begint de nachtelijke ellende weer opnieuw. Het afronden van de klus gisteren was toch wel een feestje voor een boomverzorger. Gezien de mooie ochtend heel wat terloops bekijks van wandelaars. Het maakt me niet nerveus en Marc erg trots. Als ik een zeer lijf heb zit er maar één ding op; Gewoon doorgaan, dan gaat die spierpijn vanzelf over. Dat mijn knieën het daar niet mee eens zijn, is jammer. 
De Donderdagbeleving (XXIII) was er wel, maar om nu te schrijven over het stille huis van JP en Nadine waar ik in mijn up een lunch tot me nam en daarna het nieuws keek met reclames over wandelende, pratende broodjes die zich naar een kuipje St.Hubert spoedden, vind ik niet echt vermeldenswaardig. Dat vrouw en meneer Ravelac me na drie weken weer warm begroeten en steeds meer gaan kletsen, ook niet.

Nu dan maar dik in de kleren en een plu mee. Volgende offerte uitbrengen voor het omzagen van een enorme naaldboom. Uiteraard pas na de zomer, want ik klim geen dag meer in die oude troep die mijn lijf door de mangel haalt. 

Daarna?
Lekker genieten van een regenachtige dag. Aanrommelen met klusjes waar het niet van komt als het ook maar een beetje spettert of droog is. Bijkomen en een vette rekening schrijven voor meneer le Conseil. Altijd leuk!

woensdag 15 mei 2013

mooi


Een dagje rust met een bezoekje van Bernard. De dakdekker voor wie Marc wat maanden werkte. Een man die ons laat wachten op de facturen die we hem nog schuldig zijn en zijn speciale dakladder laat lenen, al een ruime 3 jaar. Hij heeft hem even nodig, dus komt hij een drankje doen -water met siroop- en bijkletsen. Oh, en wat later in het gesprek bij het kleine haardvuur komt de 2e reden van zijn bezoek; Of Marc hem wil helpen met het halen van een andere auto in de Ardeche. Samen heen en apart terug naar huis. Nooit geen probleem. 
En de foto's die ik gisteren maakte staan ongezien op het scherm te wachten.... De gepubliceerde foto is het uitzicht op het schiereiland. Toch niet verkeerd, al zeg ik het zelf.

dinsdag 14 mei 2013

verlaat klusje

Deze 'bende' gaat vandaag gedeeltelijk kort. De esdoorn links en de toch ooit al eens gemutileerde paardenkastanje rechts achter laat ik zoveel mogelijk met rust. Maar die lindebomen? Daar gaat de zaag in. Meneer wil meer zon en minder plakkerigheid op het terrasje van zijn muziekcafé. Meneer heeft wat in de regionale pap te brokkelen als Conseil General en het muziekcafé ligt op de meest populaire toeristische attractie van de streek. 
Ik heb deze klus lang uit moeten stellen door de Rode die nu al 3 weken bij de garage staat met een haast lege motorkap, de blessure in mijn knie van twee weken terug, maar vooral door de communicatie voorkeuren van Le Conseil. Die verliep via voicemails en telefoontjes op zondag, terwijl ik juist ergens onderin de moestuin stat te zweten.
Voorbereidend werk is het halve werk en in gedachte is dit een heel grote zware klus. Kan het alleen maar meevallen. En hij gaat zeker reclame voor me maken deze zomer, als laatste op een rijtje. Ook een last van mijn schouders om met frisse moed de rest van de lentespurt te maken.
Vanavond een verse foto van de nieuwe situatie.

Het op het schiereiland gelegen café lag er rustig bij gisteren om 8 uur in de morgen. De weidse vallei is gevuld met water, want de EDF heeft hier korte metten gemaakt met de bebouwing. Met goede moed begin ik rustig naar de top van de rechtse linde te klimmen om zo werkruimte te hebben ze te knotten. Tegen midi aan maakt Marc wat te eten op de gasbrander die we altijd meenemen. We lunchen ter plekke om geld uit te sparen en een goed maal hoort bij dit werk.
Maar beide knieën en heupen laten al van zich spreken terwijl er een windje opsteekt die om de paar minuten lijkt te draaien, al wervelend over het water en kerend door de barrière van de bergen die de wand van het stuwmeer vormen. De lucht is blauw, maar dat duurt niet lang meer.
Ik waai tegen drieën bijna uit de bomen. Geen tak wil vallen zoals moet en mijn lijf is te moe om nog degelijk en veilig te blijven werken. Overleg met de grondman volgt.
Het is wijs te stoppen. Te veel snoeiwerk blijft over, de dode boom achter het Café mag ook niet vallen en de stam moet dienst blijven doen als lantaarnpaal, omdat er een lamp in bevestigd is. Marc heeft kilometers gelopen met de gesnoeide takken, zijn rug verziekt door met een zware zaag het versleepbaar te zagen en ik, mijn lijf, is op. De wind is stormachtig, de lucht wil dichttrekken.

Weer thuis en enigszins bijgekomen van de dag, bel ik de opdrachtgever. 'Is het af?' vraagt hij me. Nee Daniël, morgen weer een dag, safety first. Als het niet regent maken we het morgenochtend even af.
Mijn wens dat het regent schijnt gehoord. 's Avonds een storm met onweer, 's nachts gaat het gieten. Om het half uur word ik wakker door zenuwpijn in beide handen en hoor ik het geruis van de regen op het jonge blad. Het is goed zoals het is.
Lijf en leden mogen tot rust komen. Het café is toch nog gesloten en nu kunnen we echt topwerk leveren en kan ik naam maken voor de herfst. Ook de verdiensten heb ik nodig voor nieuw materiaal, want met zoveel pijntjes moeten werken is een drama. Nog één keer.....


zaterdag 11 mei 2013

engerd

De oude man die bijna iedere dag langs rijdt op zijn quad, de bebaarde kop stevig vastgesnoerd in een grote helm, heeft zich ontpopt als engerd. Ja als heuse gluurder, een rasechte voyeur. Marc is bezig op de helling boven het huis en bospad, om de thyleen-leidingen te leggen vanuit de bergbeek om een reserve-tank te vullen die we nog ergens goedkoop willen kopen. Daar heb je een zuiver zicht op het bospad en zie je precies wie er langs rijdt. Vanaf ons huis kijk je omhoog en staan er struiken en bomen in het zicht. Paulus de Boskabouter, het is ook nog eens een klein mannetje, stopt steevast ter hoogte van onze terrassen om het kleine lijf uit het zadel te hijsen om er de tijd voor te nemen. Met die zware helm verbaasd het ons dat zijn nek nog in orde is. En wat er te zien valt?? Een echte engerd dus. Hij zal het nooit en te nimmer toegeven.

De engerd die ik vandaag tegen kwam in de schuur is er ook zo één. Met meerdere paren ogen, 8 poten en een achterlijf als een goed volgezogen teek, alleen dan nog wat groter. Ik draag een ligger naar buiten. De laatste. Een stuk hout waarop de stapels rustte toen we nog brandhout hadden. De goot eronder moet uitgegraven worden en ik vind zulke smerige klussen altijd leuk, want het resultaat is ernaar. Maar deze engerd liet me het blok uit de handen vallen. Wat een griebel. Lijkt zo weg gewandeld uit een horror-film. Deze 8-potige mat een ruime 6 centimeter en wil je niet twee keer tegen komen.
Eén van de kippen was het met me eens. Pik, hap en nog eens pik om de engerd vervolgens door te slikken.


Kon dat met Paulus maar....

Vandaag


Vandaag
Lief medemens
denk ik aan jou
en aan jullie
ik mis je
niet zoals je haar mist
maar toch iedere dag 
in gedachte
en doen
Vandaag
ben ik 
net iets dichterbij
dan gisteren 
of morgen
alleen maar
om te laten weten
dat je 
niet alleen bent
Vandaag

donderdag 9 mei 2013

Donderdagbeleving XXII

Hemelvaartsdag was het vandaag. Zulke feestdagen tussendoor ontgaan me, altijd. Zo zal Pinksteren me ook ontgaan als ook de Franse nationale feestdagen. Die zitten nog niet in mijn systeem. Ik heb ook niets van doen met de aan die vrije dagen gerelateerde schoolvakanties.
Er kwam bij dat afgelopen week de uitslagen van een onderzoek van JP binnen zijn en de leukemie zich niet progressief maar toch in zijn lichaam heeft gemanifesteerd. Samen met nog een zieke kleindochter die met haar ouders een week logeert bij Nadine en JP. Het is me ontgaan door de taalbarrière en de wijze waarop Nadine zich soms net te subtiel uit. Ze wijst me vriendelijk doch wat beschaamd de deur. Ik besluit na de markt gewoon naar huis te gaan en ook de oudjes Ravelac op deze dag met rust te laten. Morgen weer een dag. De vlekken staan me toch al voor de ogen. Dat krijg ik ervan als ik niet goed slaap en het zo druk heb. Geen zorgen, het gaat allemaal weer over, maar toch.
Gaf me ook de tijd om Marc te helpen met de moestuin en het rapen van slakken voor Jambon & Lardon. Het is op z'n zachtst gezegd 'groeizaam weer'. Zon en regen wisselen elkaar af en alles wil de grond uitschieten. 
Ik ben volledig uit mijn ritme door al die gekke dagen tussendoor. Winkels opeens dicht, een ware hoos van toeristen die op z'n stads rijden -gemiddeld een 30 kilometer per uur te hard-, parkeren waar niet kan en mag, voordringen, de locals minderwaardig aankijken, omdat ze geen Gucci zonnebrillen dragen, op modderlaarzen hun boodschapjes doen en niets van de laatste mode weten. Ik blijk al helemaal local... Denk dat ik maar een onderduikadres ga zoeken.

 Een willekeurige helling op ons terrein.

Na twee jaar eindelijk de Montana bloeiend in de acacia voor het huis.

De ingang begane grond van de secadou, het tuinhok. Erboven slaapt Castel. (Inmiddels ook Sooty en DQ)


Varkens hebben is en blijft leuk. Vandaag togen we naar beneden, heen en weer, om ze einde van de middag te voeren. Dat ze zichzelf wel voeren en vermaken kunnen is ons al duidelijk. Ze blijken in rap tempo te evolueren tot hangbuikzwijnen. Proteinen genoeg!
Castel vindt het het hoogtepunt van de dag. Geloof het of niet, als gesteriliseerde teef voelt ze toch de behoefte de varkens te berijden, terwijl zij zich nergens wat van aantrekken tijdens hun hoogtepunt van de dag; eten en aandacht. 
We troffen ze vandaag aan naast de stal op het pad. Ontsnapt dus. Opgewonden en zachtjes krijsend rennen ze ons tegemoet. Wat zou er gebeurd zijn dat ze door die twee schrikdraden heen gekomen zijn? Het verplicht ons de steile helling af te lopen langs de draden en vinden helemaal aan de andere kant, onderaan de helling bij de uitloop van de bron, gedraaide isolatoren en draad. Na wat denkwerk en een spoor bij het stalpad zijn we er wel uit. Lardon en Jambon zijn aan de wandel gegaan en vermoedelijk naar beneden getuimeld cq gerold. Koddig gezicht mag u weten, een varken dat koppeltje duikelt. Door de draden heen wat de verdraaide isolatoren verklaard die hun stroom nu afgeeft aan de draadpennen en het schrikdraad te ver afzwakt om nog als schrikdraad te dienen. Het spoor dat bovenaan bij het stalpad onder de draden doorloopt getuigd hiervan. 
Maar alsof het ze niks kan schelen, hen niet heeft gedeerd, rennen ze achter de mens-met-de-emmer aan; eten!
Een leuke verrassing, Lardon & Jambon op het stalpad.

Smullers & Smakkers

Samen met oud geweekt brood het lievelingskostje.

De bosgrond voor....

De bosgrond na....

woensdag 8 mei 2013

Tijdgeest

Terwijl de lente ons confronteert met een natuurpracht die zijn weerga niet kent, schiet ik tekort in het delen ervan. Dus consumeren we het zelf en laden ons op in de zon, de lenteregen en de geuren van jong groen en wilde bloemen. Die lentegeuren zijn soms zo zwaar dat het de lucht lijkt te dichten en zo vol is van leven, dat het me verwonderd dat ik nog ademhalen kan zonder het benauwd te krijgen. Het maakt me hebberig en onverzadigbaar voor het leven.
Toch hangt er een schaduw over dit alles. Ik kan dan wel 'off-grid' wonen en zoveel mogelijk mijn eigen boontjes doppen, maar moet toch ook nog mee in de malle geldmolen die me afhankelijk maakt. 
Investeren in voldoende zonnepanelen met smerig geproduceerde, onmisbare batterijen, is financieel te hoog gegrepen.
De dreiging dat tuinieren met gereguleerd, misschien wel genetisch gemanipuleerd zaad 'moet' en het verboden wordt zelf zorg te dragen voor zaden, stemt me ook niet echt gelukkig.
Dat hypotheken leningen zijn, verschaft door banken die dat geld zelf echt niet in de kluis hebben liggen en het aan elkaar hangt van onzichtbare vage praktijken die voor de gewone mens ongrijpbaar blijven, maar hen wel tot slaaf maken van een onjuist systeem dat niet werkt en op instorten staat, ook niet.
Dat ik de mensen om me heen oppervlakkig zie worden, hen zie wegglijden in een leven dat alleen maar draait om gemakkelijk vertier dat het egoïsme voedt, maakt me verdrietig. Ze lijken iedere voeling met de essentie in het leven verloren te hebben en blijven gefascineerd bezig met wat de media zegt en afgeleid door de aangeboden 'fun'.
'Dom houden' lijkt het devies van alle groten die wel weten waar het om draait; winst. Financiële winst wel te verstaan. Geld kun je niet eten, leeft niet en je wordt er niet gelukkig van. Het leven is ook niet gemakkelijker met geld, al is dit nog zo diep in de mens geconditioneerd.
Met mij kun je er niet meer over in discussie; Dat een jackpot winnen het je makkelijker maakt. Recht van spreken heb ik inmiddels wel. Want ik weet inmiddels wat zware (hypothecaire) schulden met een mens doen, maar ook wat een zelf-voorzienend leven met diezelfde mens doet.

Werken voor geld dat niet bestaat, is op z'n zachtst gezegd ergerlijk. Toch blijven we het doen. We zijn nog niet klaar om overal de stekkers uit te trekken, het zonder elektriciteit te doen, de Rabobank een dikke middelvinger te geven en op de kleine rug van Sarko de 24 km naar de markt te gaan eens in de week.
Wat troost is de kennis, de inspiratie, de goede ideeën en initiatieven die stand houden, de liefde voor alles dat wèl leeft en op zichzelf staat, stroomt en als natuurlijk verbonden is met alles.

De tijdgeest, treffend neergezet in de films 'Zeitgeist', zouden de mensheid op haar grondvesten doen schudden. Jammer dat het gros zich liever vasthoudt aan de massa-indoctrinatie van media en geld.

zondag 5 mei 2013

Mendelson

Vanaf kinds af aan ging ik met mijn ouders mee naar concerten. Klassieke concerten, want 'popmuziek is geen muziek'. Ik nam de smaak van mijn ouders gedeeltelijk over en dat strandde in een diepe liefde voor Passie-muziek, Bach en een paar andere uitzonderingen. Ik ken weinig titels en kom ook niet in aanraking met andere klassieke muziek, dus heb geen idee wat ik mooi vind.
De dorpsfeesten zijn weer begonnen en zo ook de verplichting mijn gezicht te laten zien. Gisteren was het lentefeest in ons dorp. De hoofdstraat en het kerkplein versiert met alle melkbussen die te oud zijn om dienst te doen met bossen bloeiende brem. Het programma hetzelfde als ieder jaar; De wandeling die de topattractie is van de gemeente begeleid door de typische Aveyronais jengelmuziek op een boerenkar (na een klein kwartier ben je horendol), taartenbak-wedstrijd die heel serieus wordt aangepakt, een concert in de kerk, de uitslag van de wedstrijd met daarna een gezamenlijke maaltijd in de Salle de fete.
Ik bak even snel een Hollandse appeltaart en versier de bovenkant met in deeg uitgesneden letter en cijfers; NL-12. Dat ik niet kan winnen met dit in-elkaar-geflanste product boeit me niet. Ik wil me laten zien. Ter uitzondering rijd ik 's middags terug voor het concert waar Schubert en Mendelson op het programma staan, ten gehore gebracht door een kwartet, drie violisten en een celliste.
Vele bekende gezichten en onder de hoede van Silvie, de vrouw van de bevriende dakdekker. Voor het eerst betreed ik het kerkje waarvan de buitenkant de indruk wekt dat het een kleine kathedraal is. Modern en haast protestants doet het aan. Het is erg lang geleden, jaren, dat ik naar een concert ging. Stiptheid is de Fransen op het platteland vreemd. Het begint dan ook een half uur later als gepland. Je merkt dat de mensen het hier ook niet gewend zijn. Mobieltjes blijven aan, kinderen strijken in de lucht mee als virtuozen. 
Maar na de eerste tonen Mendelson moet ik de ogen sluiten en is iedere centimeter huid gevuld met kippenvel. Wat heb ik dit gemist!
Genieten dus, ook van Schubert, maar vooral van Mendelson. Ik heb er weer een componist bij om van te houden.

Thuis staat er harde dans-muziek aan, house wel te verstaan. Tis even schakelen.....

zaterdag 4 mei 2013

op en neer

De week voor Ham & Spek zich bij ons voegden, kochten we een 1-persoons bootje en werden drijflijn en net bezorgd. Marc zaagde een aanmeerplek vrij aan het meer (mag niet, het is grond van de EDF) om er iets te bouwen waar we kunnen zitten, de boot op het droge kunnen leggen en visgerei kunnen laten (Mag niet, van de EDF). 
Het net is inmiddels voorzien van drijflijn, zinklijn, stukjes loodveter en een ophaal-houtje, zelf vervaardigd van een tak van een es. Uiteraard wil Marc het vissen gelijk proberen en wachten we op een avond dat het meer vol is. Maar de dode bomen die als geheimzinnige staken net boven het oppervlak uitsteken laten op zich wachten. Door de vele regenval en het onderhoud aan de barrage is het niveau vaak zo hoog dat zelfs die mossige begroeide toppen verdwenen zijn.
We brengen wel twee keer per dag een bezoek aan Lardon & Jambon. Het is 80 meter naar het meer, de stal staat zo'n 20 meter onder het huis en het stalpad is een flinke klim. Eén keer op en neer is nog best leuk. Maar 4 keer niet meer.
Gisterenavond tegen de schemering gaan we voor de 2e keer het net uitzetten met het geleerde van de vorige keer (Mag niet, van de EDF). De eerste keer voerde de zwakke stroming een bos aan fijne takjes mee zo het net in. Geen vis, alleen gevist bos. De 2e keer wagen we het erop. Nu weten we dat dat bos zo uit het net gevist is, op het droge, wat Marc elke keer moedig die 80 meter omhoog sjouwt, op en neer.
Omdat we de EDF zien als slapende honden, willen we het net uit het meer hebben voor ze de piste betreden voor het dagelijks werk. Marc wordt wakker door de rammelende felblauwe 4x4 van de vroege vogels en weet dat deze stipt om 5 voor 7 de bocht om komt. Voor dat tijdstip willen we aan de kant zijn met een bootje vol vis. De wekkers gaan om even voor zessen, zonder koffie doen we niets.
Zo vroeg door het bos lopen, tussen de bloemen en de escargots (het lievelingsmaal van Lardon & Jambon, stelletje luxe-dieren), de wolken nog rustend op de luchtstroom net boven het water, is een prachtige ervaring. De varkens nog in diepe ruste, die zijn later deze dag aan de beurt.
Weer een volledig bos gevist. De niet goed verbrande stapel takken van het vrijzagen van een visstek, is meegedreven op de zwakke stroom en zit diep verankerd in het net. Geen enkele vis! Nada, noppes... Het zal wel net zo'n leer-traject worden als het bakken van brood in de grote traditionele broodoven.

Bosaardbei en 'blauwkousjes' 

De mooiste boom, vind ik. Een heel gewone esdoorn, maar zo volmaakt natuurlijk boom, dat ik altijd moeite heb met het opkronen in verband met de Rode die daar nu eenmaal af en toe langs moet. 

 Iets over half 7 vanochtend.

Paardebloemen. De witte bollen doen zilverachtig aan tussen meter-hoge akelei, vergeet-me-nietjes, blauwkousjes, longkruid, jong varenblad en gipskruid. 

Merlin is onverschrokken en is hier onderweg om even te neuzen met Jambon. Of is het Lardon?

Soms sjouwen we dat hele stalpad op en neer naar het meer, niet één keer, maar 4 keer. Of meer. Het blijft een klim die de moeite waard is. Al is het alleen maar om escargots te rapen (Mag niet, wel van de EDF, maar niet van de overheid. Het is paar-seizoen.) waarvan het aantal zo hoog is, dat het onmogelijk is tijdens een gewone op en neer-wandeling er niet een dozijn per ongelijk dood te trappen. Parels voor de zwijnen door een hoorn des overvloeds. Het lijkt het gewone leven wel!

vrijdag 3 mei 2013

de kapper

Het heeft een ruime 7 jaar geduurd voordat Marc het bewijs heeft dat mijn haar niet verder komt dan een centimeter of 5 boven de schouders. Dat het zonder knipbeurt gaat kroezen in mijn nek en de meest weerzinwekkende klitten geeft. Dat haar van mij is dun en poreus, hier snel vet en in Nederland snel te droog . Het heeft de meest mooie Shirley Temple krullen achter de oren, onregelmatige slag halverwege en op het hoofd wil het het liefst stijl. Het aantal kruintjes heb ik nooit geteld, maar mijn haar is drama. Dat is het altijd geweest en zal het altijd wel blijven. 
De meeste van mijn 39 jaren had ik kort haar. Soms a la Annie Lennox zo kort, ideaal. Maar Lief vond dat maar niks. Gewoon laten groeien en misschien twee keer per jaar een centimeter eraf, komt helemaal goed.
Niet dus.
Vorig jaar april knipte Anna er vakkundig een centimeter af. Nu begint het te klitten dus moest de schaar er in. Ik vroeg het een aantal keer aan Marc. "Wat heb je liever? Twee tientjes voor de kapster of dat jij de schaar erin zet?" Marc durft het wel aan. 
En ik zei nog; "Alleen die puntjes."
knip knip knipperdeknip knip
Ik zie de plukken vallen. Lange lokken, pluis en krul, korte sprietjes en dode punten. Allen groter dan die puntjes van een centimeter. Bij voorbaat gaf ik me over. Want misschien toch weer zo'n lekker kort koppie is zo gek nog niet. Geen haar meer in mijn ogen, geen klitten in de nek en na de douche droog in 2 minuten.
Wat ik in de spiegel aantref is zo gek nog niet. Er lijkt warempel nog model in te zitten ook! 
Puur beginnersgeluk.
Hij mag het nooit meer doen. Dat bijpunten.

Maar toch... Ik mis mijn lange lokken.


Eerlijk = eerlijk











Ik heb iets met pruiken. Het is maar goed dat ik een aantal heb liggen....

Donderdagbeleving XXI; Pijn

Als student te Rotterdam had ik eens haast en struikelde op de trappen die me van de metro naar de hal van het Centraal Station leidde. Met de knieschijf op een afgebrokkelde rand van een trede. Die pijn zal ik nooit vergeten, de spits-mens nooit vergeven. Ook niet dat ik met een bloedende knie ter plekke een kwartier of langer op die trap gelegen heb, zonder dat er ook maar één mens even stopte om te vragen wat er aan de hand was. Ik zag er alles behalve uit als een bezoeker van Perron 0, het liet me raden! Een klein litteken is nog altijd zichtbaar.

Marc belt me dat vrouw Ravelac heeft afgebeld terwijl ik in de rij bij de groentekraam sta. Het is vakantie voor velen, dan kunnen de kinderen mijn plaats innemen. Prima, heb ik eens de tijd voor het vele werk thuis dat ik iedere donderdag moet laten liggen. Eten bij Nadine en JP is een feest. Ook daar zijn kinderen en kleinkinderen aanwezig, de lange statige eettafel vol mensen en ik al reeds vergroeid ertussen als huisvriend. 
Omdat ik niet hoef te soppen en te strijken, grijpt Nadine haar kans om met mij bij de oudste vriendin van haar lief JP langs te gaan. De dame van een eind in de 90 heeft twee flinke cipressen staan en ze denkt dat er gesnoeid moet worden. Maar alles zit potdicht. De luiken, de poort, de zijdeur. Dus klimt Nadine via de betonnen elektriciteitspaal, op de 1.80 hoge zuil van het hek de tuin in. Ik volg, maar zie de twee enorme bouten over het hoofd die uit de paal steken en stoot mijn goede knie.
Mijn hoofd wordt vakkundig uitgeschakeld, ook al registeren mijn hersenen het signaal, mijn binnenste wil zich acuut omdraaien om mijn huid op zijn plaats te houden. Daar wordt de gemiddelde mens duizelig en misselijk van. Ik weet niet hoe ik mezelf op de bovenkant van de pilaar weet te hijsen. Het enige dat ik me realiseer, is dat ik op 1 meter 80 hoog heel erg duizelig van de pijn ben en mijn maag zich al wat keren heeft omgedraaid, geen weg wetend met de ondraaglijke 'sensatie'. Nadine heeft snel door waar ik zit, want ik begin zacht te schelden in het Engels-Nederlands dat ik niet, op haar verzoek met uitgestrekte hand, van die stenen zuil af kan. In principe zijn we aan het inbreken, ik zit voor schut langs de drukke weg. Ze blijft me geduldig aanmoedigen om de tuin in te springen, te landen op links alleen, terwijl rechts verlamd aan mijn lijf lijkt te bungelen. Ik voel een hand die mijn broek opstroopt en een goedje dat ze erop smeert...
De tijdspanne die ik op de zuil doorbreng ontgaat me volledig. Pas liggend op mijn rug op de vliezen van de cipressenvruchtjes, de ogen gesloten in een poging bij te komen, weet ik dat 17 niet gebeld hoeft te worden.  De oude dame blijkt wel thuis en nog in leven. Al doet het gesloten huis onder de enorme schaduw van die cipressen anders vermoeden. Ik blijf Badaboum smeren, de pijn is he-le-maal weg, de knie gaat nauwelijks zwellen en ik heb er goede hoop op zelf naar huis te kunnen rijden.
Maar in de auto, zonder Nadine's flesje Badaboum, komt de pijn ongenadig terug, omdat knie een gaspedaal en rem moet bedienen. Ik moet alle parkeerhaventjes gebruiken om de pijn met mijn hoofd te reguleren. Thuis ziet Marc me uitstappen met een gezicht dat alle Karma's vervloekt. Toch maar een paracetamol erin, cold-pack erop en diep ademhalen tot dat pilletje werkt.

Verplichte rust, been hoog, Badaboum op het juiste moment, een nachtje lekker slapen en ik loop weer. Niet als de kieviet, maar de vrees voor een ziekbed van enkele weken, krukken, dokter en ziekenhuisbezoek zijn geweken. 
Het blijkt maar weer dat ik geen stadsmens ben. Hier overkomt me hetzelfde als toen in Rotterdam Centrum. Maar de zorg en hoe snel de knie geneest, staan lijnrecht tegenover de ervaring van toen, als een junk genegeerd door de jachtige spits-mens in een overgeconcentreerd gebied.

Ik had dus tijd vanochtend om wat filmpjes te lijmen, van de week gemaakt in de moestuin april 2013.